Hey Lieve lezers,

Tja... ik ben lang weggeweest dus ik wil als eerste zeggen: Sorry!
ik begrijp als je helemaal uit het verhaal bent en nu geen zin hebt om verder te lezen, dat is mijn eigen schuld, maar ik geef toch ff een kleine uitleg wat er is gebeurd.
Ik worstel al een aantal jaar met een depressie en de afgelopen weken ging het gewoon echt even niet goed. Hierdoor moest ik even een stapje terug doen. Doordat mijn laptop stuk ging, was ik uit het schrijfritme en lukte het me niet om deze meteen weer op te pakken.
Onderhand gaat het weer beter en kwam er iemand in mijn leven die me enorm pushte weer verder te schrijven. Op dit moment heb ik nu dus twee hoofdstukjes klaar staan en hoop de kracht te vinden om in ieder geval tot de 20.000 woorden te schrijven. Dat zal al een enorme overwinning voor me zijn.

Ik hoop dat er nog een paar zijn die gaan genieten van mijn verhaal. Reacties zijn enorm welkom:)

Ik knik naar mijn vader en duw mezelf van de grond. Ulan staat meteen naast me. 'Mag ik helpen?'
Ik kijk mijn zusje een beetje beduusd aan. Ze moet weten dat er weinig is om in te pakken. 'Ja, natuurlijk.' Samen verdwijnen we naar boven. Ik haal een kleine, oude sporttas uit de kast van mijn ouders, terwijl Ulan mijn kleren pakt. Ze vouwt ze allemaal zo klein mogelijk op en stopt ze in de tas. Ik pak mijn tandenborstel en gooi die er ook bij. Als laatste pak in mijn nachtjapon van mijn bed en rits dan de tas dicht.
Ulan zit naast de tas en wiebelt met haar benen. 'Ik ben heel blij voor je dat je eindelijk bent geselecteerd.' Zegt ze, maar haar stem heeft een sombere toon. Ik kniel voor haar neer en pak haar bleke handen vast. 'Ik zal je ontzettend missen.' Fluister ik. Ulan's betraande ogen schieten omhoog en ze lacht opgelucht. 'Echt? Ga je me niet vergeten?'
'Nooit van mijn leven.' Ik sla mijn armen om haar heen en hou haar even stevig vast. Dan duw ik haar van me af en kijk haar diep in de ogen aan. 'En we zien elkaar sowieso weer hè. Misschien val ik er direct de eerste ronde wel uit, misschien word ik gekozen door één van de mannen, maar we zien elkaar sowieso weer. Ik verdwijn niet voor goed, ik ben alleen voor een onbekende tijd even weg.'
Ulan snikt zachtjes, maar knikt. 'Dat weet ik,' zegt ze met gesmoorde stem, 'maar ik zal je missen.' Ze slaat haar armen om mijn hals en verstopt haar snotterde neus in mijn haar. Ik hou haar opnieuw stevig vast tot er op de deur word geklopt. Ik hoor hoe mijn moeder opendoet en iemand binnen laat. Daarna word er naar boven geschreeuwd: 'Isra, je vervoer is er!'
Ik laat Ulan los, geef haar een kus op haar voorhoofd en sta op. 'Kop op kanjer. Je redt het wel.'
Ik pak de tas van het bed en loop naar beneden. In de gang staat een jonge vrouw. Haar zwarte haar zit in een hoge paardenstaart. In haar hand heeft ze een mobiel en ze is gekleed in een volledig zwart pak. Op haar linkerborst draagt ze het embleem van Sodowir, vlak daaronder schittert het embleem van Spel van de Liefde.
'Gefeliciteerd met je deelname Isra.' Ze zet een stap naar voren en steekt haar hand uit. Ik pak hem aan en schud hem één keer op en neer. 'Mijn naam is Olwyn en ik zal je begeleiden tijdens je reis naar Livia.'
'Aangenaam.' Mijn stem lijkt niet meer dan een zuchtje wind en ik kuch een keertje ongemakkelijk. 'Goed, dan mag je afscheid nemen van je familie en buiten plaatsnemen in de hover.' Ze glimlacht lief naar me, draait zich om en verdwijnt naar buiten. Ik draai me om en vang Nakato nog maar net op die op me afspringt. 'Heel veel plezier zus!'
Op deze momenten zijn Nakato en Ulan zo verschillend. Dat maakt ze beide enorm speciaal. Ik hou van mijn zusjes.
'Dank je zusje.' Zeg ik lachend en zet haar weer op de grond. Mijn vader geef ik ook een knuffel. 'Wees jezelf lieverd.' Zegt hij en geeft me een kus op mijn voorhoofd. Daarna loop ik naar me moeder. Ze slaat haar armen om me heen en houd me stevig vast. Zachtjes hoor ik haar stem in mijn oor fluisteren. 'Waag het niet om thuis te komen voor de finale. Je zet alles op alles om Fillin's hart te veroveren. Ik verwacht binnenkort een bruiloft, anders hoef je niet meer thuis te komen.' Ze duwt me van haar af en laat me los.
Mijn mond is zo droog als een kurk en ik staar mijn moeder versteend aan. 'Dat begrijp je toch wel lieverd?' Zegt ze mierzoet en trekt even aan mijn arm. 'Nu, schiet op. Ze staan op je te wachten.'
Mijn lichaam voelt aan als een standbeeld, maar toch weet ik mezelf in beweging te krijgen. Ik hijs de sporttas op mijn schouder en stap ons huisje uit. Het zoemende geluid van de hover glijd mijn gehoorgangen in. Een beetje verbluft blijf ik staan.
Ik heb nog nooit een hover gezien. Niet in het echt, maar hij is nog indrukwekkender dan de afbeeldingen uit de tijdschriften die de meiden uit de naaifabriek soms meenamen.
Het metalen ding zweeft een paar centimeter boven de grond. De onderkant is verlicht met neonblauwe lampen. De ramen in de hover zijn geblindeerd, waardoor ik niet naar binnen kan kijken. Olwyn staat te praten aan de voorkant van de hover. Ik vermoed dat daar de chauffeur moet zitten. Olwyn komt in beweging zodra ze me ziet.
'Stap maar in.' Ze glimlacht vriendelijk bij de woorden en schuift de deur van de hover open. Bij het instappen moet ik bukken om mijn hoofd niet te stoten. Binnen brand een klein lampje. De hover is rond en een lange ronde bank is helemaal langs de zijkant gemaakt.
Olwyn stapt ook in en schuift de deur weer dicht. 'Ga maar ergens zitten en doe de gordel om.' Zelf neemt ze plaats bij de deur en krabbelt op een kladblok. Ik neem aan de andere kant van de hover plaats en klik de riem vast.
Een lichte trilling geeft aan dat de hover in beweging is gekomen, maar verder voel ik niets van de rit. Doordat het buiten donker is en de ramen geblindeerd zijn, kan ik niet naar buiten kijken. Buiten staan ook geen lantarenpalen, daarvoor is Fodo te arm. Alleen in het centrum staan er een paar, maar of ze het doen is een andere vraag.
Al snel komt de hover weer tot stilstand. Veel te snel naar mijn idee. Het is niet mogelijk dat we Fodo al uit zijn. Fodo is klein, maar niet zo klein.
'Wat gaan we doen?' Ik veer iets op en kijk Olwyn vragend aan. 'Er is nog een meisje geselecteerd uit Fodo. Ze wordt als nummer 87 opgenoemd en zal met ons meereizen. Als we haar hebben opgepikt gaan we naar Troeva om daar met nog drie andere meisjes het vliegtuig te nemen naar Livia.'
Ik laat me terug zakken in mijn stoel. Nog een meisje uit Fodo. Wie zou dat zijn?
Olwyn schuift de deur open en stapt uit. 'Blijf even zitten, oké? Ik ga haar halen. Volgens mijn tijdsschema is ze 3 minuten geleden opgenoemd.' Olwyn schuift de deur weer dicht.
Een zenuwachtige kriebel, glijd door mijn buik. Ik klik mijn gordel los en schuif naar de deur toe. Ik duw mijn gezicht tegen het raam in de hoop iets te kunnen zien. Duisternis vult mijn irissen en ik laad me zuchtend terug op de bank vallen. Stomme geblindeerde ramen.
Ik schuif terug naar mijn plekje en bijt op m'n nagel. Het kost me alle nagels van mijn linkerhand, als eindelijk de deur weer openschuift. Ik hoor de onderhand bekende stem van Olwyn zeggen: 'Stap maar in.'
Als het meisje instapt kan ik een gil niet inhouden.

Reacties (5)

  • AMuppetOfAWoman

    Fijn om te horen dat het beter met je gaat!
    Neem rustig de tijd en geniet van het schrijven.
    Het verhaal is en blijft erg goed. Hiervoor heb ik alle tijd van de wereld.

    2 jaar geleden
  • Madelaine

    Aaah ik was zo blij om te zien dat er een nieuwe hoofdstuk was! Neem je tijd en geniet vooral van het schrijven! Dat is toch het aller belangrijkste!

    2 jaar geleden
  • Helgenberger

    Oh, ik ben benieuwd wie het is omg.

    Fijn dat het nu weer beter met je gaat en ik kijk uit naar de rest van het verhaal (:

    2 jaar geleden
  • Shibui

    Fijn dat het beter gaat!

    2 jaar geleden
  • Sunnyrainbow

    Ben benieuwd wie het is! Fijn dat het weer iets beter met je gaat, als het niet gaat in het leven moet je even de tijd voor jezelf nemen, dat is belangrijk!:)

    2 jaar geleden
    • Florets

      Dank je wel voor het begrip ^.^

      2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen