Foto bij 001.

Drugs and music are an escape from reality.

Twee witte lijnen gevormd van poeder liggen voor me, op een versleten, natte kartonnen doos . Starend kijk ik naar dit ‘wonder middel.’ Een grote glimlach staat op mijn gezicht. Terwijl ik op de koude stenen zit laat ik de twee lijntjes cocaïne mijn neus binnen dringen. Het eerste gevoel, de kick dat voel ik direct. Zo is mijn verslaving ook eigenlijk begonnen. Ik zocht een uitweg maar ook een soort spanning. Weg van alle problemen die plaats hadden gemaakt voor een klein beetje geluk.
Als ik wist dat ik zo zou eindigen zoals nu: levend op staat, had ik mezelf tegen gesproken. ‘Kom op Adaline waar de fuck ben je mee bezig.’ Dit zou het kleine, irritante, piepende stemmetje in mijn hoofd gezegd hebben. In plaats daar van ging ik met mijn domme kop drugs gebruiken.
Eerst nog heel onschuldig. Jointjes en xtc pilletjes. Niet standaard elke dag gewoon twee keer per week maximaal. Toen de problemen thuis begonnen met mijn ouders die gingen scheiden had het onschuldige drugsgebruik plaats gemaakt voor een heftige verslaving.. Drugs was letterlijk wat ik elke dag nodig had. Elk uur kan ik wel zeggen.
Mijn ouders waren me zat, ze wouden niet meer voor me zorgen. Zo waardevol was ik voor hun! Zo waardevol dat ze me gewoon op straat dumpte! Als ik er aan denk word ik boos, nee woedend!
Ik knijp met mijn nagels in mijn tedere witte huid op het moment dat ik aan mijn ouders denk. Die ‘ achterlijke imbecielen! Hoe durven ze! ‘
Opeens komt er een man voor mij staan. Zijn heldere groene kijkers kijken recht in de mijne. Ik voel dat mijn wangen beginnen te gloeien. Oh god hij is zo knap, fluister ik zacht in mijn hoofd. De man werpt een kleine, onschuldige glimlach naar mij toe. Waar door het blozen nog erger wordt. Zijn hand reikt mijn kant uit en zie dan een briefje van twintig euro tussen zijn vingers. Shit zelfs zijn handen zijn prachtig! Niet te groot, niet te klein en zijn vingers zijn in verhouding perfect.
Dan staar ik weer naar het briefje van twintig. Twintig euro mooie aanwinst van vandaag. Toch schud ik snel mijn hoofd en richt ik mijn blik weer naar zijn prachtige groene kijkers. ‘Neem aan,’ zegt hij iets te dominant. Die dominantie maakt zijn uiterlijk helemaal af, ik zou zijn uiterlijk in twee woorden kunnen beschrijven: pure perfectie.
Mijn gedachten gaan langzaam terug naar het briefje van twintig euro. Nog een keer schud ik mijn hoofd. Geïrriteerd zucht hij en gooit hij het briefje van twintig naar me toe. Respectloos! Denk ik in mijn hoofd. Wat denkt hij, dat ik een of andere straat snol ben of zo? Ik richt mijn blik naar mijn kleding toe en zucht dan diep. Shit hij heeft gelijk. Ik zie er uit als een goedkope straat slet die van plan is haar lichaam te verkopen voor een briefje van tien om er vervolgens een zakje cocaïne van te halen.
Zodra ik mijn blik weer naar boven werp om deze mysterieuze man te bedanken merk ik op dat hij weg is. Weg.. Hoofdschuddend schut ik mijn hoofd. ‘Achterlijke ondankbare sukkel!’ Schreeuw ik mezelf toe. Niet wetend dat ik hard op schreeuw. Ik voel opeens alle ogen van de mensen op straat naar mij gericht. Sommige mensen beginnen triomfantelijk naar mij te lachen, terwijl andere mensen mij aankijken met medelijden in hun ogen.
Ik begin hard te zuchten en voel dat de woede in mijn lichaam begint te koken. ‘Tel tot tien Adaline.’ Spreek ik mezelf hoopvol toe. ‘Tel tot tien.’ Deze woorden herhaal ik een aantal keer in mijn hoofd tot dat ik weer ben afgekoeld. Zodra ik weer rustig op adem ben gekomen denk ik aan die handsome guy die nog geen vijf minuten geleden voor mij stond. Hij was zo knap, nee maar dan echt hij was gewoon lekker. Zijn mysterieuze ogen, zijn te perfecte lach laat mijn hart op hol slaan. Wie was hij? Waarom denk ik aan hem? En de belangrijkste vraag, ga ik hem ooit nog terug zien?

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen