Ik weet niks om te zeggen, dus hier is het eerste wat in me op komt: appelsap met stukjes.

(Ik weet niet eens of dat wel bestaat, maar goed...)

Ik liep moe door het bos op mijn wolvenpoten. Natuurlijk moest het weer precies vandaag volle maan zijn. Het verbaasde me, ik was gewoon mezelf, maar dan in een wolvengedaante! Waarschijnlijk dacht ik dat elke nacht, maar natuurlijk vergat ik het dan steeds weer. Toch voelde ik een soort honger, een soort bloeddorst. Nou ja, negeren. Nu ik wist hoe het was een wolf te zijn vond ik mijn Wisselen een stuk minder erg, ik zou helemaal geen mensen aanvallen. Het was zo frustrerend om te bedenken dat ik dit allemaal zou vergeten als de zon op kwam! Jeetje, ik zou m'n hond puppies kunnen bezorgen en het vergeten, ik kon van alles doen en het vergeten! Niet dat ik dat zou doen, ik zou waarschijnlijk gewoon ergens onder een boom gaan liggen, ongelukkig te wezen. Ik moest wel toegeven dat de maan prachtig was, hoe 'ie zo boven zee hing en de zee een spookachtige gloed gaf. Ik snoof de zeelucht op, bedenkend dat ik die over twee dagen niet meer kon ruiken. Geschrokken maakte ik een sprongetje en piepte opgewonden. Ik had geen last van mijn astma meer! Het was alsof mijn keelgat opeens tien keer groter was en ik happen lucht in één keer kon ademen. Een wolf zijn was veel verdragelijker dan ik had gedacht, jammer dat ik dat alleen wist als ik er daadwerkelijk ik eentje was. Ik liep wat verder het bos in, en slaakte een pijnlijke, geschrokken huil uit. Ik gromde hartgrondig en als ik een mens was geweest had ik gegild van pijn. Ik draaide mijn kop en zag dat mijn rechter poot vast zat in een berenklem! Ik huilde en piepte van pijn en angst en zocht naar een manier om los te komen zonder mijn poot er af te rukken. Mijn wolvenoog viel op een touw. Ik wist niet goed waar het voor was, maar ik kon het beter doorbijten en kijken wat er gebeurde dan niks doen. Ik was zowat verdoofd door de helse pijn, waarschijnlijk had ik nog nooit zo iets gevoeld als dit. Toch wist ik het touw door te krijgen met mijn verbazingwekkend scherpe tanden. Maar het touw doorbijten was een dom idee, heel dom. Een net viel naar beneden en ik raakte er verstrikt in. In lag daar maar, hulpeloos in het donker. Zou iemand me ooit vinden en bevrijden? En wie dan? Wolven, dacht ik. Er was gezged dat hier wolven rondliepen! Ik hief mijn kop op en huilde luid, dat moest ze naar me toe brengen, toch? Ik bleef voor vijf minuten lang huilen, maar toen er niemand kwam stopte ik er mee. Ik piepte en jankte nog steeds zachtjes en angstig an de pijn. Wat zou er met me gebeuren als ik gevonden werd? Werd ik naar een dierentuin gebracht?! En wat zouden ze dan doen als ik opeens in een jongen veranderde?! Wat nou als ik hier stierf, zou ik dan het lootje leggen in mijn wolven gedaante? Hopeloos huilde ik opnieuw, maar dát had ik niet moeten doen. Want een minuut of twee later vingen mijn spitse oren voetstappen op. Voetstappen van een stuk of vijf mannen, en tot mijn afschuw hoorde ik het geklik van een jachtgeweer. 'We hebben er eentje gevangen, Lou.', zei een rauwe stem. Kon ik nu niet gewoon het beste mijn poot er af rukken, het touw door bijten en weg rennen? Alleen de gedachte al om geen rechterpoot, en in het mensenleven een rechtervoet te hebben was angstaanjagend en verschrikkelijk. Hoe moest ik uitleggen wat er gebeurd was op het kamp? Kon ik überhaupt ooit nog terug komen om wat dan ook na te vertellen!? Ik besloot dood te spelen, dan zouden ze misschien niet op me schieten. 'Ja maar het is geen beer.', gromde één van de mannen. 'Ja, maar een wolf is nog veel beter, idioot!', siste een vrouwenstem. Ik probeerde niet te hijgen, niet te laten merken dat mijn hart klopte als een gek. Ik kreeg een harde schop, maar bleef doodstil liggen. 'Hij is dood.' 'Niet zo zeker van zijn, stomkop.' Een ander paar voeten kwam mijn kant op, maar ik werd niet geschopt. 'Hij leeft.' Well, fuck. 'Hoe weet je dat?' 'Ja verdomme, ik zie dat ding toch ademen!? Moeten we hem nu meteen afschieten?' Ik opende dóódsbang mijn ogen. Vijf schuaduwen keken op me neer, en dit kon misschien het laatste zijn wat ik ooit zou zien. De man met het geweer zei: 'Kunnen we het beest niet beter alvast meenemen en haar hem laten doden? Als we te veel bloed op die mooie vacht smeren wilt ze hem al helemaal niet meer, en dan kunnen we wel fluiten naar die poen.' Wat gingen ze met me doen? Ze wouden mijn vacht goed houden, betekende dat dat ze een bontjas van me gingen maken?! Geen woorden konden uitdrukken doe ik me voelde, zo bang en verward. Nooit verwacht dat ik ooit nog eens voor mijn leven moest vrezen omdat een stel gekken me wouden villen. 'Jongens...', begon een onzekere stem. 'Moeten we hem niet hier laten? We kunnen hem het beste afschieten, maar zij heeft toch echt om een beer gevraagd, geen wolf. Ik moet er niet aan denken hoe boos ze zou worden.' 'Idioot! Natuurlijk zou ze blij zijn, wolven zijn veel meer waard, én het ziet er beter uit! Misschien krijgen we nu zelfs wel een grotere beloning!' 'Of we worden gestraft, ik heb de littekens van de vorige keer nog steeds.', zei de onzekere stem. 'Houd je kop, niemand luistert naar jou!', riep iemand agressief. 'Schieten we hem nou hier af, of niet?' Ik gromde zachtjes en dreigend, en de persoon die het dichtste bij mij had gestaan deed geschrokken een stap naar achteren. Ik begon luider en angstaanjagender te grommen, in de hoop de mensen af te schrikken. 'Dit beest is gestoord!', riep iemand geschrokken uit. Ik de hoop misschien los te komen, begon ik te spartelen en te draaien, maar met het resultaat alleen maar pijnlijker vast te komen zitten. Een dun, sterk stukje touw sneed in mijn snuit en was om mijn bek gewikkeld waardoor ik mezelf niet meer los kon bijten, al wou ik het. Ik piepte gepijnigd en voelde mezelf licht in mijn hoofd worden van alle pijn. Het was alsof Satan op mijn poot zat te bijten of zo, zo'n pijn, zo'n helse pijn. 'Laten we hem meenemen.' 'Waarom steeds 'hem'?', vroeg de vrouw geïrriteerd. 'Misschien is het wel een vrouwtje.' 'Geen tijd voor deze stomme onzin, Cyndia, help liever even mee en snijd dat net los.' 'Ben je gek?! Straks bijt dat beest mijn vingers er af!' 'Nou geef dan in elk geval dat verdomme mes aan!' Het was zo'n opluchting om bevrijd te worden van het net. Maar de grootste opluchting was toen de klem om mijn poot open ging. Het was een geweldig gevoel, niet meer het gevoel te hoeven hebben dat elke seconde mijn poot geen deel meer uit kon maken van mijn lichaam. Meteen toen ik los was begon ik luid te huilen, te grommen, te spartelen en te bijten. Ik kreeg de broekspijp van één van de mannen te pakken en scheurde de broek open tot aan de knie. De vrouw die mee was begon te gillen toen ik de voet van iemand anders beet had gekregen. 'Schiet dat kotebeest af en maak dat je weg komt!', riep de man die de leider bleek te zijn. Vier paar voeten renden weg, en alleen de man met het geweer was over. Ik was er geweest, ik was er echt geweest. Ik sloot mijn ogen en bedacht goed wat nu nu voelde, wat ik hoorde, wat ik rook. Ik nam alles in me op voordat ik dood geschoten zou worden. Ik voelde de pijn, de uitputting. Ik rook bloed, en ik hoorde de vogels. Het geluid van een geweer dat geladen werd, en een doffe, luide knal die alle vogels geschrokken op liet vliegen.

Reacties (2)

  • DeNaamIsGideon

    Als dit het einde is dan stuur ik Chuck Norris op je af.

    3 jaar geleden
  • aarsvogel

    En ik hoopte nog zo op een 'Happy End'😢

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen