Oeh, Glace en Sirius... dat is echt geweldig!!!

Een paar uur later loopt de groep weer door de woestijn, en al snel zien ze een klein hutje.
‘Glace, misschien moet jij op de deur kloppen,’ mompelt Acacia.
‘Waarom?’ vraagt Cassi. Ze is gewend dat haar zus altijd het voortouw neemt.
‘Omdat als een van ons de deur opendoet, kan diegene zich misschien niet inhouden en zich verspreken. En misschien herkent mam karaktertrekken van zichzelf en pap in ons, en dat zou niet heel handig zijn.’
‘Oké,’ zegt Glace zacht, en ze laat de hand van Sirius los, die ze de hele tijd had vastgehouden. Dan loopt ze stil naar de deur, en klopt hard.
‘Laat me met rust!’
‘Jep, dat is mam!’ lacht Aaron.
‘Eh, ik heb een medicijn nodig, voor mijn moeder!’ roept Glace aarzelend.
De deur gaat langzaam open, en eindelijk zien de kinderen hun moeder weer. En ja, zoals Acacia had voorspelt, kon Cassi zich niet inhouden. Met een luide kreet vliegt ze haar moeder om haar hals, die natuurlijk geen idee heeft van wat er gebeurt.
Glace haalt Cassi snel aan de kant, en zet haar terug bij de rest.
‘Maar ik wil mama een knuffel geven!’ snikt het meisje. ‘Ik heb haar gemist!’
‘Nu niet, Cassi! Pas als we alles hebben uitgelegd!’ sist Glace haar toe. Maar Aaron schijnt de hint niet te vangen en zegt vrolijk: ‘Hoi mam! Lekker weertje, of niet soms?’
‘Wacht even, mam?’ vraagt Spica verbaasd, en dan pakt ze de boog die tegen de muur aanstaat, zet er een pijl op en houdt hem op Aaron gericht.
‘Zeg op, wie zijn jullie? Ik heb namelijk geen kinderen.’
‘Laat het me even uitleggen,’ zegt Acacia rustig, terwijl ze de boog aan de kant duwt. ‘Dat joch daar heeft de tijd veranderd, en in onze werkelijkheid heb je vijf kinderen.’
‘Natuurlijk! En dan ben ik de Feeënkoningin! Ik geloof jullie niet, sukkels!’
‘Kom, laten we even naar binnen gaan, een kopje thee drinken en dan leg ik het allemaal uit.’ Acacia loopt, met Cassi aan haar hand, de drempel over en gaat op een stoel zitten. De rest volgt haar snel, terwijl Spica verdwaast staat te kijken.
Daarna gaat ze zelf ook zitten, met een blik die zegt dat ze uitleg wilt.
‘Hier komt de uitleg! Luister, hier is Strega toch verslagen door een mossel?’ (Geknik.) ‘Nou, in onze werkelijkheid is ze niet dood, alleen maar aan het slapen onder het puin. En dat is inmiddels twintig jaar geleden, dus nu is ze vast wel dood. Doordat ze eerst niet dood was, hebben jij en je vriend Saturno een missie ondernomen om het versteende Riddereiland te redden.’
‘Laat die naam hier niet vallen! Ik haat hem al sinds de dag dat ik hem ontmoette,’ mompelt Spica.
‘Oké, maar dat is noodzakelijk voor dit verhaal. Maar goed, tijdens die missie ben jij bijna doodgegaan, maar is het eiland gered. Nu is het ongeveer negentien jaar later, en in onze werkelijkheid zijn jij en Saturno getrouwd en hebben dus vijf kinderen.’
‘Dat zou nooit kunnen, hij is getrouwd met die idiote Robinia.’
‘In mijn werkelijkheid dus niet. Daar ben jij beste vrienden met Robinia, en hebben zij en jouw broer twee zoons.’
‘En dat kan ook niet, Regulus is een vreetzak, hij weegt nu meer dan 150 kilo. En ik zeg het je nog een keer, ik heb geen kinderen!’ Boos kijkt ze Acacia aan.
‘Jawel hoor, vier dochters en een zoon, namelijk Arya, de jongste, Cassi van negen, de tweeling Aaron en Adelaide van veertien, en natuurlijk mezelf niet vergeten, Acacia Mizram. Maar noem me Acacia, veel sneller als je me wilt roepen.’
‘Dit verzin je. Hoe kan het dat je vernoemt ben naar de moeder van die idioot waarvan je beweert dat die jouw vader is, en naar mijn moeder?’
‘Dat heb je zelf gedaan.’
‘Nee, dat heb ik niet.’
‘Ja, dat heb je wel’
‘Nee, dat heb ik niet.’
‘Toch wel, maar dat weet jij niet, want jij bent een kluizenaar!’ roept Aaron dan.
‘Aaron, dat heeft niks te maken met het feit dat ze een kluizenaar is.’ Acacia werpt hem een boze blik toe.

Spica kijkt boos naar Aaron, hoe durft hij, maar dan begint dat meisje, Acacia, weer te praten.
‘Mam, zie je echt niets aan ons wat je doet denken aan jezelf, of aan mijn vader? Of aan je broer, of Robinia?’
Spica denkt even na, en zegt dan: ‘Alleen jouw ogen en haar, maar je kan net zo goed een random Boself zijn! En, zeg nou zelf, als ik kinderen zou hebben, zouden ze nooit zo dom zijn als jouw broer!’
‘Dat begrijp ik volkomen. Sorry, Aaron.’
‘En dan zouden ze nooit zo ijdel zijn als die tweelingzus van jouw broer!’
‘Nee! Ik ben gewoon prachtig, ik ben gewoon een ster, oké!’ krijst Adelaide.
‘En ze zouden zich nooit zo aanstellen als dat kleine meisje in die gele jurk!’
Cassi schrikt een beetje.
‘En ze zouden nooit, maar dan ook nooit, lijken op hun vader!’
‘Echt vreselijk bedankt, mam,’ mompelt Acacia.
‘En die baby, die is gewoon schattig! Daar valt niks over te zeggen!’
‘Oké, vind ik begrijpelijk.’
‘En…’
De hele groep denkt nu: nee, nee, niet nog een klaagzang!
‘En als mijn broer kinderen zou hebben, zouden ze nooit zo dun zijn!’
‘O, dat is een compliment!’ lacht Sirius. Orion knikt blij.
‘En jij, wie ben jij? Een ander niet bestaand familielid?’ (Dit was tegen Glace.)
‘Nope, ik heet Glacies Inuneth. Mijn ouders zijn koningin Nives en koning Gunnar, van het rijk van het eeuwige ijs. Ik heb een speciale gave, Ik kan in een wolf veranderen. Ik ben hier voor een medicijn voor mijn moeder, ze is ziek en ik weet niet of ze het overleeft. Echt, ik heb er alles voor over om haar te redden, en daarmee mijn broertje of zusje!’
‘Met jou kan ik zaken doen. Hoeveel geld heb je bij je?’
Glace houdt een zak vol munten vast.
‘Dat is genoeg, ik heb wel een middeltje.’ En met die woorden pakt Spica een bruisend medicijn van een plank, maar ze kan er net niet bij.
‘Wacht, laat mij je helpen,’ zegt Acacia, en met behulp van haar magie pakt ze het flesje. Als Spica haar raar aankijkt, zegt Acacia: ‘Ik kan toveren, en ik weet dat jij bijna nooit ergens goed bij kan, en dan altijd mijn vader of mij om hulp roept, gewoon wie er het dichtst in de buurt is. Ondanks dat ik niet zo groot ben.’
‘Dan ben je al helemaal geen kind van mij: niemand in mijn familie kan toveren.’
Spica geeft het medicijn aan Glace, pakt het geld aan en doet de deur open. ‘Eruit, allemaal!’

Reacties (1)

  • Allmilla

    Oei, dat loopt niet zo vlot...

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen