2008



Prologue

Een frisse avondbries, liet mij mijn handen in mijn zakken van mijn vest steken. Schoppend tegen een leeg flesje bier aan, liep ik schuifelend over straat, de kerkklok had zojuist 8x geslagen, ten teken dat het volgende uur al verstreken was. Kort schudde ik mijn hoofd. De verschillende restaurants waar ik voorbij liep, zaten vol met stelletjes, die hand in hand, of vrolijk grijnzend elkaar aan zaten te staren. Een gruwelijke gezicht, dat geklef, in het openbaar.
Ik snapte niet dat ze zich daar niet voor schaamde, elkaar zo in het openbaar af te lebberen.
Het beeld van mijn ouders doemde weer in mijn hersenpan, mopperend stapte ik de straat over.
Op dit tijdstip werd de stad rustiger, op de jongeren na, die doken juist de geopende discotheken in, om zich te bezatten. Ook Emma en Lotte, mijn twee vriendinnen, waren met een of andere vreemde kerel meegegaan. Ik had mijn hoofd doen schudden, kende de man niet, dus weigerde bij hem in te stappen. De twee bleven er op aandringen, waardoor ik met een klap de portier had dicht geslagen, bij de wagen vandaan stapte.
'Zoek het uit' had geroepen en de steeg ingeschoten was.
Ik wist dat het ergens slecht was mijn twee vriendinnen achter te laten.
Maar in mijn eentje kon ik vrij weinig beginnen tegen mijn twee vriendinnen, die wel met de gozer mee wilde.
Het voelde slecht, gevaarlijk. Al wist ik dat ik dan wel de jongste van het groepje was, dat mee de stad in ging, toch wist ik dat er gevaarlijke personen op de aardbodem rond wandelen, die niet zomaar vergevingsgezind zijn. Die het slecht met je voor zouden kunnen hebben, je misschien wel pijn kunnen doen. Ik schudde mijn hoofd, ik moest daar niet aan denken. Emma en Lotte konden zich zelf prima redden.
Ik was zo diep in mijn hersenspinsels geraakt dat ik een stuk weg was ingelopen wat ik niet herkende.
Zoekende naar de weg terug, richting huis, hoorde ik mijn tikkende voetstappen tegen de stoeptegels tikken. Enkel ander geluid wat ik eerder nog had gehoord, was vervlogen. De straat, eerder gezegd, de weg was uitgestorven. De bomen waren dicht begroeid, en ergens kreeg ik er wel licht de kriebels van. Twijfelend, greep ik naar mijn broekzak, voor mijn telefoon. Een vluchtige blik erop, vertelde mij dat het inmiddels al half 10 was geweest.
Een nieuwe zucht rolde over mijn lippen.
Kort knipperde ik met mijn ogen, door een paar felle lichten dat mij te gemoed leek te komen.
Het gevaarte wat het felle licht veroorzaakte was een blauw gekleurde oude camper, een van de schuifdeuren werd geopend. Ruw werd ik ineens beet gegrepen. Er een plastic zak over mijn hoofd getrokken, op iets kouds, ijzers gedrukt. De deur van de camper, schoof dicht, met piepende banden, reed de wagen de weg verder af, naar het diepe donkere onbekende. Iedere keer wanneer ik wilde gaan gillen, trok ik de plastic zak wat over mijn hoofd getrokken was, met loze lucht mijn mond/keel binnen. Waardoor het zowat leek of ik stikte.
Tranen voelde ik glijden over mijn wangen, snikken verlieten mijn mond.
'Laat mij gaan' riep ik met een hesé kreet.
Een harde doffe dreun voelde ik mijn hoofd raken, voordat het helemaal zwart blakerde.


De hoofdpersonage is in dit hoofdstuk, wordt in 2008 ontvoerd!!
Het verhaal heeft verschillende jaartallen, zie rechterbovenhoek...
Het verhaal eindigt, in het jaar 2025!!

Reacties (1)

  • Pusheen_The_Cat

    OHHHNEEEE, ik krijg rillingen van dit verhaal
    hij is goed !!!!!
    dankje voor het melden, me like this:Y)
    kudo en een kusje(K)

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen