Foto bij Hopeloos en in de war

Oké, deze en het volgende of een deel van het volgende hoofdstuk zullen gewoon wat bonus hoofdstukken worden, niet heel erg van noodzaak voor het verhaal. Maar ik kon het gewoon niet laten om dit er nog ff in te doen!
En lol, ik dacht dat dit een 'kort hoofdstukje' zou worden en misschien niet genoeg voor één hoofdstuk. Bwahahaha, volgens mij is dit mijn langste hoofdstuk ooit!
Ik denk dat ik een beetje op ging in het schrijven :3 ;-)

Zen

Ik lag op mijn bed een boek te lezen toen ik beneden iemand op de deur hoorde kloppen. Ik legde het boek weg en rende naar beneden. Dat moest Brendon vast zijn. 'Hoi.', zei ik, hopend dat hij de trilling in mijn stem niet kon horen. 'Hoi, ik had van Feline gehoord dat je ergens met me over wilde praten?' 'Eh, ja. Ik wou je wat vertellen.' Ik schraapte mijn keel. 'Kom binnen.' Ik zette wat thee en ging tegenover Brendon zitten. 'Waar is je vader?', vroeg hij. 'Weg, voor zaken voor de winkel. Hij komt morgen ochtend pas weer terug.' Brendon klapte in zijn handen. 'Gooi het er uit, vriend.' Ik schraapte opnieuw mijn keel. Ik wist dat als ik ging praten mijn stem zou trillen, net als mijn handen deden. Mijn wangen werden warm. Kom op, spoorde ik mezelf aan. Je hoeft toch niet bang te zijn om het aan Brendon te vertellen? Hij is je beste vriend en hij heeft er ten slotte niet eens iets mee te maken! Ik zuchtte. 'Luister Brendon, je bent mijn beste vriend en zeker nu je met mijn zusje gaat vind ik dat je het recht hebt het als eerste te weten.' Ik haalde nog een keer diep adem, waarom had ik hier zo'n moeite mee? Zo erg was het heus niet hoor. 'Ik... eh.. ik ben verliefd.' Er viel een pak van mijn hart nu ik het eindelijk aan iemand vertelde, maar dit was nog niet het moeilijkste gedeelte. Brendon grijnsde breed. 'Krijg ik de eer ook te weten op wie?' Ik knikte en werd rood. 'M-Marcus.', stamelde ik. Ik schaamde me en durfde niet naar Brendon te kijken. Zou hij me uitlachen. 'Marcus?', vroeg hij. Misschien dacht hij dat hij me niet goed had verstaan. Ik knikte en voelde mijn lip een beetje trillen. 'Waarom gedraag je je alsof er iemand dood is?', vroeg Brendon verbaads. 'Dat is toch juist geweldig nieuws!?' Geweldig nieuws!? Wat dacht die gast wel niet? 'Vind je dat niet vreemd?' 'Nou, ik had nooit verwacht dat jij homo zou zijn-' 'Bi.', onderbrak ik hem. 'Dat ja, maar ik ben blij voor je. Verliefd zijn is toch juist leuk?' Ik zuchtte. 'Brendon, je doet echt alsof ik je verteld dat we verloofd zijn! Luister, Marcus zou echt niet iets voor mij voelen hoor! Alleen omdat hij homo is betekend niet dat hij alle jongens leuk vind! En zulke hechte vrienden zijn we niet, hij kijkt amper naar me!' Ik keek in mijn thee en mompelde: 'Volgens mij is hij al op een ander.' 'Oh ja, wie dan?' Het was niet alsof Brendon nieuwsgierig was, hij wou gewoon bewijzen dat ik fout zat. 'Dat weet ik niet, maar soms lijkt het alsof hij laat doorschemeren dat hij verliefd is.' 'Misschien wel op jou.' Mijn hart sprong op maar ik kon alleen maar mijn hoofd schudden. Brendon gaf me een bemoedigende klap op mijn arm. 'Wees eens wat zekerder. Ja natuurlijk, ik weet het! Liefde vreet je zelfvertrouwen op, ik heb het zelf meegemaakt, maar toch moet je altijd hoop hebben. Blij zijn met de kleine dingen.' En tien was het even stil. In stilde dronken we onze thee. 'Ik mis hem.', zei ik zacht. 'Natuurlijk, dat snap ik.' Ik zuchtte hopeloos. 'Het probleem is dat ik hem altijd mis. Als ik weg van hem ben verlang ik naar hem en wanneer ik bij hem ben is het alsof ik niet genoeg heb. Alsof we toch nog zo verweg zijn, alsof hij altijd naar een ander kijkt.' Misschien was ik aan het overdrijven, maar zo voelde ik me, altijd met onvervulde verlangens. 'Ik stel me vast aan.', zei ik met een lachje. 'Nee, ik begrijp precies hoe je je voelt. Jij overdrijft echt niet, je bent één van de stoerste mensen die ik ken en overdrijven is niet iets voor jou.' Ik glimlachte scheef naar hem. 'Weet je nog met Erza en Matsuda hun verjaardag? Ik denk het niet, de meesten van ons waren stapeldronken.' Brendon lachte. 'Ik kan me er inderdaad niet veel meer van herinneren, allen dat ik de volgende dag een enorme kater had en dat ik volgens mij met Matsuda gezoend heb.' Ik lachte. 'Dan hoop ik maar dat hij dat ook niet meer kan herinneren.' Ik nam mijn laatste slok thee en zette de beker weg. 'Marcus en ik hebben toen gedanst. We waren ook dronken, niet gedacht dat ik dat ooit nog zou worden, dus ik denk dat hij het niet meer weet. Maar het moment waarin zijn gezicht zo dicht bij was geweest is in mijn geheugen gegrift. Sins dien voel ik me zo, dat ik hem altijd mis.' 'Het komt wel goed, echt. Op wat voor manier dan ook.' Met trillende handen zette ik de kopjes weg. Ik snapte mezelf even niet meer, snapte niet waarom dit allen me zo raakte. Het was alsof mijn stalen hart opeens van glas was. En het brak. Ik begon te huilen. 'Zen!', riep Brendon geschrokken. Hij rende naar me toe en sloeg zijn sterke armen om me heen. Ik legde mijn gezicht tegen zijn schouder en balde mijn handen tot vuisten. Ik voelde me een watje, hij had toch ook niet gehuild om Feline? 'Ik ben een watje.', snikte ik. 'Natuurlijk ben je dat niet. Hoe lang is het gelden dat je gehuild hebt? Vier jaar toen je moeder stierf? Dat zegt dus behoorlijk wat. Over de situatie en over jou.' Ik had het eerst niet door, maar toen hoorde ik iemand de deur sluiten. Geschrokken liet ik Brendon los. 'Feline.', zei ik geschrokken. Ik dacht dat zij pas weer in de avond terug zou komen! Geschrokken keek ze naar mij. 'Zen! Wat is er aand e hand? Waarom huil je?' Ik veegde hauw te tranen weg. 'Niks.' 'Niks?! Ik kom thuis en tref mijn broer voor het eerst in vier jaar weer huilend aan en dan moet ik geloven dat er niets is?!', zei ze pissig. Brendon keek me ook een beetje beschuldigend aan. Misschien zou ik het haar toch wel moeten vertellen, ik was haar grote broer tenslotte. 'Oké, maar ik wil niet dat je nog wat tegen papa zegt. Ik wil het hem zelf vertellen als het daar tijd voor is.' 'Ja natuurlijk, op mijn kun je vertrouwen.' Ik bedacht dat ik het misschien anders aan Feline kon vertellen dat dat ik bij Brendon had gedaan. 'Ik ben biseksueel.' Ik zag haar even verward knipperen en toen keek ze Brendon vragend aan. 'Wat is daar erg aan? Waarom huil je daarom?' Ze giechelde even. 'Om eerlijk te zijn wist ik altijd al wel dat je op jongens valt.' 'Wat moet dat nou weer betekenen?' Ze giechelde opnieuw. 'Nou ja, er is altijd wel iets... ehh... "speciaals" aan jou geweest.' Ik keek Brendon verontwaardigd aan. 'En daar ben jij verliefd op?' Feline voelde aan dat ik het onderwerp probeerde te veranderen. 'Maar waarom huilde je dan? Ik zie aan je dat dat niet de reden was.' 'Eh nee, inderdaad. Ik ben verliefd.' 'Op wie!?' 'Marcus.', zuchtte ik. Het leek nu toch wel wat makkelijker allemaal, nu ik er over had kunnen praten. 'Oh. En hij dus niet op jou? Ben je afgewezen?' 'Nog niet.', zuchtte ik. Voordat ik iets kon zeggen viel Brendon me in de reden. 'Hij is gewoon onzeker, iets wat ik begrijp. Hij moet wat meer vertrouwen in zichzelf krijgen. Het is moeilijk voor hem.' Feline knikte. 'Dat snap ik, zo was ik ook over jou Brendon. Ik sta achter je Zen, op mij kun je vertrouwen.' Ik voelde een enorme opluchting in mijn buik. 'Dank jullie wel.' Feline omhelsde me en ik sloeg mijn arm om haar zij heen.' 'Echt waar, dank jullie.'

twee weken later
'Hoi Zen!' Ik keek geschrokken om. Ik had er niet op gerekend iemand tegen te komen op weg naar de winkel. Ik kwam net uit mijn bed, dus mijn haar stond warrig alle kanten op. Het enige wat ik drieg was een zwart, veel te groot shirt en de grijze korte broek waar ik in had geslapen. Een erg goede nacht had ik niet gehad en er zaten wallen onder mijn mosgroene ogen. Ik was alleen even naar de winkel gegaan omdat mijn vader gisteren het zout was vergeten. Ik werd rood, het was Marcus. 'H-hoi.', zei ik gespannen. Ik had hem bijna niet gezien de laatste tijd en ondanks dat ik blij was zijn mooie gezicht weer te zien voelde ik me ongemakkelijk, erger dan ooit. 'Haha, ook net wakker neem ik aan?' 'Ja.' hik Ik sloeg geschrokken mijn hand voor mijn mond. Waarom moest ik nou net nú de hik krijgen? Marcus begon te lachen. Ik was vergeten hoe zijn lach klonk en het maakte me vrolijk het weer te horen. Ik wou wat zeggen maar opnieuw hikte ik. Hij lachte opnieuw en ik grinnikte ook. 'Haha dat klinkt schattig.', zei hij. Ik lachte de schaamte er van af en vervloekte mezelf omdat ik diep bloosde. hik 'Moet je wat drinken?', lachte Marcus. 'Nou graag.', lachte ik ook. Ik probeerde zo luchtig mogelijk te doen en dat lukte. Hij pakte zijn veldfles. 'Ik heb er al uit gedronken, maar dat vind je toch niet erg?' Ik schudde mijn hoofd en toen ik de fles aan mijn lippen zette schoot er meteen door mijn hoofd: nu hebben we indirect gezoend Ik gaf mezelf inwendig een uitbrander omdat ik daar aan dacht. Zulke gedachtes waren vreemd, ik moest ze niet hebben, het was creepy. 'Dank je wel.' Ik voelde dat de hik voorbij was. 'Oh ja Zen,' De manier waarop hij mijn naam uit sprak gaf me een rilling over mijn rug. Het was alsof mijn hele lichaam in de war was als ik bij hem was. Een teken dat ik dus echt hopeloos verliefd was. 'Ja, wat is er?' 'Er was nog wat wat ik je wou vragen. Want ik zat dus zo te denken; eigenlijk zien wij elkaar bijna nooit alleen. De anderen zijn er altijd wel bij, en zo lijkt het alsof ik je niet echt over dingen kan spreken. Iets wat ik jammer vind, dus zullen we een keer wat gaan eten of zo?' Het was alsof ik droomde... Alleen zijn met hem, samen wat eten... 'Ja, dat lijkt me super.' 'Nice man, wanneer?' Ik haalde mijn schouders op. 'Ik heb zeeën van tijd.' 'Morgen avond misschien?' 'Ja, is prima.', de vertrouwde kriebels kwamen terug en als ik niet in het openbaar was had ik gegromd van frustratie. Wat gebeurde er toch allemaal met me!? 'Gezellig.', zei ik met een grijns. 'Dan zie ik je morgen! Bij mijn huis afspreken?' Ik fronste. 'Sorry, maar waar woon jij eigenlijk?' 'Naast de bibliotheek, maar ik kom wel naar jou huis toe anders.' 'Oké, tot dan.' Ik kon het niet laten hem na te kijken, zelfs de manier waarop hij liep was aantrekkelijk. Voor mijn gevoel liep ik meer als hoe een boom op pootjes zou lopen. Lang, lomp en slungelig. Ten minste, zo voelde het wel. Lang zijn had zo zijn nadelen.

Het was de volgende dag, over vijf minuten zou Marcus me komen halen. En ik was doodnerveus. Echt, écht, dóódnerveus. Ik stond voor de spiegel en probeerde mijn witte lokken in model te kammen. Ik moest bukken om inde spiegel te kijken, de spiegel was op Feline's hoogte omdat ik er normaal bijna nooit in keek, normaal gesproken maakte me het niet heel veel uit hoe ik er uit zag, ik kende mijn eigen gezicht. Maar nu... Alles wat ik met mijn haar leek te doen, op welke manier dan ook ik mijn overhemd recht trok, het leek allemaal maar niet goed genoeg. Zelfs mijn gespanen gefronsde wenkbrauwen irriteerde me op dit moment. Dat was eigenlijk niks voor mij, ik was altijd tevreden met mijn uiterlijk geweest. James had me een keer verteld dat vrouwen op lange mannen vielen en dat had ik in die tijd leuk gevonden. Maar ja, over andere mannen had hij me dan weer niets verteld. Natuurlijk niet. Ik wou geen stropdas om doen, dan zou Marc denken dat ik het nog als een date zou gaan zien, maar nu leek het overhemd weer te kaal. Sjees, ik gedraagde me als een vrouw! Ik zag er prima uit! Ik sloeg gefrustreerd met mijn handen op de wastafel en liet mijn hoofd hangen. Feline kwam binnen lopen en keek me een beetje bezorg aan. 'Gaat het goed? Waarom draag je een overhemd?' 'Hoe zie ik er uit?', vroeg ik. 'Wat? Ehh, prima hoor. Je weet tichd at je er gewoon goed uit ziet? Waarom wil je dat weten? Ga je ergens naar toe?' 'Eten met Marcus.', bromde ik verlegen. Er verscheen een grote grijns op haar gezicht en ze wiebelde met haar wenkbrauwen. 'Oh hou toch op, het is gewoon wat eten om wat bij te kletsen.' 'Waarom draag je dan een overhemd en wil je weten hoe je er uit ziet?' Ik zuchtte. 'Ik wil er gewoon netjes uit zien oké? En wil je me per sé horen zeggen dat ik er leuk uit wil zien voor hem?' 'Ja.' 'Prima, ik wil er aantrekkelijk uit zien voor Marcus. Nou gelukkig?' 'Ja.', zei ze met een duivelse grijns. 'Fellie, je bent ongelofelijk, waarom ga je niet lekker Brendon pesten?' Haar gemene grijns veranderde in een warme. 'Sorry, ik plaag je maar. Je ziet er geweldig uit, ik hoop dat je plezier hebt en een beetje kunt ontspannen.' 'Echt?', vroeg ik zacht. 'Echt, en nu vertrekken met dat knappe koppie van je, anders kom je te laat.' Ik lachte en wou weg lopen tien ik haar hand om mijn pols voelde sluiten. 'Heb je het pa al verteld?' Ik schudde beschaamd mijn hoofd. 'Ik weet echt niet hoe.' 'Hoe lang ben je al verliefd?' Ik bloosde. 'Sinds die keer dat hij zijn arm om me heen sloeg op vakantie.' Feline keek me beschuldigend aan. 'We eten je echt niet op omdat je op een jongen verliefd bent hoor.' 'Ja prima.' 'Echt!', zei ze dringend. 'Je moet je niet zo veel zorgen maken, mijn beste vriendin Aki is ook bi en zij leeft ook nog steeds. Volgens mij maak je je veel te veel zorgen om niets.' 'Zen!', riep mijn vader an beneden. 'Er staat iemand aan de deur!' Mijn hart sprong op en ik rende de badkamer uit na Feline een knuffel gegeven te hebben. Buiten adem verscheen ik in de woonkamer. 'Hoi Zen!', riep Marcus blij. 'Hoi.', hijgde ik. 'Ga je uit?', vroeg mijn vader. 'Gewoon wat eten.', antwoordde ik. 'Oké, veel plezier.' De deur sloot achter me en ik was alleen met hem. 'Sorry, ik was nog even boven.' 'Maakt niet uit hoor.' We liepen naast elkaar in een zo wat ongemakkelijke stilte. 'Dat overhemd staat je goed man, ik had er ook eentje moeten aan trekken.' Ik bloosde opnieuw, waarom moest hij me zo ook complimenteren!? 'Thanks, jij ziet er ook goed uit zonder hoor.' Marcus lachte. 'Zonder overhemd of überhaupt zonder shirt?' Van de zenuwen schoot ik in de lach. 'In je normale shirt bedoelde ik, gek! Ik heb je niet eens zonder shirt gezien man!' 'Oh dat mag wel hoor.', ik schoot in de lach toen hij deed alsof hij wou gaan strippen. 'Jawel hoor trouwens, toen we met z'n allen gingen zwemmen.' 'Oh ja.', zei ik verlegen. 'Nou, blijkbaar heb ik dus geen indruk gemaakt.' Ik kwam tot de conclusie dat ik maar gewoon moest lachen elke keer dat ik niet eist wat ik moest zeggen of als ik te nerveus was. 'Dit is leuk.', lachte hij. Ik knikte alleen. 'Waar gaan we naartoe?', vroeg ik om op een iets minder ongemakkelijk onderwerp te gaan dan Marcus' blote lichaam. 'De verdronken gnoe, dat is oké toch?' 'Natuurlijk, leuk.' Ik staarde naar de grond. 'Is er iets?', vroeg hij. 'Huh? Wat? Nee.' 'Je keek zo stil, ik dacht dat er misschien iets aan de hand was. Sorry, ik heb gewoon een beetje de indruk dat je niet op je gemak bent. Ik wil je nergens in mee slepen wat je niet wilt.' 'Nee! Nee ik ben oké, maak je geen zorgen, ik heb het naar mijn zin.' 'Mooi zo, maar je kunt het gerust zeggen als er iets is.' 'Ja.' Ik kon het hem niet kwalijk nemen dat te denken, ik wás gespannen, niet mijn relaxde zelf. Er was weer een ongemakkelijke stilte. Ik wist niet wat te zeggen, bang om wat te verpesten. Nu ik naast hem liep zag ik dat Marcus niet heel veel kleiner was dan ik. Daar was ik blij mee, ik was bang geweest te veel op hem neer te moeten kijken, maar zijn kruin kwam tot de bovenkant van mijn neus. Matsuda, die tot mijn ogen kwam was altijd na mij altijd de grootste geweest, maar nu was Wes die het tot boven mijn wenkbrauwen haalde langer. Ik hoopte dat hij me voorbij zou groeien. 'We zijn er, Zen.' Ik keek op naar het vernieuwde gebouw. Marcus wou de deur openen, maar ik was hem voor en hield de deur voor hem open. Gevleid passeerde hij me. 'Dank je, je bent een echte gentlemen.' Hij lachte. 'Zo, nu zit er eens wat kleur op je wangen.' Ik zuchtte verslagen. Hij wist dat hij me had laten blozen. Hij gaf me een vriendschappelijke klap op mijn schouder. 'Ik plaag je maar.' Met succes, dacht ik. We kozen een tafeltje ergens achterin en ik keek om me heen. Wacht, Suzy en Erza werkten hier toch ook? Hmm, misschien waren we toch niet helemaal alleen. Was hij hier expres heen gegaan? 'Zijn Suzy en Erza er niet?', vroeg ik. Marcus schudde zijn hoofd. 'Die werken maar drie dagen in de week, ze zijn er vandaag niet.' Ik zette mijn vuist over mijn kin en leunde zogenaamd nonchalant naar voren. 'Zo zo, dat weet jij goed. Je zou bijna denken dat je geïnteresseerd bent in meisjes.' Lachend haalde hij zijnhwnd door zijn haar. 'Ik kom hier vaak, deze tafel is mijn favoriet.' 'Het is ook een prachtig plekje.', gaf ik toe. Ik keek om heen, mijn blik viel op een mooi schilderij die aan de muur hing. 'Waar kijk je naar?', vroeg Marcus geïnteresseerd, en hij draaide zich om. 'Oh, ik zie het. Leuke serveerster, is het niet? Ik moet toe geven, dat jurkje staat haar goed. Geen type voor jou?' Ik lachte. 'No way, echt niet. Ik keek naar dat schilderij.' Marc keek me aan alsof hij me niet helemaal geloofde, iets waar ik me een beetje zorgen over maakte. 'Oh, ze komt deze kant op. Één water en het vleesmenu alsjeblieft.' 'Ook een water en het vegetarische menu.' Toen ze weg was vroeg Marcus: 'Oh, je bent vegetariër? Sinds wanneer?' Ik slikte even. 'Vier jaar geleden ben ik begonnen. Mijn moeder was altijd vegetariër en toen ze stierf wou ik dat overnemen.' 'Oh.', zei hij geschrokken. Hij raakte even zachtjes mijn hand aan. 'Dat heb ik nooit geweten, dat je moeder er niet meer is. Wat erg.' Marcus keek me bezorgd aan, bang dat hij een verkeerd onderwerp was begonnen en dat ik misschien verdrietig zou zijn. Maar hoe zou ik verdriet kunnnen voelen als ik onder de hypnose van die grote bruine ogen was? Ik wist ook niet goed wat ik zeggen moest. 'Ehh, ja.', was het enige wat ik uit kon brengen. We keken elkaar recht in de ogen en dat leek maar door en door te gaan. Het was alsof de tijd stil stond. Voelde Brendon zich zo ook als hij naar mijn zusje keek? Marcus kwam tot de conclusie dat ik niet verdrietig was en vroeg toen: 'Hoe oud was je dan tien ze stierf?' Ik dacht even na, iets wat moeilijk was. 'Zeventien.', zei ik toen. 'Ben je nog maar eenentwintig?' 'Ja.', zei ik onzeker. 'Wauw, nooit geweten dat er twee jaar verschil tussen ons ziet. Je ziet er zo volwassen uit.' Ik grijnsde. 'Dat komt denk ik door mijn lengte.' 'Nee, je ziet er ook gewoon volwassen uit. De manier waarop je gedraagt straalt een kalmte uit wat de meeste jongeren niet doen.' 'Is dat een goed of een slecht iets?' 'Goed natuurlijk!', lachte hij. 'Ik wou dat iemand mij volwassen zou kunnen noemen.' We werden onderbroken door de serveerster die het eten op tafel zette en daarna praatten we alleen nog maar over onbenullige dingen. Ik raakte langzamerhand gewend aan zijn gezelschap en voelde me meer op mijn gemak. Het was zo prettig om hem een keer voor mezelf te hebben, écht alleen met hem te zijn. Het beste was nog dat hij het naar zijn zin leek te hebben. 'Mogen wij de rekening?' Voordat ik ook maar naar mijn broekzak kon reiken had Marcus al het geld van beide ons eten op tafel gelegd en had de serveerster het al mee genomen. 'Ik trakteer.' 'Ja maar-' 'Jij betaald de volgende keer wel.', zei hij met een grijns. De volgende keer...
Toen we even later op straat liepen pakte Marcus plotseling mijn pols beet en trok me mee. 'Whoa!' Toen we op een bruggetje stonden liet hij me los. De prachtige zonsondergang was geweldig te zien vanaf hier. 'Wauw!', zei ik bewonderend. 'Het is geweldig hé?' 'Zeker.' De oranje avondzon scheen zachtjes op Marcus' gezicht en maakte het nog volmaakter. Het was als een droom, zo'n droom waarin alles perfect is. Er was niemand anders, en er was een rustgevende stilte die alleen verbroken werd door het gekwetter van de vogels. Ik keek naar de zon en kon mijn ogen er niet van af houden. Wat ik niet door had was dat Marcus' ogen op mij gericht stonden. Toen keek hij verlegen naar de grond. 'Hey Zen?' 'Ja?' 'Uhm, er is eigenlijk nog een reden waarom ik een keertje met je af wou spreken.' Ik keek op. 'Oh ja?' 'Eh, ja.' Ik wachtte geduldig tot hij het zou zeggen. Ik zag zijn benen tot mijn verbazing trillen. 'Ik wou iets aan je vertellen, iets wat alleen jij verloping mag weten.' Ik waas in de war. Wat was er zo speciaal dat alleen ik het mocht weten? En die trilling in zijn stem, zo had ik ook geklonken toen ik op het punt stond Brendon over mijn geheim te vertellen. 'Ik... ik ben verliefd.' Mijn hart sprong op. Nu was het alles of niets. 'Is het iemand wie ik ken?', vroeg ik, ik deed alsof ik helemaal niet bijna in mijn broek piste van angst. Ik betwijfelde sterk of hij me überhaupt wel had gehoord door mijn trillende stem. 'Ja.' Hij haalde diep adem. 'Eh..' Nig een diepe zucht en ik kon het bijna niet meer houden. 'Je kent hem wel zeker omdat hij nu naast me staat.' Het was alsof alles door de war ging. Ik kon niet meer denken, en het was alsof ik door een diep gat viel en ik merkte niet eens meer of ik nou nog op mijn voeten stond of niet. Het enige waar ik aandacht aan besteedde was heel hard proberen te geloven wat hij zei en het tot me door laten dringen. Marcus had gevoelens voor iemand. En die iemand was ik! Het was echt zo! Marcus was verliefd op mij! Ik kon het maar niet geloven! 'Sorry, je moet me nu vast heel raar vinden nu. Het spijt me, ik had het niet moeten zeggen. Nu wordt alles alleen maar vervelend en ongemakkelijk tussen ons.' Wacht, wat!? Ik was al verscheidende maanden stapelverliefd op Marcus. Hopeloos verliefd op de man van mijn dromen en hij stond hier bijna te huilen, te denken dat ik hem níét leuk vond?! 'Ik kan maar beter gaan, sorry.' Hij wou weg lopen. 'Marcus!', zei ik helder, duidelijk en luid. Ik greep hem ruw bij zijn schouders en draaide hem om. En voordat ik na kon denken over wat ik deed had ik mijn handen naar achteren in zijn haar gegrepen en drukte ik mijn lippen op die van hem. En op het moment dat onze lippen elkaar raakten maakte niets meer uit, niks was meer belangrijk. Zijn lichaam verstijfde en daarna ontspande hij. Hij leunde tegen mij aan en ook voor hem maakte niks meer uit. Zijn armen sloeg hij om mijn nek en het voelde als een dag later toen we elkaar eindelijk los lieten. Toen onze lippen geen contact meer maakten was het alsof ik wakker werd uit een trance, ik viel tegen hem aan in een omhelzing. Hij knuffelde me stevig terug en ik voelde zachtjes zijn lippen in mijn nek drukken. 'Wauw.', was het enige wat hij er uit kon krijgen. Ikzelf kon ook even niks uitbrengen en moest nog steeds even verwerken wat er nou was gebeurd. 'Weet je,', zei hij toen. 'Ik had dit totaal niet gepland. Ik wou eigenlijk met je uit eten in de hoop we een hechtere band zouden kunnen krijgen, maar die keren dat je bloosde, die kleine seintjes... Die gaven me hoop, ik dacht dat ik echt een kans zou maken en toen...' Hij bracht zijn hand omhoog en streek door mijn witte haren. 'Toen ik jou in die zondsondergang zag kon ik het niet langer houden. Je prachtige, unieke haren,' hij liet zijn hand zakken naar mijn gezicht en streelde mijn wang. 'Je prachtige gezicht en die betoverende ogen, ik hield het niet meer. Dan maar afgewezen worden, dacht ik.' Toen keek hij me heel even scheef aan. Aarzelend voelde ik hem zijn hand een beetje terugtrekken. 'Dit is toch niet een of andere zieke grap, is het niet?' Ik keek hem verontwaardigd aan. 'Marcus alsjeblieft.', smeekte ik. 'Verpest het moment nou niet. Ik hou van jou met heel mijn hart en ziel en ik heb zelfs om je gehuild!' Shit, dat laatste was er per ongeluk uit gekomen. Ik beet beschaamd op mijn lip. 'Dat was erg kinderachtig van me.', gaf ik toe. 'Zen! Ik heb een keer een hele nacht lopen janken om een droom die ik over jou heb gehad! Natuurlijk is het niet kinderachtig, zo is liefde!' En toen werd er geen woord meer gezegd. Marcus had zijn erken om mijn nek heen en ik had mijn armen om zijn middel geslagen. Het enige wat we deden was tegen elkaar aan leunen en verliefd in elkaars ogen kijken. De hele nacht. Het maakte me niets uit dat het donker en koud werd, of dat sommige mensen raar naar ons keken. 'Eh Zen?', vroeg Marcus. Hij streelde mijn handen die op zijn heupen lagen. 'Ik zou willen dat dit moment voor eeuwig door zou kunnen gaan, maar we moeten echt naar huis.' Ik voelde hem een stukje papier in mijn handen drukken en toen liep hij weg. Ik opende het propje papier: Zie me morgen bij mijn huis, hoe laat maakt niet uit. , stond er in zijn handschrift gekrabbeld. Daar ondernemers had hij zijn adres geschreven en een hartje getekend. Ik drukte het papier tegen mijn hart en zuchtte. Wat als dit allemaal een droom was? Nee, zelfs dromen konden nooit zo goed zijn.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen