Foto bij H.38.

Het laatste stukje van het vorige hoofdstuk:
Plots klinkt er een stem: een aankondiging van de Spelmakers.
Attentie, alle tributen. Attentie. Hier volgt een belangrijke aankondiging: President Snow is zojuist gestorven door vergiftiging. Deze daad is hoogstwaarschijnlijk gepleehddoor iemand uit het Capitool. Aangezien iedereen de dader zou kunnen zijn, behalve jullie, hebben we besloten dat de winnaar van deze Hongerspelen, de nieuwe president van Panem zal worden.
Ik kokhals bijna en kijk Tyson verschrikt aan, hij kijkt even geschikt terug.
Alles duizelt even: daar gaat het plan, daar gaat alle hoop voor mijn ouders, voor mijn moeder, die nu niet de medische behandeling zal ontvangen zoals ik met de voormalig president had afgesproken.
De stem herhaald de boodschap opnieuw.
Attentie, tributen. Attentie. Hier volgt een belangrijke aankondiging: president Snow is zojuist verg...
Maar ik luister al niet meer...

Alles draait en ik ben verschrikkelijk in de war.
De verschrikkelijke paniek maakt mij gewoon mísselijk.
Alles valt in duigen.
Ik ga er nog steeds voor zorgen dat Tyson wint, dat is het probleem niet, maar elke afspraak die ik met President Snow had gemaakt is nu verloren.
Mijn moeder zal geen medische hulp krijgen, mijn ouders zullen niet naar District 1 verhuizen en nog wel meer dingen die ik zo goed geregeld had, dingen die mij geruststelden, dingen die de angst verminderden, zijn nu verpest.
Tyson kijkt mij fronsend aan, want volgens mij ben ik lijkbleek.
'Wat is er aan de hand?' vraagt hij.
Ik ben nooit echt wild geweest over President Snow - en dan zeg ik het nog beleefd - dus Tyson verwacht waarschijnlijk dat ik gewoonweg dolblij ben met dit nieuws.
Ik weet niet wat ik moet antwoorden, hoe ik moet antwoorden.
Hoe praat je ook alweer?
Plotseling word ik heel duizelig, door de schrik, de angst, het verdriet, door alles.
Dan voel ik hoe ik begin te glijden, van de tak af.
Alles duizelt, maar ik kan niks doen.
Ik kan mij niet op tijd vastgrijpen.
Tyson wel.
Hij pakt wat hij maar pakken kan.
Uiteindelijk is dat een pols.
Hij trekt me in de veiligheid van zijn armen, zodat ik niet opnieuw kan wegglijden of ook maar een iets kan doen wat lijkt op vallen.
'Mira?' vraagt Tyson terwijl ik als een slappe doel tegen hem aan lig. 'Wanneer heb je voor het laatst iets gegeten?'
Wat de woorden betekenen worden pas een paar seconden later voor mij duidelijk.
Ik ben nog steeds te... tja, wat is er eigenlijk aan de hand?
Als reactieschuf ik mijn hoofd, al komt hij daar niet verder mee.
Hij weet totaal niet wat ik bedoel.
Ík weet niet eens wat ik bedoel.
Betekend mijn "nee" dat ik al lang niets gegeten heb?
Betekend het dat ik verwacht dat hij me eten gaat aanbieden en dat ik dat niet wil?
Betekend het überhaupt wel iets?
Tyson gaat uit van het eerste en haalt een stuk gedroogd vlees ergens vandaan, maar ik neem de moeite niet om te kijken.
Ik besef nu dat ik echt verschrikkelijk weinig heb gegeten en in combinatie met de schrik van het beticht over de president werd het allemaal teveel en ontspant er een soort kortsluiting in mijn lichaam.
En ik haat het.
Straks gebeurd er iets, maar ben ik te zwak om Tyson te beschermen.
Wat als hem iets overkomt omdat ík de kracht niet heb om hem veilig te houden?
Tyson dwingt me haast om van het vlees te eten.
Ik heb geen idee waar hij het vandaan haalt of hoe hij eraan kwam.
Misschien hebben sponsoren het hem gestuurd, misschien zat het in de rugzak maar wist ik het niet en misschien... misschien kan het mij wel bitterweinig schelen.
Ik kauw of het taaie stuk vlees.
Om de een of andere rede smaakt het verschrikkelijk zoet, zuur, zout en bitter tegelijk, maar ik weet wel zeker dat dat aan mij moet liggen.
'Waarom heb je niks gegeten?' vraagt Tyson.
Ik kijk weg, deels omdat ik het weet en deels omdat ik het diep vanbinnen weet, maar biet wil dat mijn rede bekend voor hem is: dat ik namelijk toch doodga en vind dat het dan gewoon verspilling van voedsel is.
Hij kijkt mij nog steeds verwachtingsvol aan, wachtend op een reactie.
'Ik ben het vergeten.' luidt het allerdomste antwoord in de geschiedenis van alles wat bestaat en bestaan heeft.
'Je bent vergéten om te eten?' vraagt hij met opgetrokken wenkbrauwen.
Ik knik van ja, maar ik overtuig mijzelf er niet eens van.
Heel lang kijkt Tyson mij aan, neemt mij in zich op.
'Oké.' zegt hij dan, waarna hij zijn lippen tot een dunne streep perst.
Hij gelooft me niet.
Maar waarom zou hij mij wél geloven?
Alles wat ik uitkraam zijn toch leugens.
Maar wat voor zin heeft het om eerlijk te zijn, als het toch geen zin heeft?

Reacties (2)

  • DeNaamIsGideon

    dei laatste zin voelde raar aan, daar zou ik nog eens naar kijken:)
    verder een goed hoofdstuk!

    4 jaar geleden
  • BethGoes

    Heel mooi geschreven! En volgens mij is Tyson best slim....

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen