‘Ja, en ik denk dat de andere tributen mij ook erg leuk vinden. Dus dat komt vast goed.’ De woorden van de jongen klinken een tikkeltje samenzweerderig, terwijl hij de presentator veelbetekenend aankijkt.

‘Hoe weet je dat zo zeker?’ Happig vraagt Caesar erop door, zo te zien precies ook Florians bedoeling. Geheimzinnig gebaart hij Caesar om dichterbij te komen. Voor heel even kan je zelfs hier, achter de schermen, een speld horen vallen.
      ‘Mag ik je een geheimpje vertellen?’ Afwachtend sla ik mijn armen over elkaar, terwijl ik Caesar gretig zie knikken. Florian pakt een briefje uit zijn broekzak en overhandigt dit met een serieuze blik aan de man. Deze opent het nieuwsgierig, terwijl er bij het publiek –en bij ons, dankjewel- een nerveuze spanning groeit.
      ‘Ik vind al sinds de Parade deze briefjes onder mijn kussen. En jij weet vast wel wat dat betekent, Caesar.’ Zou het mogelijk zijn om het nóg meer te rekken? Cynisch kijk ik naar het beeldscherm, waar de presentator een glimlach op zijn gezicht vertoont.
      ‘Het is een liefdesbriefje, van een andere tribuut.’ Collectieve-hap-naar-adem nummer één. ‘Lieve Florian, vanaf het moment dat ik je zag, was ik mijn hart aan je verloren.’ Collectieve-hap-naar-adem nummer twee. Ik doe echter moeite niet in lachen uit te barsten omdat het zo ontzettend slijmerig klinkt. Ik vraag me af wie dit geschreven heeft, want het is nog hopelozer dan de afzichtelijke mode van dit jaar.
      ‘Als je lacht, lijkt de wereld een stukje mooier.’ Hoe reëel is het eigenlijk dat iemand dit daadwerkelijk zou schrijven? Tijdens de training heb ik niemand gezie- maar ik lette dan ook niet op Florian, dat is waar. Maar nog steeds lijkt het me onzin. Nee, dit kan niet werkelijk zo gegaan zijn. Een verhaaltje voor het Capitool is logischer, en komt ook overeen met zijn vreemde enthousiasme die we vandaag voor het eerst zien. Maar wat een eigendunk, als hij dit zelf geschreven heeft. Hij lijkt wel te houden van overdrijven. ‘Lieve Florian, is er een kans dat je mij ook kan liefhebben?’ De zoetsappigheid van het briefje geeft me bijna kokhalsneigingen. Het kan niet dat een andere tribuut dit werkelijk geschreven heeft, dan heb je toch ook geen waardigheid meer over. Hij wil gewoon een mooie show. Glimlachend leest Caesar de laatste woorden van het briefje op.
      ‘Liefs,’ hier komt het, Amelia ofzo. ‘Adey.’
      Wat?
      Het publiek snakt als één man naar adem, waarna er een oorverdovend tumult van ontstelde kreten losbarst. Mijn cynische glimlach verdwijnt als sneeuw voor de zon, terwijl ik als bevroren tegen de muur leun, niet in staat me te bewegen. De kleine, arrogante kwal. De klóótzak. Op het beeld pakt Florian het briefje zelfingenomen weer terug en zegt iets, wat ik niet eens hoor. Een tintelende hitte bouwt zich op vanuit mijn middenrif en verspreid zich door mijn hele lichaam, tot de uiteinden van mijn vingertoppen. Pas als Florian opstaat en Caesar hem een hand geeft, komt mijn gehoor terug en dooft een sluwe kilte de onbeheerste woede die op het punt stond om tot een uitbarsting te komen. Ik plak een gemaakte, o-kijk-mij-nou-eens-ik-ben-verliefd glimlach op mijn gezicht en loop naar de pilaar rechts onderaan de trap waar Florian zo vanaf komt. De commotie van de stylisten achter me is heel, héél vervelend.
      Zijn zelfverzekerde grijns verbreedt als zijn blauwe ogen de mijne vinden. Hij neemt er rustig de tijd voor om de trap af te lopen en wuift ook zijn team weg.
      ‘Florian.’ Ergens vraag ik me af of mijn stem nog zoeter kan klinken dan dit. Waarschijnlijk niet. Hij grijnst.
      ‘Dag, honingbijtje van me.’ De pestende bijnaam doet me eigenlijk vrij weinig. Heen-en-weer pesten hebben we nu wel weer gehad.
      ‘Mijn Suikerprinsje. We moeten even praten.’ De korte blik van walging na mijn benaming geeft me toch nog iets voldoening. Zijn grijns neemt het echter meteen weer over en even zie ik een glimp van plezier in zijn ogen.
      ‘Wel, zoals ik in mijn interview al zei, de lift is te gezellig daarvoor.’ Hij maakt een kleine buiging en wijst met zijn handen in de richting van de liften. De lach op mijn gezicht haalt mijn ogen in de verste verte niet. Mooi. Als ik hem daar sla, is er niemand die het ziet. Zonder pottenkijkers hoef ik geen verklaring te verzinnen waarom ik mijn ‘’Lieve Florian’’ zonder pardon in het gezicht sla.
      ‘”Hoe kan iets nou te gezellig zijn?’’ Ja, ik weet het nog.’ Het lukt niet mijn irritatie te verbergen en eigenlijk heb ik ook geen zin om moeite te gaan doen.
      ‘Die vraag heb je al eens eerder gesteld en volgens mij weet je het antwoord daar zelf ook wel op.’ Florian lijkt mijn sarcasme niet op te merken, of negeert het bewust, terwijl hij op het knopje van de meest linkse lift indrukt. Zodra die openspringt, trek ik Florian aan zijn jasje mee de lift in, voordat Cabe of elke andere willekeurige tribuut ons, en vooral mij, zou kunnen zien. Ruw druk ik op het knopje dat ervoor zorgt dat de deuren dichtgaan, zonder nog op een verdieping te drukken.
      Terwijl de deuren sluiten, en Florian daar opeens erg geïnteresseerd in lijkt te zijn, trekt het tintelende gevoel weer door mijn vingers. De deuren zijn nog niet eens dicht als ik me werkelijk niet meer kan beheersen. Met al mijn woede haal ik plotseling fel uit naar zijn gezicht. Het geluid van de klap echoot nog even door de stille lift.
      ‘Mijn liefste schat.’ De deuren sluiten zich eindelijk met een zuigend geluid. ‘Waar was jíj mee bezig?’ Ik neem de moeite niet eens om mijn emoties voor Florian te verbergen. Ik ben razend en dat weet hij ook wel.


Ghehe.

Reacties (4)

  • Slughorn

    Hahaha ik vind dit nog steeds zijn meest geniale actie ooit (':

    4 jaar geleden
  • Moonwaves

    Verder:)

    4 jaar geleden
  • fin_de_vers

    Oh gosh, ik zag hem al aankomen 😂😂 Fladey for the win of course.

    4 jaar geleden
  • Samanthablaze

    Oh jee Florian, nu zit je in de problemen jongen...

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen