Foto bij #2 Oogverblindend

18 juli 2017
GAVIN


Ik staar uit het raam van mijn auto. We staan alweer in de file. Zo te zien gaat het nog wel even duren. Grommend pak ik mijn telefoon en app Sam dat ik later kom vanavond. 'Greg, zet de auto maar aan de kant. We gaan wat eten hier in de buurt en rijden wel terug als het rustiger is. Dit schiet niet op.' Zeg ik grommend. Greg knikt. Mijn manager zie ik in mijn ooghoek meeknikken. 'Goed idee Gavin. Ik rammel van de honger!' Roept hij terwijl hij over zijn dikke buik wrijft. Ik knijp met mijn ogen. 'Je hebt twee uur geleden nog een stapel broodjes naar binnen gewerkt. Je doet net of ik je laat verhongeren.' Nu lacht hij. 'Je bent een toffe baas, maar dat weet je, Gav.' Nu lach ik ook. Bas is mijn oom en al sinds het begin van mijn comeback mijn manager. Sinds mijn vader er niet meer is heeft hij het stokje overgenomen. Ik ben wel een jaar depressief geweest na zijn dood. Geen muziek gemaakt. Niet gezongen. Bas heeft me eruit getrokken. Nu is er sinds een lange tijd weer meer duidelijkheid in mijn leven. Ik heb een doel. Ik mag albums maken. Wat een verschil met een jaar geleden, toen ik elke dag op de bank lag met afhaalmaaltijden en niks deed behalve gamen. Greg houdt het portier voor me open en ik stap uit. We lopen door de parkeergarage als ik een meisje hoor gillen. 'Gavin!!!!!' Al snel hoor ik meerdere stemmen roepen. 'Waar?' 'Echt!' 'AAAAHHH!' Bas en ik wisselen een blik en weten meteen wat we moeten doen. Bas blijft staan om de fan tegen te houden en Greg en ik lopen snel de parkeergarage uit. We lopen het eerste restaurant wat we zien binnen. Ik kan niet riskeren dat meer mensen me herkennen. Het is nog steeds wennen na een jaar in stilte te hebben geleefd, dat mensen weten wie ik ben. En met me op de foto willen. Gelukkig krijgen we een tafel aan de zijkant toegewezen. Het personeel lijkt me niet te herkennen. Iedereen is druk bezig. Opgelucht neem ik plaats en bekijk de kaart. Greg onderbreekt me. 'Gavin? Weet Bas wel waar we nu zijn?' Ik lach. 'Ik heb hem toegang gegeven tot mijn locatie. Hij kan altijd zien waar ik ben!' Greg lijkt hiervan te schrikken. Ik bijt op mijn lip terwijl ik denk aan de dreigmails die binnen kwamen na mijn tv optreden. Sommigen waren zo bedreigend dat de politie het onderzoekt. Mijn privacy is volledig verdwenen. Bas staat binnen een minuut aan de tafel te hijgen. 'Ik heb ze afgeleid met je merchandise. Gelukkig heb ik geleerd van mijn fouten. Met rollende ogen gaat Bas zitten en grist de kaart van tafel. 'Hoe bedoel je?' Vraagt Greg. 'Een paar weken terug waren we op een concert. We moesten na het optreden deels door het publiek lopen. Iedereen gilde om foto's of een handtekening. Ze scheurden letterlijk het shirt van Gavin. Weet je dat nog!' Bas schatert van het lachen. Ik frons. Dat was alles behalve grappig. 'In ieder geval,' gaat Bas door, 'Sindsdien neem ik een stapel foto's mee met handtekening. Deze heb ik altijd in mijn tas en gooi ik rond of deel ik uit. Op die manier heb ik een afleidingstactiek. En petten kun je ook ver gooien. Die heb ik ook minstens 5.' De blik in Gregs ogen wordt zorgelijker. Hij is pas sinds vandaag mijn chauffeur. Elke chauffeur stopt ermee omdat de kans groot is dat ze iemand aanrijden, simpelweg omdat fans gillend met de auto mee rennen of zich ervoor werpen. Voor mij werken is zeker een uitdaging. Greg heeft nog amper iets gezien. Ik ben nieuwsgierig of hij echt zo goed kan rijden als de agency beweert. Hij heeft een militaire achtergrond en dat voelde wel een stuk geruststellender dan een doorsnee taxi chauffeur. De bestelling wordt gebracht en er heerst even stilte aan tafel. Bas heeft een kwart van de kaart besteld en er is zelfs een extra tafel bij gezet om het eten op kwijt te kunnen. Ik speel met mijn glas whisky als ik een grote groep zie binnenkomen. In een oogopslag zie ik dat dit een rouwend gezelschap is. Intens zwarte kleren aan. Verdriet. Ik herken de blikken van mijn familie na mijn vader. Ik kijk snel weg en richt me op Bas, die weer verhalen vertelt over hoe we ontsnapt zijn aan de dood. Niet letterlijk dan. Ik besef me dat ik maar beter een beveiligingsteam kan inhuren. Het idee klinkt bizar maar nu ik nadenk over mijn geschiedenis begrijp ik ineens dat Bas en ik niet op kunnen tegen 100 meisjes met simpelweg een paar foto's en petten. Mijn blik dwaalt weer af naar het grote gezelschap. Ze joelen en huilen luid. Het kwelt me om te zien dat ze zoveel pijn hebben. Dan zie ik haar.

'Toen ik haar zag, was het alsof de wereld niet meer bestond.'
GAVIN


Ik weet niet wat me overkomt. Ik kan alleen maar staren in die prachtige ogen. Ze is oogverblindend mooi. Zou ze me herkennen? Ze staart me intens aan. Het zweet breekt me uit. Ik heb al heel lang niks meer voor iemand gevoeld. Het voelt nu alsof ik in een oogopslag verliefd ben. En ik vraag me af wie ze is. Ik zie een rode vlek mijn prachtige beeld verstoren en besef me dan dat ze tomatensoep over zich heen krijgt. Ze kijkt nu ook naar beneden en ziet het. Verbaasd bekijk ik de wijn die ze eroverheen gooit. Brandt dat niet? Ze kijkt me weer aan. Denk ik. Ik kan niet stoppen met kijken. Wat is ze mooi. Zou ze pijn hebben? Ze ziet er niet zo uit. Ineens trekt ze aan haar jurk. Ik zie haar vallen. Ik sta op. Ik loop er regelrecht heen. Haar bleke gezicht ligt op een schoot van de ober. Ze is bewusteloos. Ik voel me gek genoeg jaloers dat ze op zijn schoot ligt. Een vrouw huilt en roept. 'Oh nee! Word wakker Alissa!' Is dat haar naam? Ik voel een arm op me. 'Wat doe je, man?' Een bekende stem. Bas kijkt me aan. Ik stuur hem bot terug naar de tafel. Hij weet dat ik het meen. Mijn blik glijdt weer terug naar de vrouw. Het moet haar moeder wel zijn. Ik loop ernaartoe. 'Mevrouw? Kan ik iets voor u doen?' De vrouw kijkt me met grote ogen aan. 'Mijn dochter! Ze is..' Ze huilt. Ik omarm haar. 'Mevrouw, ik kan u helpen. Is 112 gebeld?' Vraag ik zorgelijk. De ober reageert met ja. 'Ik heb meteen gebeld. Ze zijn onderweg.' Hij houdt een telefoon vast, zie ik nu. Ik geef de vrouw mijn kaartje. 'Belt u mij alstublieft als u kan. Ik ken advocaten die u met deze zaak kunnen helpen. Het is misschien voorbarig maar dit had nooit mogen gebeuren. Ik wil u en uw dochter helpen.' De vrouw kijkt me verbijsterd aan. Ze neemt het kaartje aan maar lijkt me niet te begrijpen. Een nog oudere vrouw, vermoedelijk Alissa's oma, stapt dichterbij. 'Een advocaat! Wat is dat voor taal! Dat ze wakker wordt!' Roept ze. Ik schud mijn hoofd. 'Zo bedoel ik het niet, mevrouw. Ik wil dat ze de beste zorg krijgt. En met een sterk team krijg je de beste zorg. Ik bel meteen mijn contactpersoon.' De oudere vrouw wil me nu tegen houden. 'Wie bent u wel niet!' Schreeuwt ze uit. Onmiddellijk valt ze in een huilbui en leunt ze half tegen me aan. Bas staat weer naast me. 'Gavin, alsjeblieft, kom mee, je schopt een scené.' Ik schud mijn hoofd. 'Laat me, Bas.' Sis ik. Dan hoor ik meiden gillen. 'Daar is hij! Gavin!!!' Een groep meisjes komt binnen stormen. De oude vrouw staat op en kijk verbaasd op. Ik werp een blik op de prachtige vrouw die daar bewusteloos ligt. Alissa. Een gevoel van verdriet stompt me in mijn maag. Zal ik haar ooit nog zien? Wordt ze beter? Greg trekt aan mijn arm en ik weet dat ik moet gaan. Bas en het personeel rennen naar voren om de meisjes tegen te houden. Ook gasten helpen mee, om Alissa te beschermen. Ik wou dat ik kon helpen. Maar blijven maakt het erger. Ik kijk de moeder nog een keer indringend aan. 'Ik bedoel het goed!' En dan ren ik weg, zo snel als ik kan. Gelukkig helpt Greg me om weg te komen. Even later zitten we hijgend in de auto en Greg racet als een wilde door de straten, zo ver weg, dat ik me nog eenzamer voel dan ik al was. En ik schaam me dat door mij Alissa nog meer in gevaar is gebracht. Die meiden hebben haar wel omver kunnen rennen. Ik maak me zorgen om een wildvreemde. Alles is veranderd.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen