Avondir is gewoon een willekeurig opgezochte naam...

De wind waait erg hard door Acacia's haar. Het is koud, maar dat is ze gewend.
Maar nu beseft ze dat ze niet goed heeft nagedacht. Waar moet ze heen?
En nu ze weer begint te piekeren, beginnen haar voeten ook te steken.
Nidilia voelt aan dat ze gefrustreerd is, en ze brult even.
'Ja, Nidilia, ik heb niet goed nagedacht. Ik had hulp moeten vragen van een spoorzoeker,' zegt ze. Dan bedenkt ze iets: draken kunnen ook dingen opsporen!
Had ze nou maar iets bij zich dat van haar zusje is...
Natuurlijk, ze heeft dat dekentje bij zich! Dat dekentje, dat ze bij zich heeft zodat dat haar zusje kan kalmeren!
Snel vraagt ze aan Nidilia: 'Vlug, volg haar spoor. Dit kan je!'
De draak brult luid en vliegt dan, nog sneller dan eerst, verder.

Een paar uur later zijn zowel draak als rijder uitgeput. Gelukkig komt er eindelijk land tevoorschijn.
Zodra Nidilia merkt dat Acacia in slaap is gevallen, landt ze op de grond.
Dan valt de draak ook in slaap...

Nog een paar uur later wordt Acacia weer wakker. Maar er klopt iets niet.
Er ligt een net over haar en Nidilia heen!
Ze pakt snel haar zwaard, maar ziet dan dat het net van metaal is.
Dan komt er iemand met een capuchon op haar af.
'Hé! Heb jij me opgesloten?' vraagt ze.
Het vreemde figuur komt op haar af, en zet zijn capuchon af. Er komt bruin, krullend haar tevoorschijn en twee lachende, lichtgroene ogen.
Acacia lijkt even overdonderd, maar dat zet ze snel van zich af.
'Wie ben je?' vraagt ze.
'Mijn naam is Avondir, maar noem jij me maar Avon,' zegt hij. 'En wat is jouw naam, ridder?'
Acacia aarzelt even, maar zegt dan haar naam. 'Mijn naam is Acacia.'
'Boself, of niet soms?'
'Nou, eigenlijk ben ik één derde sterrenelf, één derde zwarte elf en één derde boself,' zegt Acacia. Waarom vertelt ze nou zoveel over zichzelf?
'Cool,' mompelt Avon.
'Maak je me nu nog eens los?' vraagt Acacia.
Avon maakt haar snel los.

Reacties (2)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen