( ✌︎'ω')✌︎

Het geluid van Yusaku's stem deed me dat ik mijn ogen opende. 'Hee Key, ik heb ook verband voor je-' Zijn stem stokte toen hij me zag. Ik kneep mijn ogen heel even dicht bij het geluid van de ijzeren krukken die op de stenen kletterden. Yusaku's voetstappen kwamen in een paniekerig tempo dichterbij en ik voelde zijn hand trillen toen die mijn schouder zachtjes aanraakte. 'Keyon! Wat is er in fucking Godsnaam gebeurd?! Is die verdomme Yamada langs geweest?!' Ik moest eerst even heel dieplader halen voordat ik kon spreken. 'Ja.', kwam er zacht uit mijn keel. 'Fuck, dit is allemaal mijn schuld, oh ik had je nooit alleen mogen laten!' Ik voelde me schuldig toen ik eerst heel even genoegen voelde bij het horen van Yusaku's schuldbewuste stem. Maar al gauw veranderde dat in medelijden. 'Jij kan er niks aan doen.', fluisterde ik. 'Ja dat kon ik wel!' 'Yusaku, Yamada heeft me toegetakeld, jij niet.' 'Maar ik had het kunnnen voorkomen!' Nu was er niks meer van die verschrikkelijke gevoelens over die zeiden dat hij inderdaad maar lekker spijt moest voelen, ik voelde alleen nog maar medelijden bij het horen van zijn gebroken stem. 'Denk je dat hij terug komt?' 'Ik dek het niet.', kreunde ik. 'Weet je dat heel, héél zeker?' 'Ik denk het wel.' 'Oké, dan ga ik nu als een speer iemand van de leiding halen.' Ik slikte en knikte. Daar kreeg ik meteen spijt van, mijn hoofd werd meteen draaierig en pijnlijk. Niet meer bewegen dus. Na ongeveer een minuut kwam Yusaku samen met iemand weer naar buiten rennen. Ik kon ik zijn stem horen dat hij op het punt stond in tranen uit te barsten, de arme jongen. De man van de leiding streek naast me neer. 'Kunnen we je omdraaien Keyon? Doet het pijn als je beweegt?' 'Ja, en ja.' Voorzichtig werd ik op mijn rug gedraaid. Ik kneep mijn ogen dicht en klemde mijn tanden op elkaar van de pijn. 'We moeten hem mee naar binnen nemen.', zei de leider. 'Geen probleem.' Yusaku pakte me op alsof ik zo licht als een veertje was. De leider nam de krukken en het rolletje verband mee en hield de deur voor Yusaku open. Binnen werd ik ergens op een tafel neer gezet, ik wist niet waar. Misschien was ik in de kamer van de leidingen, dat zou wel verklaren waarom bijna iedereen met de rode shirts er was en naar me staarde. Ik merkte dat rechtop zitten pijn deed, maar het was allemaal minder erg dan ik had gedacht, waarschijnlijk omdat de pijnlijke plekken niet meer verst waren. Yusaku ging naast me zitten en pakte mijn arm. Langzaam en voorzichtig sloeg hij die om zijn schouder voor steun. 'Beter?', vroeg hij zachtjes. Nu ik op hem leunde in de plaats van mijn eigen romp deed alles inderdaad een stuk minder pijn. 'Ja, dank je wel.' Er werd een koude, natte doek tegen mijn gezicht gedrukt. 'Yusaku, ik moet even beneden een crème voor die schaafwond op zijn gezicht halen, kun jij zijn gezicht even schoon maken?' 'Natuurlijk.' Hij nam de doek over en drukte die zachtjes tegen mijn neus. Ik slikte even, maar ik vertrok geen spier van pijn. 'Je moet het zeggen als ik je pijn doe hoor.' Ik schudde ik mijn hoofd. 'Je doet me geen pijn.', zei ik zachtjes. Ik werd een beetje rood toen ik zag dat zowat de hele kamer naar ons keek. Toen ze zagen dat ik zag dat zij aan het kijken waren (lol, klinkt echt vreemd) gingen ze gauw door met waar ze mee bezig waren, en twee gingen weg. Yusaku leek er niks van aan trekken en bleef zachtjes de doek tegen mijn gezicht duwen. 'Je bloedneus is gestopt hé?', vroeg hij. 'Ja, mijn gezicht doet ook al wel wat minder pijn.' 'Mooi zo.', ik hoorde duidelijk dat hij opgelucht was. 'Yusaku.', fluisterde ik gefronst. 'Wat is er?', vroeg hij terwijl hij met zijn duim wat bloed van mijn lip veegde. Ik wou zeggen dat hij zich geen zorgen moest maken, dat hij zichzelf nergens van de schuld moest geven en dat het echt al stukken beter met me ging, want dat deed hij duidelijk wel. Maar ik kon alleen mijn hoofd schudden en zeggen: 'Laat maar, ik ben het weer vergeten.' 'Sukkeltje.' Dat was ik zeker ja. 'Ik denk dat ik wel weer zelf kan zitten.', zei ik. Voorzichtig schoof Yusaku onder mijn arm door. 'Ja? Gaat het zo?' Ik grijnsde. 'Ja.' 'Echt?', vroeg hij streng. 'Echt.' Hij begin mijn gezicht nu iets ruwer schoon te poetsen zodat al het bloed en vuil er af was. 'Opnieuw zeggen als het pijn doet.', mompelde hij. 'Hee Key, kwam die Yamada nou gewoon zomaar op je af om je te slaan?', vroeg hij na een tijdje. 'Nee, zijn vriendin kwam op me af. Maar blijkbaar vond hij dat erg of zo en daarom ging hij me trappen.' Hij fronste met een pijnlijk gezicht en knikte. 'Wat een..' Er volgde een paar onbeleefde woorden en ik grinnikte. 'Ik wist niet eens dat er zo veel scheldwoorden bestonden, Yu.' 'Vloeken is mijn talent.', zei hij trots. Ik schoot in de lach, iets wat best wel pijn deed, en zei: 'Nou, echt een talent om trots op te zijn, zeg.' 'Ja, het vereist jarenlange training en heel veel uren gezelschap van mijn zus.' Ik grinnikte.
Toen mijn schaafwonden verzorgd waren en mijn enkel stevig verbonden was voelde ik me al een heel stuk beter. Na wat oefeningen lukte het prima om met de krukken te lopen en ondanks dat ik het gevoel had dat mijn hele lichaam onder de blauwe plekken zat had ik er niet veel last meer van. Het waren vooral mijn enkel en mijn gezicht die pijn deden. Yusaku was heel de tijd erg bezorgd en behulpzaam zoals hij altijd was. We hingen voor de rest van de dag een beetje rond in de kamer, en in de middag liepen we onder Yusaku's paraplu door de stad en aten we pizza in een restaurantje.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen