Hij snoof en gromde. Tuurlijk zou hij me niet missen, maar het was leuk om te zeggen. Hij kende me nog niet eens. Hij wist mijn naam niet eens, tenzij hij geluisterd had naar wat mijn baas zei. Nou ja, voormalige baas. Het bezoekje van Markus kon je als ontslag rekenen.
Ik leunde met mijn ellebogen op mijn knieën en staarde Murdoc aan. “Waar is mijn geld.” Kwam ik gelijk ter zake.
Hij grijnsde vies, “Daar kun je voor komen werken.” Pervers wreef hij over zijn kruis.
Vol walging keek ik hem aan. Smeerlap.
“Iets serieus nu.” Gromde ik.
“Ik ben serieus mop.” Grijnsde hij.
Ik rolde met mijn ogen. Toen keek ik hem vals aan en besloot een valse dreiging neer te leggen. “Je wilt toch niet dat Noods iets overkomt, of wel soms.”
Hij keek me woedend aan. Hij greep achter zijn rug, waarvan ik vermoedde dat het een pistool was.
“Mijn mannetje staat buiten.” Zei ik snel.
Hij hield zijn hand waar die was en bewoog niet. Vol haat keek hij me aan. Ik besloot dat dit niet de beste strategie was en het moest dus weer terug gedraaid worden. Ik ging ontspannen achterover liggen en lachte.
“Kom op Murdoc,” grinnikte ik, “dacht je nou echt dat ik dat zou doen? Ik weet niet eens wie Noods is. En daar bovenop, jij hebt mijn geld.”
Hij stond op en stapte op me af. “Flik dit niet weer,” siste hij woest en hij greep mijn keel vast, “of ik maak je af.”
Met grote ogen keek ik hem aan en voelde het haar van mijn gezicht aan glijden. Hij fronste en zijn ogen bleven kort bij mijn gehavende oog hangen. Hij duwde me achterover en stampte weg. Bij de deur bleef hij staan en vals keek hij me aan. “Kijk Noodle ook maar een beetje verkeerd aan en ik maak je af.”
Hij liep weg en smeet de deur hard achter zich dicht. Hierdoor kwam 2-D klagen de trap af. Hij negeerde me en ging recht voor de keuken, pakte nog meer pijnstillers en slikte ook deze droog door. Hij scheen er geen moeite mee te hebben.
“Oh hey.” Zei hij.
“Hey, al wat beter?” zei ik poeslief. Dat ik het bij de een verpest had, betekende niet dat ik het bij een ander niet kon proberen.
“Yah, ’s gaat,” sliste hij, “je haf rusie mef Mud?”
Ik knikte, “Ik plaagde hem, maar het liep een beetje uit de hand.”
“Nifs fan aan’rekk’n. Hijf’s alfijd humeurif.” Zei hij schouderophalend.
Ik kantelde mijn hoofd en besloot zijn woord voor waarheid aan te nemen. Murdoc leek me al niet zo’n gezellige gozer, nee.
“Hij’s wel oké hoor,” zei 2-D, wat me verbaasde, “faak bedoelft hij het goef.”
Ik knikte. Zou best kunnen. Hij werd namelijk agressief zodra ik een van zijn vrienden bedreigde. Daar zou ik hem niet kwalijk voor nemen. Nieuwsgierig keek ik 2-D aan. In de korte tijd dat ik in zijn kamer was had ik merchandise van een andere band gezien. Nieuwsgierig of hij er iets mee zou doen trommelde ik het deuntje van het liedje op mijn been. Misschien herkende hij het wel.
“Daf lief’je ken ik!” zei hij opgewekt.
Ik knikte en begon de tekst te neuriën en al snel viel 2-D me bij. Hij zong de tekst met een geheel nieuwe emotie als het origineel, maar toch bleef het herkenbaar. Bij het refrein viel ik hem bij.
“Don’t you want me baby. Don’t you want me, oooh.”
Direct daar na kwam een gedeelte waarin – in het origineel – een vrouw zou zingen en dat deel zong ik dan ook. 2-D was enthousiast mee aan het trommelen op zijn benen. Vrolijk zongen we samen het liedje af. Toen pas viel het me op dat we de hele tijd al aangestaard werden. Een jong, waarschijnlijk Aziatisch, meisje zat op de trap en keek naar ons.
“oh hey Noods.” Begroette 2-D haar.
Ze glimlachte als antwoord, maar bleef zitten waar ze zat.
“Heb je honge’ Noods?”
Ze schudde haar hoofd als antwoord en liep nu wel de trap af. Voor me stond ze stil en in een verbazingwekkend snelle beweging stak ze haar hand naar me uit. Bijna alsof ze me sloeg, maar ze wilde me enkel de hand schudden.
“Noodle.” Was alles wat uit haar kwam.
“Ik heet Anna.” Stelde ik mezelf voor terwijl we mekaars hand schudden.
Ze ging op de koffietafel voor ons zitten en keek me afwachtend aan. Vragend keek ik naar 2-D, wie haar wel scheen te snappen. “Zing voor haar.”
Ik kantelde mijn hoofd en zong het eerste beste wat in mijn hoofd op kwam. Comics van Caravan Place schoot me te binnen en ik zong dit voor haar. Met mijn handen trommelde ik mee zodat ze niet alleen naar mijn stem hoefden te luisteren. Naarmate ik langer zong en hun blikken steeds intenser naar me leken te staren viel ik een beetje stil. Precies toen viel Noodle me bij en samen zongen we verder.
Bij de laatste zin viel ik weer stil toen ik een staar hatelijk op me voelde branden. Ik keek op en zag Murdoc staan. Hij keek me waarschuwend aan en ik hield mijn handen op alsof ik onschuldig was.
“Mud,” zei 2-D, “misschien kan ze bij de band. Haar stem past bij ons.”
Murdoc wilde op hem af stampen om hem te slaan, maar toen Noodle knikte stopte hij. Humeurig gromde hij, omdat hij zijn zin niet kreeg. Vooralsnog sloeg hij 2-D voor hij weg liep.
‘Achtergrondzangeres op zijn best.” Gromde hij humeurig.
“Um jongens,” zei ik, “ik hoef niet bij de band… Murdoc heeft mijn geld gestolen en ik wil het graag terug.”
“Je gaat er maar voor werken, mop.” Zei Murdoc. “Desnoods als schoonmaakster.”
Hij grijnsde en draaide zich om naar mij. Het huis was vies. Nee niet gewoon vies, smerig. Het stonk en alles plakte. Ik had de badkamer niet gezien en ik denk dat ik die niet eens zou willen zien.
“Prima.”

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen