Foto bij H.48.

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
Plots hoor ik een woedende grom en als door een adder gebeten kijk ik om.
Het is de tijger.
Even begrijp ik het niet, maar al snel valt alles op zijn plaats.
De tijger is een vrouwtje, de moeder van dit welp.
Dan vertrekt mijn gezicht in een lijkbleke grimas van angst.
Boze moeder, dood welp met verwondingen en ik die ernaast geknield zit.
Ze denkt dat ik het gedaan heb.
Ze denkt dat ik degene ben die voor de dood van haar welp heeft gezorgd.
En dat gaat ze mij niet vergeven.

Het voelt ik alsof ik onder water ben.
Alsof een hele hoop water op mijn borstkas drukt.
De tijger blaast.
Ik sta bij haar jong, dat dood is.
Haar moederinstinct neemt het over.
Haar jong is doodgegaan aan verwondingen en ik sta er baast.
Zo simpel werkt haar brein.
Het komt niet in haar op dat ik het niet heb gedaan, ze denkt alleen maar na over dat ik een bedreiging ben.
Ik draai mij niet om.
Ik ren niet weg.
Zodra ik dat doe ben ik er geweest.
Wat ik wel doe is rustig achteruitlopen.
Stapje voor stapje.
Ik kijk naar de naar mij toe sluipende tijger, maar ik kijk geen moment in de ogen van het dier.
Ze versnelt.
Ik stamp een paar passen naar voren, maak mij groot, laat een schreeuw horen.
Het werkt.
Ik had echt geen idee alsof het zal werken.
Ver achter mij zie ik dat ik de kern van de Arena zie, het middelpunt.
Daar kon de tijger niet komen.
Als ik het tot daar redt, kan de tijger mij niet doden.
Nu maar hopen dat daar geen tributen zitten.
Ik blijf stapjes naar achteren zetten, af en toe een suchtige blik naar achteren werpen, zodat ik nergens tegenaan loop.
Ik weet niet of dit bij normale tijgers ook zal werken, maar de tactiek houdt dit Capitool-exemplaar goed op afstand.
Een blik achterom.
Zo'n 60 meter tot de relatief veilige plek.
Ik begin te trillen als ik de gevaarlijke tanden van de tijger zie.
Het speeksel laat ze glimmen, maar dat is niet het enige gevaar dat dit beest met zich meebrengt.
Op school hebben ze mij wel eens geleerd dat tijgers niet alleen bijten, maar ook krabben, net als katten.
En als iets ze dan aanvalt gaan ze op hun rug liggen.
Als dat dan bovenop hen springt, gaan ze als een gek tekeer met de klauwen van hun achterpoten en krabben ze zo de buik van hun tegenstander open.
Verschrikkelijk.
Heel kort is het onderwerp voorbijgekomen in de lessen, maar het is wel iets wat ik onthouden heb.
Ik ben niet zozeer dom, ik kan goed leren, maar de belangrijke dingen kon ik niet onthouden vanwege de stress.
De stress van mijzelf afvragen of mijn familie vanavond zal eten.
De stress van mijzelf afvragen hoe lang mijn moeder nog zal leven.
De stress van mijzelf afvragen of Brayden de Arena in zal moeten, of ik dat lot zelf zou moeten ondergaan.
Maar zulke dingen, zulke onzinnige, onbelangrijke dingen onthield ik wel.
Nou, nu is het niet zo onzinnig meer.
Ik werp weer een vluchtige blik achterom.
25 meter, maximaal.
De tijger laat weer zijn tanden zien, blaast, zijn ogen spuiter vuur.
'Ik heb het niet gedaan. Ik heb je welpje niet vermoord.' zeg ik, al ga ik ervan uit dat de tijger mij niet zal verstaan - ik bedoel: je weet het maar nooit met die creaties van de Spelmakers.
En dan struikel ik bijna.
Ik gil, maak een paar misstappen en moet mij vastgrijpen aan een boom.
Mijn arm haal ik open aan de ruwe schors, maar de angst voor de op mij af stuivende tijger verdringt de schrijnende pijn.
Ik weet dat als ik niet snel handel, ik zal sterven.
In een seconde heb ik mijn omgeving afgespeurd en een steen gevonden.
Zo hard als ik kan gooi ik die in het gezicht van het moordlustige beest.
De gigantische katachtige schreeuwt het uit en ik ren verder.
10 meter, nog 10 meter maar.
Tijdens het rennen grijp ik weer een steen.
Net op tijd en met slechts 1,5 meter afstand tussen mij en de tijger smijt ik opnieuw de steen.
Ze ontwijkt hem, maar valt en rolt over de grond.
2 meter.
Ik voel dat de tijger zich afzet tegen de grond om mij in de rug aan te vallen, dus ik spring ook.
Net in de veilige zone beland ik op de grond, de tijger botst vol tegen de voor enkel hem geldende barrière en piept van de pijn.
Hijgend lig ik op de grond, wetend dat ik hier niet lang kan blijven, maar te moe om iets aan mijn situatie te veranderen.
Nog eventjes, dan.
Eventjes.

Reacties (1)

  • BethGoes

    Super Mira! Je bent geweldig! Ook al ben je gewond ga je gewoon door!

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here