Foto bij 002.

Ongeveer 12 jaar geleden, November

'Cornilius Fudge! Waar zit je!' schreeuwde de jonge vrouw terwijl ze door de hangen van het Ministry of magic rende. Ze trok behoorlijk wat aandacht naar zich toe; iedereen staarde haar aan toen ze ineens tevoorschijn kwam en begon te schreeuwen. Het maakte haar niet uit dat mensen staarden, ze trok zich nooit iets aan van wat anderen dachten. Zo zat ze nu eenmaal in elkaar; heerlijk irritant, koppig en eigenwijs. De perfecte Slytherin, en toch was ze een Gryffindor.
Ze stormde de grote zaal door, naar de jonge tovenaar achter de balie. Gewoon het beeld was genoeg; de jonge vrouw, haar gezicht zo kwaad dat je er waarschijnlijk zelf Death Eaters mee kon bang maken, lange zwarte haren die om haar heen wapperden en ze schreed met snelle passen op hem af. En daarenboven, Yasmin Evans had een reputatie…Dat en de meeste mensen kenden haar als Yasmin Black, binnenkort vrouw van… wel, een massamoordenaar die ook nog eens een Death Eater was. Het was genoeg om de meeste aanwezigen aan de kant te doen springen.
'Vijfde verdieping, Juffrouw Black, gewoon uit de lift en dan naar links.' fluisterde hij snel en beverig. Hij wou het niet toegeven, maar hij was doodsbang. Uiteindelijk redde hij liefst zijn eigen hachje; hij had nog maar net een Wizarding War overleefd for Merlins sake. Er waren geruchten geweest eerder die maand, dat samen met Sirius Black ook Yasmin Black ..eh.. Evans verdwenen was, en dat ze dus waarschijnlijk wel even schuldig was, al was ze buiten verdenking gezet dankzij Dumbledore, ook al deed het Fudge knarsetanden.
Aan de andere kant van de grote open ruimte kwam een andere tovenaar tevoorschijn. Bedeesder maar duidelijk op zoek naar iemand, behoorlijk gehaast. De man draaide rondjes tot zijn ogen op zijn doel vielen. Remus Lupin zag een van zijn beste vrienden nog net de liften instappen en de deuren toeslaan. Te laat.. maar waarheen? Zijn oog viel op een trillirige jonge Wizard aan de Staf Balie. Lupin snelde erheen.
'Waar is ze naartoe?!' vroeg hij aan de man achter de balie. Remus Lupin leek een stuk minder angstaanjagend dan Yasmin Black, dus hij kreeg minder snel informatie los.
'Wand graag, naam en reden voor bezoek opgeven.' Dreunde hij het zinnetje op terwijl hij zijn hand uitstak om een wand aan te nemen. Lupins ogen leken even vuur te schieten, de man zette twijfelend een stapje achteruit.
'Lupin. Hier om Yasmin tegen te houden.’ Zijn wand gaf hij niet af. Het antwoord kwam er uit gewoonte van aanmelden aan deze balie. “Kom op man, Yasmin is razend. Ze is ... in staat om dingen te doen waar ze later veel spijt van krijgt... Dingen die haar in Azkaban kunnen krijgen. En jou ontslagen…' dreigde de man op een lage toon.
'Vijfde verdieping, Linker gang. Cornilius Fudge.' De man werd meteen een stuk behulpzamer terwijl hij zich afvroeg wat er mis was met iedereen vandaag. Waarom op zijn eerste dag?
Toen Remus haar eindelijk in had kunnen halen, merkte hij op dat hij al aan de late kant was. Cornelius Fudge stond tegen de muur, ontwapend en met een wand tegen zijn keel aangedrukt. Zijn blik was naar de grond gericht, naar zijn collega’s en assistenten die bewusteloos om hem heen gewaaierd lagen. Yasmins werk. Remus herinnerde zich dat Dumbledore hem ooit had gewaarschuwd over hoeveel magisch potentieel Yasmin had.
'Waar is Sirius?' vroeg Yasmin luid. De man tegen de muur zag er zwak en weerloos uit in vergelijking met Yasmin, haar ogen stonden een tikkeltje uit elkaar. Heel even vreesde Remus dat ze gek geworden was. Of zo zou behandeld worden.
'Rustig aan, Yazz. Hij .. Doe geen domme dingen.' mompelde Remus stil. Yasmin gaf wel een soort teken van leven, ze wist dat hij er was en ze wist wie hij was -anders had ze hem aangevallen-, maar haar belangen gingen uit naar Fudge.
'Waar. is. Sirius. Black?' fluisterde ze kwaad, haar stem trilde. Fudge keek met een laatste glimmer hoop op naar Remus, die op dit moment de rol van redder toebedeeld kreeg.
Remus schuifelde voorzichtig dichterbij, als een roofdier dat traag zijn prooi besloop. Het enige dat hem redde was het feit dat ze vrienden waren sinds haar eerste jaar in Hogwarts. Dat vertrouwen stelde hem in staat om zijn armen om haar heen te slaan en haar wand weg te steken. Eenmaal Yasmin stevig vastgeklemd leek in een awkwarde knuffel van achteren, leek Fudge te kalmeren. Wat een Auror. Hij rechtte zich en trok zijn dressrobes weer recht.
'Geen reden tot paniek, Miss Black.. euhm.. Miss Evans. Hij zit veilig opgesloten in Azkaban, waar hij thuishoort.' mompelde Cornilius Fudge met een trots glimlachje. Remus kon de man zelf wel iets aandoen aangezien hij nu alle moeite van de wereld had om Yasmin tegen te houden. Ze zou hem fysiek te lijf gaan als hij haar niet inhield.
'Hij hoort niet in Azkaban! Sirius is een goeie man! Hij is onschuldig! Hij houdt van Lily en James! Hij is Harry's Godfather!' riep ze uit waarna ze uiteindelijk in tranen uitbarstte in Remus armen. Hij probeerde haar te sussen, maar er leek geen einde aan te komen.
'Liefde maakt behoorlijk blind, al heb ik het nog niet zo erg gezien als dit..." mompelde Fudge.
'Het spijt me van dit, ze is nogal...' Remus maakte zijn zin niet af, er was niet echt een reden toe.
Hij verdwijnselde met Yasmin naar haar appartement waar de vrouw vrijwel meteen in elkaar zakte.

Reacties (1)

  • Vanamo

    Whaah it's amazing!!!!!!!!! I love it:)but then I like Yasmin a lot...:D

    XXXXXXX

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen