Foto bij H.1.

My only sunshine.

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
Maar het probleem is dat ik mij niet eens overeind weet te krijgen, laat staan dat ik kan lopen en ik kan haar helemaal niet optillen.
Ik kreun van pijn en bijt op mijn lip om niet de controle over mijn tranen te verliezen.
Dus ik ontspan mij maar gewoon, want wat ik wil heeft geen zin.
En ik ben zo moe, en het doet zo'n pijn.
Met de intentie om gewoon eventjes mijn ogen te sluiten val ik voor het eerst in dagen in een diepe, vredige slaap.

Na iets wat volgens mij een uur of twee - misschien drie - moet zijn, word ik wakker met verwondingen die nog meer pijn doen als eerst, want ik ben nu helder en niet dat halve bewusteloze van eerder.
Ik voel nu alles en ben mij 100% bewust van de pijnlijke plekken op en in mijn lichaam.
Ammay heeft een kussen onder mijn hoofd gelegd en een deken over mij heen gefrappeerd.
Zelf ligt ze onder een eigen kussen tegen mij aan en ze kijkt naar mijn gezicht, wat mij nu pas opvalt.
Ik schrik overeind.
Ik moet haar wonden verzorgen!
Ik moet haar eten geven!
Ze dwingt mij voorzichtig terug.
Ik kijk haar vragend aan.
'Blijf even liggen.' zegt ze. 'Ik ben oké. Jij niet.'
Ik schud mijn hoofd en kom opnieuw half overeind, maar het lukt niet en val terug, waarbij mijn hoofd een pijnlijke klap krijgt.
Niet omdat het een dun kussen is, of een heel hard kussen, maar omdat mijn hoofd verschrikkelijk gevoelig is voor wat dan ook, omdat het gisteren zoveel te verduren heeft gekregen.
'Je bent er erg aantoe.' fluistert ze.
Ammay is slim, heel slim - mede dankzij alle levenskennis waarvan ik wenste dat ze die niet op zou hoeven doen - waardoor het soms voelt alsof ik tegen iemand van mijn eigen leeftijd praat als mijn kleine zusje van acht.
'Ik kan je niet gewoon voor jezelf laten zorgen.' kreun ik en dwing mijzelf op handen en knieën, met als volgende stap het opstaan.
Ik voel haar kleine handen om mijn bovenramen, in een poging mij omhoog te krijgen.
'Het gaat wel.' hijg ik.
Ik loop richting de keuken, want op de klok heb ik al gezien dat het 18:15 is en ik weet dat Ammay honger heeft.
Mam is al vier uur weg en waarschijnlijk blijft ze dat ook, dus ik neem de tijd niet eens om te overwegen ook eten voor haar te maken.
Zelfs als ze op tijd terug zou zijnnzal ik niet voor haar willen koken - al zou ik het wel doen.
Maar de laatste keer dat ze voor middernacht terug was, kan ik mij nauwelijks meer herinneren.
Het is nu de eerste zaterdag van de voorjaarsvakantie en dat is een gevaarlijke tijd.
Onze moeder hoeft niet op te passen, want niemand op school zal het zien en op werk maalt toch niemand om mij.
Nu mijn moeder werkeloos is moet ik voor de kost zorgen en ik heb naast school twee baantjes en daarvan kunnen we maar net leven.
Ik begin met het pakken van verschillende pannen en een pak oude rijst.
In de koelkast ligt nog een pakje roerbakgroente, maar ik heb geen vlees in huis.
Vegetarisch, dan maar.
Terwijl ik begin met het bereiden van een maaltijd komt Ammay naast mij staan.
Ze lijkt absoluut niet op mij, maar op mijn moeder.
De donkerbruine ogen en haren, de ini-mini moedervlek bij haar linkeroog, al zit die mij mijn moeder op een iets andere plek.
Ook wordt zij - net als mijn moeder - sneller bruin van de zon.
We lijken wel tegenpolen.
En toch is zij de enige die mij begrijpt.

Neem alsjeblieft even een kijkje bij het storie van mijn trouwe abonnee ElisabethJaqu:
https://www.quizlet.nl/stories/160339/the-forgotten-past--the-hungergames/

Reacties (4)

  • GossipGirl21

    Mooi geschreven.

    1 jaar geleden
  • degvr

    O heek erg zielug die storie is van min zus die ene honger games

    3 jaar geleden
  • BethGoes

    Super mooi! En dankjewel voor de reclame!!!

    3 jaar geleden
  • DeNaamIsGideon

    Ik vind dit echt heel fijn geschreven.

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen