Trouwens, Nidilia is tussen de 15 en 20 jaar oud...
(En sorry als dit hoofdstuk maar niks is, ik ben gewoon geïnteresseerd in aura's en ik bedacht me hoe Acacia's aura eruit zou zien... tja, je weet hoe dat gaat...)

Acacia zit voorop in het zadel, en achter zich hoort ze Avon schreeuwen. Hij houdt niet van vliegen, maar hij moet wel.
'Is het nog ver?' vraagt hij.
'Geen idee! Je moet geduld hebben!' roept ze terug.
Avon gaat weer zitten mokken, en merkt niet dat Nidilia een spoor oppikt.
'Ze heeft wat!' roept Acacia op dat moment.
'Wat?' vraagt Avon versuft.
'Een spoor, domkop!'
De draak vliegt dan een verdord gebied in.
'Alles lijkt hier verbrand...' mompelt Acacia, en ze kijkt om zich heen.
'Hoe is dit mogelijk?' vraagt Avon.
'Geen idee, maar Nidilia is de landing aan het inzetten. Kijk, daar staat een huisje!'
'Wie zou hier nou wonen?'
'Het is zo te zien een herberg. We zouden hier even kunnen overnachten.'
'Dat zou... oké zijn.'
Dan landt Nidilia ruw op de grond.
De twee jonge elfen springen uit het zadel, nou ja, Avon valt eruit.
Ze lopen nog steeds op hun hoede naar de herberg, en doen de deur open.
Het is een vrolijk huisje, waar een paar families vrolijk zitten te eten. Er klinkt muziek en er komt een heerlijke geur uit de keukens.
Avon loopt naar de balie, waar een aardig ogende man staat.
'Hallo, mijn, eh, vriendin en ik zouden graag een kamer willen boeken, voor één nachtje.'
'Dat kan, natuurlijk. Is dat je vriendin?' vraagt de man, met een blik op Acacia. 'Goed gescoord, zeg.'
'Nee, ze is mijn vriendinnetje niet! We zijn gewoon vrienden,' zegt Avon snel.
'Natuurlijk, als jij het zegt. Blijven jullie even beneden? Er begint zo een voorstelling, die moeten jullie echt zien! Er komt een dame die aura's kan lezen!'
'Kost dat geld?'
'Nee.'
'Dan doen we het!'
Avon loopt naar Acacia toe en trekt haar mee naar een tafeltje.
'Wat heb jij opeens?' vraagt ze.
'Er komt zo een mevrouw die aura's kan lezen! Dit moeten we zien!'
'Hm, ik weet niet of je dat moet geloven...'
'Al is het niet waar, het blijft cool.'
Daar moet Acacia hem wel gelijk in geven, maar daar krijgt ze geen tijd voor; de voorstelling begint.
Er komt een vrouw van rond de twintig aanlopen, uitgedost met armbanden en kettingen.
'Ik ben hier om jullie persoonlijkheid te lezen. Ik kan met één blik zien wat voor karakter jij hebt!' zegt ze.
Dan loopt ze naar een klein meisje toe, en zegt daarbij: 'Ik kan in jouw aura zien dat jij liefdevol, rustig en meegaand bent. Laat geen misbruik van je maken, blauwe aura...'
Dan gaat ze verder met een volgend slachtoffer.
'Dit is toch leuk, Acacia! Geniet eens!' zegt Avon, maar op dat moment komt de vrouw op de twee elfen af.
'Jij, jonge elf, bent een gele aura. Je probeert altijd mensen op te vrolijken,' zegt ze tegen Avon.
Hij begint rood te worden, en grijnst.
'En jij, jonge ridder, hebt een speciale aura,' vervolgt ze tegen Acacia.
'Hoe weet u dat ik een ridder ben?' vraagt Acacia geschrokken, maar geïnteresseerd.
'Je draagt een zwaard, meisje. En jouw aura straalt moed uit, wijsheid, eenzaamheid en bescherming. Jouw aura is een mengeling van de kleuren groen, blauw, violet en lila. Dit is een bijzondere aura, jonge ridder. Verlies nooit je vrienden uit het oog, aangezien je al eenzaam bent...'
Acacia staart daarna een paar minuten wezenloos voor zich uit, en Avon haalt zijn hand voor haar gezicht heen en weer.
'Hallo? Aarde aan Acacia, aarde aan Acacia!'
Opeens schrikt het meisje op, verontschuldigt zich en pakt dan de sleutel van hun kamer. Snel loopt ze de trap op.
Avon staart haar na, en rent er dan achterna.

Reacties (2)

  • artinandwritin

    Ja, Acacia dus ook... Ach ja ik vind het zelf normaal.

    4 jaar geleden
  • Allmilla

    Ik zou het maar eng vinden als er iemand naar mij toekomt en mijn aura zou lezen...:S

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen