Foto bij 27 Pijnlijk

"Heb je mensen bij die mee naar het ziekenhuis willen?" Ik knik.
"Laat de bewaking Maria en co doorgaan." Mijn zin klopt niet, maar ik denk niet meer helder. Dat gaat niet. Het enige waar ik aan kan denken is mijn pijnlijke voet die wild bonkt.
"Wel een mooie goal van je, Louis." Wat zegt hij nu?
"Wat?" Ik frons en probeer te glimlachen als Maria, de twee zusjes en Harry door de donkere tunnel naar me toe gelopen komen. In de verte hoor ik sirenes van een ambulance, voor mij. Als dit het einde van mijn carrière is, kan ik het niet aan. Ik ben nog zo jong.
"Je goal. Jullie mogen Europees spelen nu."
"Zonder mij." Ik knarstand maar omhels snel een huilende Daisy als ze bij me is. Haar gezicht is wit van de schrik terwijl ze niet naar mijn voet durft te kijken. De ambulance komt binnen gereden.
"Er mag maar één iemand mee." Maria haar ogen worden groot terwijl ze Daisy haar hand terug vast neemt.
"Ik ken hun het best, ik rijd wel na." Ik knik dankbaar.
"Er is niks aan de hand Dais, ontspan." Ze snikt nog steeds met rode ogen. Twee mannen heffen me op een bed dat in de ambulance rolt waarna de lange Harry probeert er bij te passen. "Ik zou dit niet willen zeggen, maar je brengt echt ongeluk."
"Zoiets vermoedde ik ook al ja." Hij glimlacht ongemakkelijk en lijkt me niet lang aan te willen kijken. Ik sis als er een ijskoude zak ijs op mijn enkel gelegd wordt.
"Dat is mijn beste voet voorzichtig!" De dikkere ambulancier glimlacht.
"Veel kunnen we er niet aan doen. Het moet onder de scanner en je schoen kunnen we absoluut niet uit doen nu."
"Mijn scheenlappen wel? Ze zijn niet gemaakt om mee te liggen." De mannen lijken te twijfelen maar Harry begint mijn rechter sok naar beneden te rollen (aan mijn ongekwetst been) en maakt het na wat kijken los. De andere blijft aan, maar prikt. Ik zucht en leg mijn hoofd neer, verslagen door het lot.
"Het komt wel goed, Louis." Ik bekijk Harry’s serieuze maar twijfelachtige gezicht kort en zucht dan, het niet accepterend. Ik accepteer niet dat ik waarschijnlijk geblesseerd ben. Als we de spoed binnenrijden, krijg ik onmiddellijk een rolstoel die Harry krachtig vooruitduwt, Maria zou ergens achter me onderweg moeten zijn. Ik hink naar een onderzoekstafel en zit nog maar net door Harry's hulp als een dokter binnen komt. De afdruk van de adviseur stevige handen die mijn gewicht verplaatsten, is nog voelbaar.
"Louis is het niet?" In je voetbalkleding er zo bij zitten is enorm raar. Ik knik, dat hij maar begint. Hij doet wel mijn veters los en mijn schoen en sok gaan uit. Eindelijk. Dan draait hij voorzichtig mijn voet naar links en rechts zodat ik mijn tanden op elkaar moet klemmen en naar het plafond kijk, knipperend tegen vocht.
"Doet dit pijn?"
"Ja!" Het komt er bruut uit waardoor hij ermee stopt en begint te voelen op de gekoelde huid. Harry staat er wat beschermend bij, hij vertrouwt het ook niet. Zijn groot gestalte staat op de achtergrond, maar hij is duidelijk gespannen. Ik tel de tegels van het dak en klem mijn handen rond het ijzer van de stoel.
"Ik ga je wat injecteren zodat we een foto kunnen maken." Ik slik en bekijk de man achterdochtig.
"Is het gebroken dan?" Geen beentje in mijn voet alsjeblieft. Dan moet je zo’n gigantische laars aantrekken.
"Het voelt niet gebroken aan maar we moeten de schade bekijken." Ik zwijg en sluit net mijn ogen als een venijnig prikje me doet verstijven en bijna tegen spartelen. De tranen zitten me letterlijk uit te dagen in het hoekje van mijn ogen. Als ik ze open kijk ik recht naar een fronsende Harry, die nu voor me staat. De zak ijs belandt terug op mijn voet terwijl de dokter de scan aan het regelen is.
"Ik hoop zo dat dit niets erg is." Harry fluistert het zo fragiel dat ik gepijnigd moet knikken. Het is geen rauw hees meer, maar zacht hees. Gevoelig. Teder.
"Dit is mijn job, ik kan die niet verliezen." Ik weet niet eens of ik geslaagd ben. Plus ik zou niets anders willen doen dan dit. Voetbal is mijn passie en heeft alles bepaald. Zonder dat heb ik geen bezigheid, geen vrienden, geen leven... De groenheid van zijn ogen kalmeren me op een of andere manier dus houd ik mijn blik ook op hem gericht. Als de zak ijs verschuift zijn het zijn handen die hem op de blauwe plaats gaan leggen.
"Er is niets gebroken, weet je. Het is blauw." Hij zoekt mijn blik op, maar ik slik eerst mijn gedachten weg en hef me dan mijn romp wat op zodat ik hem kan aankijken. "Je kan veel meer dan je denkt, Louis. Maar met je voetbal komt het wel goed." Zijn hese stem doet de haren op mijn ruggengraat overeind staan. Voordat ik onder zijn intense bestuderende blik kan antwoorden, komt een verpleegster binnen. Hoe kan hij dit soort dingen weten?
"Ik ga je mee nemen voor de foto. Laat het ijs maar liggen." Ze zet de rolstoel dicht bij het bed zodat ik er in kan hinken, dan bekijkt ze Harry's indrukwekkende lichaam kort om zich weg van hem te draaien. "Jij zal moeten wachten in de wachtzaal bij de anderen."
"De anderen?" Ze is tegen mijn zin al met me weggerold.
"Ja, er staan behoorlijk veel aanhangers voor de deur, zelfs fans." Het ziekenhuis is daar niet blij mee, haar stem klinkt bazig en haar houding is nerveus.
"Sorry voor de overlast dat wist ik niet." Ik heb hier ook geen verdomd bereik, net zoals in die tunnel. Maar de fans zijn wel schatjes.

Net als Harry?

Reacties (1)

  • Paardenvriend

    Harry is ook een schatje. Tuurlijk is Harry een schatje. <3

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen