Foto bij Vrijdagavond

Volgende week helaas geen stukje, ik ben er weer een weekje tussenuit!

Casper fietst zwijgend naast me. Zijn kalmte irriteert me, omdat ik de adrenaline door mijn bloed voel pompen. Ik weet dat ik binnen nu en een half uur ga instorten en ik weiger te breken met Casper erbij.
‘Als ik thuis ben, ga je weer weg, oké?’ Mijn stem klinkt zwak, alsof ik wanhopig graag wil dat hij blijft. Ik heb iemand nodig, iemand op wie ik eens mag leunen. Casper lijkt die rol prima te kunnen vervullen, maar er is nog nooit iemand gebleven.
‘Nee. Is er iets met je broertje?’ Casper haalt zijn hand door zijn haar en ik erger me aan dat nonchalante gebaar. Het doet me denken aan hoe Mica dat doet na een diepe zucht.
‘Casper, je komt te dichtbij.’ Mijn hele lichaam trilt, moe van het vechten tegen mezelf. Het is voor het eerst dat ik het aan kan geven.
‘Als het goed voelde om je alleen te laten gaan, fietste ik hier nu niet. Ik heb je geen pijn gedaan, Sky en dat ga ik ook niet doen. Ga dat maar eens ervaren, misschien ren je dan niet van me weg.’
Casper klinkt sterk en overtuigend, alles wat ik op dit moment niet ben.
Ik rem af, gooi mijn fiets tegen het hek en tast naar mijn huissleutel. Gelukkig vind ik die snel en verbazingwekkend rustig open ik de deur. Ik weet dat ik scherp ben zodra ik moet handelen. Ik stap naar binnen, draai me om en wil de deur in het slot gooien.
Casper staat echter binnen voordat ik het goed en wel doorheb. ‘Ik laat je niet alleen gaan, dat wist je al. Kom op, Sky.’
Ik draai me met een ruk om en loop de woonkamer in. Mica zit op de bank en kijkt voorzichtig op. Zijn ogen zijn rood. Als hij Casper ziet, trekt hij zijn wenkbrauwen hoog op.
‘Kun je ons even alleen laten?’ vraag ik vermoeid aan Casper.
Hij knikt en trekt de deur achter zich dicht naar de hal.
‘Hey.’ Ik loop naar mijn broertje en sla mijn armen om hem heen. ‘Ik ben zo trots op je, Mica,’ fluister ik, terwijl ik door zijn haar woel. Het kleine plagerijtje zorgt ervoor dat zijn mondhoeken kort omhoog krullen.
‘Ik wilde helemaal niet drinken, Sky. Echt niet. Maar ik wilde ook niet jouw avond verpesten.’ Hij zucht diep en haalt zijn hand door zijn haar.
‘Heb je gedronken?’ Ik kijk hem recht aan in zijn donkerbruine ogen, totaal afwijkend van mijn heldere, blauwe ogen. Het is een groot verschil, maar diep vanbinnen voel ik me exact hetzelfde als Mica. In zijn ogen zie ik een gebroken jongen, in de spiegel zie ik een gebroken meisje dat ik niet wil zien.
Mica schudt zijn hoofd. ‘Ik wil echt stoppen, Sky. Het liefst zelf, maar het lukte niet.’
Ik omhels mijn broertje stevig. ‘Dankjewel dat je belde.’ Ik blijf hem vasthouden. Iemand knuffelen totdat diegene loslaat, de regel is zo simpel.
‘Het spijt me.’
‘Niet doen. Je doet het fantastisch.’ Ik voel dat ik kalmeer en weer adem kan krijgen. ‘Sorry dat Casper mee is. Hij is letterlijk de deur in gesprongen.’
Mica grijnst en het doet me goed dat te zien. ‘Hij klinkt behoorlijk wanhopig.’
‘Hij is veel te beschermend.’ Ik doe alsof ik ril. ‘Ik haat dat.’
‘Omdat het jouw taak is. Het is goed als iemand die taak op zich neemt voor jou, Sky. Ik mag hem nu al.’ Mica laat me los, waarna ook ik loslaat. ‘Je ziet er slecht uit.’
Ik slik moeizaam. ‘Het gaat wel. Ik…’ Ik hef machteloos mijn handen. ‘Ik zou willen dat ik alles voor je op kon lossen. Nu, hier ter plekke.’
‘Dat doe je al. Stapje voor stapje. Je kunt andere mensen niet redden, zusje. Dat moeten ze zelf doen. Je kunt er alleen voor me zijn. En dat doe je.’ Mica haalt diep adem. ‘Stel die jongen eens aan me voor.’
Ik schraap mijn keel en loop naar de deur. Als ik Casper zie staan, met bezorgdheid in zijn ogen, om mij, barst ik in tranen uit.

Geroutineerd doe ik mijn make-up en trek ik mijn lichte jeans en blauwe blouse weer aan. De douche heeft me goed gedaan en ik voel me een nieuw mens. Mijn hart klopt in mijn keel als ik de woonkamer binnenstap en ook al dwing ik mezelf Casper aan te kijken, het kost me extreem veel moeite.
‘Gelukkig, je hebt weer wat kleur op je wangen.’ Casper glimlacht kalm.
Ik haal mijn schouders op.
Mica komt overeind en omhelst me. ‘Oké?’ vraagt hij zacht.
‘Oké,’ fluister ik terug.
We hebben het elkaar zo vaak gevraagd, terwijl we het altijd van elkaar aanvoelen. Het bleef een soort extra check, uit angst de ware emotie van de ander te missen.
Mica laat me los, waardoor ik me realiseer dat ik hem al los heb gelaten. ‘Ik red me wel, Sky. Ga jij alsjeblieft nog een fijne avond hebben.’
‘Zeker weten?’
‘Ja. En anders bel ik je weer.’ Mica knikt om zijn woorden kracht bij te zetten.
‘Oké dan,’ geef ik onwelwillend toe. Ik adem diep in. ‘Laten we gaan.’
‘Mica, blijf zo doorgaan.’ Casper slaat zijn hand ineen met mijn broertje.
‘Zorg goed voor m’n zus.’
‘Dat doet ze zelf wel.’ Casper duwt zachtjes tegen me aan.
Tot we bij zijn huis zijn, zwijgen we.
‘Je uitdaging moet even wachten. Ik heb de repetitie van vanavond afgezegd. Ik kook graag nog voor je, als je dat ziet zitten.’
Ik kijk Casper aan en realiseer me dat hij me op mijn kwetsbaarst heeft gezien. Ik brak in zijn armen. Hij bleef kalm, maar betrokken. Het leek hem niet te verbazen of af te schrikken en dat deed me goed. Ik voelde me geaccepteerd door hem, terwijl ik mezelf uit de grond van mijn hart haatte. ‘Lief, maar ik heb geen honger.’ Ik zucht diep, waarna ik rood kleur. ‘Sorry. Ik ben niet het beste gezelschap vandaag.’
‘Kom.’ Casper gaat me voor, naar het dak en knikt naar een kleedje. ‘Tot straks.’
Voordat ik het goed en wel doorheb, ben ik alleen. Ik ga op mijn rug liggen en probeer rust te vinden in het staren naar de vreemde patronen in de lucht. Vanaf jongs af aan bracht de lucht me rust, het bizarre toeval met mijn naam blijft ongelooflijk. Het is alsof ik daar een ontbrekend stukje van mezelf kan vinden.
‘Je bent zo ongelooflijk prachtig.’ Casper schudt zijn hoofd.
Ik schrik op en door hoe onverwacht het is, begin ik te blozen.
‘Ik wil je niet in verlegenheid brengen, maar ondanks dat ik steeds meer het idee krijg dat je in een te harde wereld bent opgegroeid, blijf jij zo puur en onbedorven. Dat maakt je zo mooi. Als mens. Ik snap mijn eigen woorden niet eens, Sky, dus vergeef het me. Maar…’ Casper schudt opnieuw zijn hoofd. ‘Ik was opdringerig in het begin, dus ik kan niet zeggen dat het vanzelf ging, maar het was elke seconde frustratie meer dan waard. Ik vind het geweldig om bij je in de buurt te zijn.’ Casper glimlacht en komt bij me zitten.
Ik kom overeind. ‘I-Ik weet niet hoe ik moet reageren, maar een dankjewel is volgens mij wel op z’n plaats.’ Ik glimlach zwak. ‘Ik snap niet hoe je het leuk kunt vinden om bij me te zijn,’ laat ik me ontvallen.
Casper geeft me een bord aan met pasta. ‘Het is een salade geworden.’ Hij neemt zelf een hap. ‘Ik ken niemand die zo intens is. Jij doet alles met je hele ziel en zaligheid, om er maar eens een spreekwoord in te gooien. Ik weet zeker dat je een meisje bent dat alle spreekwoorden kent. Je bent anders dan de rest, op een buitengewoon positieve manier. Je bent tegenstrijdig en ongecompliceerd ineen. Je verbaast mensen, terwijl je altijd hetzelfde doet. Dat vind ik te gek. Dat bewonder ik aan je. Je bent goed gezelschap, Sky. Je maakt me vrolijk.’
‘Weet je wat het enge is, Casper? Ik geloof je.’ Ik kijk hem recht in zijn ogen, op zoek naar een leugen.
Hij is goudeerlijk. Zwijgend smeek ik hem om me geen pijn te doen.
‘Dat is niet eng. Vertrouw me.’
Ik leg mijn hoofd tegen zijn schouder en ik heb me in lange tijd niet zo gelukkig gevoeld.

Reacties (2)

  • tubbietoost

    YAY <3
    I'm so happy now ^^

    3 jaar geleden
  • Long

    Aaah yes! Zo leuk :3

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen