Foto bij 106 Tussenin

Ik kruip dicht tegen hem aan en vecht tegen het alarm dat afgaat. Ik wil rust en vrede, en zijn sterke lichaam geeft me die bescherming. Het is Harry die het ding afzet en dan bijna weggooit.
“Ik haat je drukke agenda.” Ik zeg niets maar geniet nog van zijn ontblote borstkas tegen de mijne aan. Mijn vingers gaan zoekend over de verkleuringen die niet enkel van gisterenavond zijn.
“Ik haat deze moedervlek hier. Die is zo verwarrend in het heetst van de strijd.” Ik prik hem ergens op zijn borstkas, op het plekje. Harry lacht en kust mijn voorhoofd waarna hij van me wegrolt en ik noodgedwongen en moederziel alleen in het bed achterblijf.
“Lou,” ik hum op zijn vragende en enorm hese intonatie terwijl ik dan toch maar overeind krabbel en een dikke badjas rond mijn gespierde lichaam heen sla. “Je slaapt nog steeds onrustig.” Ik knik en geef hem dan een blik.
“Sinds ik ‘vader’ ben geworden, krijg ik allemaal beelden waarvan ik niet weet of ze echt zijn of nog kunnen gebeuren.” Har fronst maar knikt dan toch bezorgd als ik hem passeer en hem een kneepje in zijn onderarm geef. Tijd voor havermout, yeay. Dus niet. Wacht… “Har?” Hij lijkt aangedaan en ademt dan een keer diep in.
“Ik vind het gewoon moeilijk om je je eigen ding te laten doen. Ik ben je een keer verloren, en de breuk is niets. Het zijn de flashbacks en herinneringen die verscheurend zijn.” Ik neem hem nu wel in mijn armen en wieg lichtjes heen en weer terwijl onze gezichten elkaar naderen.
“Ik hou van je. In het nu.” Ik frons lichtjes, eigenlijk kan ik me het niet voorstellen hoe het voor hem geweest is. Hij heeft me verloren, rond gezworven, geleden en geleden om me dan elke keer terug te vinden en weer te verliezen. “En in de toekomst.” Ik glimlach en wil hem teder kussen, maar hij opent zijn volle lippen om iets te zeggen. Hoe kan ik zo verliefd zijn geworden op de man met het chaotische kapsel en sprankelende ogen?
“Heb je daar rechtstreeks bewijs voor?” Ik lach en duw mijn heupen tegen de zijne aan. Niet dat er op dit moment iets te beleven valt daar, maar het doet hem wel grijnzen en mijn slaap kussen. De microgolf wordt boos doordat het al voor de tweede keer moet piepen om te laten weten dat mijn melk intussen zeker warm genoeg is. “Ik kan me jouw vroegere leven niet voorstellen.” Harry haalt zijn schouders lichtjes op terwijl hij de alcohol binnen giet alsof het flauw water is.
“Wel, je hebt de flashbacks.”
“Waarvan ik niet weet of ze waar zijn.” Hij knikt en neemt nog een slokje waarna het lege glaasje voor hem uit geduwd wordt.
“Het is geen mooie geschiedenis.” De pijn is af te lezen in zijn bosgroene ogen. Hij draait zijn hoofd weg. Volgens mij zal hij zichzelf of zijn daden en keuzes nooit mooi kunnen noemen. Het zal vast wel iets met zijn aard te maken hebben, denk ik. Een andere verklaring kan ik nog niet geven.
“Dat is het nooit en zal het nooit zijn. Hoe oud ben je?” Hij lacht en schudt zijn hoofd.
“Hier gaan we niet mee beginnen, Tomlinson.” Ik slik het brokkelig papje door en geef hem een blik. “Ouder dan vijfhonderd?” Er valt absoluut niets af te lezen van dat gezicht. Enkel het amusement in zijn ogen dat met mijn nieuwsgierige geest speelt. En die oude pijn, toch. “Duizend?” Hij schudt zijn hoofd en schenkt zichzelf terug wat te drinken in, alsof hij dat nodig heeft bij de gedachte aan het verleden. “Je verjaardag?” Zijn adamsappel slikt.
“1 februari.” Ik knik en weet dat ik dat toch weer zal vergeten.
“Hadden ze geen andere telling vroeger?”
“Louis!” De handdoek belandt tegen mijn arm terwijl ik hem grijnzend aankijk en geniet van zijn hese gelach. “Je bent nog persistenter dan de pest.” Oh, maar dat is echt gemeen! Om de strijd eerlijk te houden, is het mijn lepel die hij zonder veel bezwaar uit de lucht plukt. “Je zult harder je best moeten doen, schatje.” Ik werp een blik op de klok en zucht dan.
“Een andere keer dan.” Hij trekt zijn wenkbrauwen omhoog en doet me glimlachen. “Bereid je maar voor.” Hij lacht en zet zijn glaasje weg. Op een of andere manier weet hij me in te sluiten tussen zijn heupen en het aanrecht. Zoals elke keer. En elke keer windt het me op.
“Voor een aanvaller laat je je wel verrassend gemakkelijk vastzetten.” Zijn stem is hees terwijl hij fluistert en ik blijf staan en probeer te ademen. Zijn lippen zijn vochtig als hij deze tegen mijn hals aanduwt.
“Straks ruiken ze allemaal alcohol, zatlap.” Ik grijns en wil me omdraaien, hij staat het me niet toe. “Langs achteren, mh?” Ik voel hem grijnzen doordat de adem schokkerig neerkomt.
“Je gaat te laat komen.”
“Alsof dat mijn schuld is.” Ik duw me stevig tegen hem aan zodat hij enkele passen achteruit moet zetten, en bevrijd mezelf zo. Bij het zicht van zijn groene geamuseerde ogen en de opgetrokken mondhoeken, schud ik mijn hoofd en lach ik.
“Jij bent persistent in bed ja.” Hij lacht en laat me gaan.
Opnieuw die blik. Ik schud hem van me af en probeer geen triest gezicht te trekken terwijl ik de kleedkamer binnenkom en mijn tas tussen die van Dele en Eric ingooi. Niall zit lui op het bankje door zijn Instagramfeed te scrollen terwijl de anderen zich al omkleden. We hebben nog vijf minuten en ik heb me echt moeten haasten om op tijd binnen te geraken na Harry’s verleidelijke gedrag.
“Die Kyle heeft nogal haast,” ik knik naar de mopperende Dele terwijl ik zelf mijn sokken omhoog trek om ze in mijn gesponsorde voetbalschoenen te kunnen steken.
“Of hij wil gewoon héél graag een keer op tijd zijn.” Eric lacht op mijn opmerking. Ik zelf trek mijn trainingsvest aan en doe daar nog een regenjasje over samen met wat handschoenen. Kleintjes hebben het altijd koud zeker?
‘Ik heb een aanbieding voor jou waar ze graag snel antwoord op moeten hebben. Kom meteen na de training naar huis. H’ Huis. Ik negeer de ongeruste gevoelens die komen opzetten en stap dan maar snel richting de parking. Wat voor aanbieding kan er dringend zijn? Om de vervelende gedachten te stoppen, zet ik goede muziek op die door de speakers heen knalt, maar eigenlijk staat het allemaal zo hard niet. Mijn hoofd heeft het gewoon even nodig, die afleiding. De rit duurt lang en mijn maag knaagt omdat ik ’s middags mijn banaan al opgegeten heb in plaats van na de training. Als ik het appartementsblok zie, zucht ik dan ook opgelucht. Ik zou me niet zo mogen opjagen, de dag voor een uitwedstrijd. Met mijn tas die ik meesleur in de kleine lift en naar boven ga, voel ik me nog geïrriteerder. Waarom zijn die tassen ook altijd zo groot?
“Lou,” Harry schudt glimlachend zijn hoofd als hij me ziet. “Waarom zo druk?”
“Omdat ik meteen naar huis moest komen…” Ik adem eens diep in terwijl ik mijn tas met de was leegmaak.
“Op een veilige manier, ja.” Ik schud mijn hoofd en frons, nog steeds lichtjes opgejaagd en dat voelt Harry bijzonder goed aan.
“Ik ben veilig naar hier gereden, maar wat was er zo ‘dringend’?” Mijn blik vindt de zijne, alsof onze ogen twee magneten zijn. Twee magneten met een plus- en een minpool, al vrees ik dat ik op dit moment eerder de min ben.
“Ik heb telefoon gehad van BBC.”
“Van BBC?” Dat klinkt groots, ik stop met wat ik aan het doen ben en zet me neer aan tafel om beter te kunnen luisteren. “En?” Die groene ogen staan zo kalm en rustig, dat die oases me niet kunnen kalmeren maar eerder opjagen.
“Ze zitten met een probleempje. Ze zijn een programma aan het opnemen dat ‘het Huis’ noemt, en de laatste beroemdheid heeft afgezegd. De opname was normaal morgen.”
“Ze willen mij?” Harry knikt opnieuw, op een of andere manier lijkt dat triest. Mijn ongeduldigheid neemt af met de minuut als ik hem weer onderbroken heb en schuldbewust mijn mond dicht houdt.
“In het programma ga je voor 24 uur naar een villa met de eigenaar ervan, die een journalist is, en daar krijgen de mensen te zien wie je echt bent.”
“Ik heb geen 24 vrije uren op mijn planning.” Ik heb het weer gedaan en zucht dan, gefrustreerd met mezelf. Harry’s mond hangt nog half open voordat hij met zijn roze lippen en koninklijke krullen verder gaat.
“Dat heb ik al vermeld, ze willen een uitzondering maken en alles op 12 uur filmen. De boel een beetje trukeren.”
“Dan willen ze me echt graag.” Weer die bedenkelijke blik van Harry. “Jij vindt het niets.”
“Ik ben je manager, ik ben neutraal.”
“Nee, jij bent mijn adviseur. En advies is nooit neutraal.” Deze keer glimlacht hij, ik sta op en open de frigo om er een groentepakket en pasta uit te halen. Ik heb echt honger. “Har…” Ik geef hem opnieuw een blik, hij moet wel eerlijk met me zijn.
“Ik denk dat het een mogelijke kans is om te laten zien met wie je echt vertoeft ’s avonds. En dat…” Hij schudt zijn hoofd, ik frons. Wat is het probleem? Op die manier had ik er nog niet aan gedacht. Mijn lichaam gaat dichter naar het zijne toe waarbij ik zijn hand die op tafel steunt vastneem en er zachtjes over wrijf, zonder iets te zeggen, voor een keertje dan. “Je veroorzaakt altijd controverse Louis. In al je levens, en nooit loopt dat goed af voor je. Ik wil je niet verliezen.” Ik glimlach om zijn eerlijkheid. Zijn ogen staan enorm lichtgroen terwijl ik mijn hart luid voel bonken, ik hoor het zelfs. Hij hoort het ook. Wat moet ik hier nu mee doen dan?
“Ik ga eten maken en dan praten we erover.” Har knikt traag, ik buig naar hem toe en kus zachtjes zijn volle lippen om hem gerust te stellen. Alles gaat nog prima met me. Ik adem nog.

Hoe luidt de beslissing?

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen