En zo was het besloten. Ik zou bij repetities bij de band meezingen. Eerlijk gezegd was ik daar helemaal niet in geïnteresseerd, maar ik wilde mijn koffer terug. Sinds ik wakker was had ik al vermoed dat de koffer verstopt was en ik deze niet terug zou krijgen, maar mijn moeite moest niet voor niets zijn. Als ik hun vertrouwen zou winnen kon ik het misschien terug krijgen.
Murdoc leek het hier toch wel oneens mee te zijn en besloot me thuis te brengen. Ik vond het prima. Ik kende het gebied uit mijn zak en hierdoor zou ik de locatie van het huis te weten komen aangezien het verstopt scheen. Murdoc pakte zijn zwaar beschadigde motor en stapte op. Ik klom achterop en hield me aan de man vast. Hij stonk, maar de overheersende geuren waren drank en sigaretten.
“Waarheen mop.” Zei hij toen hij wegreed en ik leidde hem de weg.
Ik had besloten hem naar mijn werk te brengen in plaats van mijn appartement. Gewoon uit voorzorg. Misschien niet een heel goed idee want een klein groepje bewaking werd al op me af gestuurd voordat ik af kon stappen. Ze rukten me van de motor af en duwden me tegen de grond. Murdoc had een pistool tegen zijn hoofd. Ik slikte kort en voelde hun smerige handen over mijn lichaam glijden.
“Veilig.” Werd er vastgesteld.
“Ja natuurlijk,” siste ik, “debielen.”
Ik ging weer staan en klopte het zand van mijn kleding. Vals keek ik ze aan. “Doc, je kan gaan.”
“Nee,” werd ik tegengesproken, “de baas wilt jou en je handlanger zien.”
“Hij is mijn handlanger niet.” Sprak ik hem tegen, maar ik werd genegeerd.
Murdoc werd ruw van zijn motor af gesleurd, al werd hij staand gefouilleerd. Bij hem trokken ze een pistool uit zijn broek en duwden hem daarna op mij af. De man met het pistool wenkte dat we moesten lopen. Ik kende de procedure en liep linea recta naar het kantoor van mijn baas. Murdoc volgde mokkend en ik kon zijn blik tegen mijn rug voelen branden. Hij nam het me kwalijk en op zich snapte ik het wel. Maar ergens verdiende hij ook wel een lesje.
“Anastasia, liefje,” grijnsde de dikke man voor me, “heb je mijn geld?”
Meteen ter zake hmm? Kort keek ik naar Murdoc, maar ik wist dat hij gedood zou worden als ik zei dat hij het geld had afgepakt. Ik keek naar de grond. “Sorry, ik heb gefaald.”
Hij stond op uit zijn stoel en ging voor me staan. Zijn neppe glimlach was verdwenen en had plaats gemaakt voor verachting. Zijn hand vloog de lucht in en landde hard in mijn gezicht. Nors keek ik hem aan en weigerde te laten zien dat het pijn deed.
Mijn baas, wiens naam ook mij onbekend was, draaide zich om. “Ga naar huis. Markus zal je daar opwachten.”
Paniek sloeg me toe en het voelde net alsof er een koude hand om mijn keel werd gevouwen. “Nee,” piepte ik, “niet Markus. Ik zal u het dubbele aan geld leveren! Driedubbele!”
Hij wuifde me weg met zijn hand en zijn bodyguards beukten Murdoc en mij de kamer uit. Met trillende benen liep ik verder.
“Wat voor bullshit is dit nu weer.” Gromde Murdoc boos en hij keek me hatelijk aan.
“Niets.” Zei ik kortaf. Ik wilde niet dat hij zich er mee zou bemoeien. Hij leek me niet de vriendelijkste en zou mij net zo goed pijn doen. Ik liep met hem mee tot zijn motor, waarna ik een andere kant uit liep. Het was tijd dat ik Markus onder ogen kwam. Helaas…

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen