2020



Hoofdstuk 9.5

In de ochtend was het haasten, de vele kinderen moesten hen ontbijt voordat ze met school zouden gaan starten. We waren het er eens over dat de peuters vanaf leeftijd 2 jaar al leerde hen naam te schrijven, het alfabet te benoemen, verschillende kleuren, vormen, tekens te benoemen. Enkel de jongste telgen bleven thuis, bij ons. Wendy maakte zich klaar om de eerste kinderen al naar hen leraar te begeleiden.
'Kom op, jongens' sprak ik streng.
Dit moest zeker nog een routine automatische piloot gaan worden.
Zolang we hier langer zouden wonen, zou het wel vlotter verlopen.
'Zylina, Larkin, Juno, Ruthy, Aslan, Beau, Vajèn, Mirre, Rory, Nick, Mick, Eve, Nova, Indra, Kevin, Cherry opschieten, tante Wendy wilt vertrekken' was mijn tinkelende strenge stem. Alle waarvan ik hen naam genoemd had, keken op. Nieuwsgierig, 'School begint' grijnsde ik. Rosa, Tirza en ik hielpen de kleinste uit hen stoel, en Wendy hielp de vele kinderen met hen jassen aan te trekken.
Al snel zaten de kinderen in de bolderkar, Wendy trok de kar voort en verdween het landgoed op.
'Tirza' was mijn rinkelende, tinkelende heldere stem.
De koffie had eindelijk zijn werk gedaan, mijn keel goed gesmeerd dat het niet meer zo hees klonk.
'Zou jij op de kleinste vandaag willen passen, ze spelen met ze vieren in de speelkamer' het meisje knikte fronsend.
'Alleen voor vandaag, dan kan jij morgen mee' glimlachte ik haar toe.
Ik wist hoe graag ze naar buiten wilde, maar ik wist ook dat andere van ons, langer dan 10 jaar niet buiten waren geweest. Andere korter, zoals ik al eerder had uitgelegd, hoe snel en of hoe langzaam er iemand bij ons werd gevoegd. We waren er zelfs al een aantal verloren, door de jaren heen.
'Rosá, we werken vandaag maar tot vijf, daarna zorgen we dat we met ze alle kunnen eten' opperde ik, mijn jas aan trekkend.
Het was een aardige wandeling, maar het voelde goed, niet meer zo opgesloten te zitten.
Je toch vrij te bewegen, zo in de natuur.
Alsof ik een prinses was op een groot stuk land, waarover ik heerste, de baas was en moest beschermen, verdedigen.
Het gezicht van mijn kinderen, dat ze buiten zagen, dat ze zoveel groen zagen en ook nog eens niet ziek waren gewoorden, door ineens het verschil met voorgaande jaren. Waar ze altijd en eeuwig maar binnen konden zitten, niet naar buiten konden kijken en of gaan.
Die tijd was geweest, ze konden de zon op hen huid voelen branden.
Net zoals ik al een paar keer heb mogen meemaken.
Het was een opluchting, niet meer opgesloten te zitten.
Molly, maakte ik mij overigens nog zorgen over, het meisje was net als Isa erg vervelend, baldadig, gevaarlijk.
We konden haar hier niet vrij laten rond dwalen, lopen.
Ze zat opgesloten in een van de huisjes, met speciaal beveiligd, glas, dat niet zomaar kon breken.
Alleen, ze had tot haar beschikking een kleine woonkamer, waar ze kon zitten, tv kijken, lezen. Een kleine badkamer inclusief toilet in dezelfde ruimte, een kleine slaapkamer, met daarin een bed, kast en nachtkastje en als laatste een kleine keuken, met koelkast, en afwasbakken.
Koken gebeurde niet in het huis, omdat ze zo brand kan veroorzaken.
Er werd voor haar gekookt, dat zou dagelijks gebracht woorden.
En misschien kon het zelfs nog eens bewaard woorden als het een koud buffet was.
Als ik nu bekeek hoe onze situatie eruit zag, zag het er 10x beter uit, dan in het ondergrondse bunker.
Ook Molly had het beter, wij alle hadden en kregen het beter.

Reacties (1)

  • Luckey

    molly ugh
    hoop dat zij geen kinderen meer krijgt
    zie nu pas dat ik dit hoofdstukje was vergeten te lezen

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen