Cerice arriveerde in haar vertrek terwijl de vasen, messen en andere voorwerpen uit het vertrek van Antor gesmeten kwamen. Hij was goed kwaad door de aanvallen van Lycrimas, maar hier kon Cerice niks aan doen. Ze besloot dat ze het best gewoon kon gaan slapen en morgenochtend weer verder kon gaan met haar plichten. Het geluid van de vallende voorwerpen was echter niet bevorderlijk voor een gezonde nachtrust. Ze hoorde af en toe wat gegil van een paar dienstmeisjes die zich daarna snel uit de voeten maakte. De hele nacht door bleef het gerammel en gerinkel aanhouden. Pas toen de zon op begon te komen werd het wat stiller. Cerice sloop naar het vertrek en zag dat Antor op de grond in elkaar was gezakt, verzwakt door waarschijnlijk medicatie of drugs.
      "U moet gaan slapen, commandant Cerice," merkte Astoria op terwijl ze de troep aan het opruimen was. "Wij komen u wekken zodra heer Antor ook wakker is."
      "Wat hebben jullie hem gegeven?" vroeg Cerice terwijl ze in het lichaam porde zonder reactie te krijgen.
      "Een slaapmiddeltje met wat kalmerende drugs gemengd. Gewoon tot poeder gemalen en op laten drinken. Daarna zakte hij direct op de grond en viel hij in slaap," grinnikte een blond meisje met blauwe ogen.
      "Riory, dat mag je niet zo zeggen!" Een ander blond meisje gaf haar een zachte tik tegen haar achterhoofd. "Heer Antor heeft jou als een van zijn dienstmeisjes aangesteld om je familie te redden, wees een beetje dankbaar."
      "Sorry, Sofiae," mompelde Riory en ze ruimde een hoopje scherven op. Astoria loodste Cerice terug naar haar kamer en hielp haar in bed.
      "Probeer wat te slapen, we zullen je wekken met een lekker ontbijt op de kamer. Let niet te veel op het geluid in Antors vertrek, we zullen proberen het geluid te minimaliseren," glimlachte Astoria voordat ze de gordijnen dicht trok en de kamer verliet. Met de lichte schijn van de opkomende zon - die zich toch door de stof van de gordijnen wist te wurmen - op haar gezicht viel Cerice in een ondiepe, onrustige slaap.

Zoals beloofd kwam Astoria haar wekken met een uitgebreid ontbijt dat op haar bureau stond. Na een snelle douche zette Cerice zich neer voor het dienblad en begon ze te eten. Versgebakken broodjes, specialiteiten uit de stad en een glas appelsap. Astoria bleef achter Cerice staan terwijl zij het eten verorberde.
      "Hoe laat is het eigenlijk?" vroeg Cerice met een stukje brood in haar mond.
      "Heer Antor heeft al zijn verplichtingen van vandaag gemist. Het is bijna tijd voor het dagelijkse diner met prinses Ravyl, maar heer Antor heeft het deze keer laten vervallen. Hij heeft jou de dag vrij gegeven. Althans, wat er nog van over is."
      "Dat vind ik nog steeds vreemd. Waarom geeft hij me zo vaak een dag of een dagdeel vrij?" vroeg Cerice terwijl ze opstond.
      "Dat weet ik ook niet, hij heeft een lange tijd gewoon zonder lijfwacht geleefd. Ik weet niet of hij misschien een potentiële koningin in je ziet of heeft gezien, maar het is wel frappant," knikte Astoria. "Misschien mag hij je wel gewoon en wil hij graag dat je je niet als een gevangene voelt, net zoals hij deed bij je broer. Hij gaf hem dagdelen vrij zodat hij zich ook een burger kon voelen, dat het geen verplichting was, maar echt een baan met daarnaast een gewoon leven als vrije burger."
      "Dat vind ik erg nobel van hem," antwoordde Cerice toonloos. "Ik ga de kroeg tegenover het paleis inspecteren."
      "Een fijne avond gewenst." Astoria ruimde wat handdoeken en kleding op toen Cerice de kamer verliet en zich naar het café begaf. De paden waren nog rustig, het caféuur was nog niet aangebroken. Daarbij waren de meeste mannen nog aan het werk en waren de vrouwen ook te druk bezig om even samen te komen in een gezellig tentje.
      Cerice opende de deur van Het Dronken Eendje en zag dat het toch nog redelijk druk was. Er zaten veel boeren die even pauze namen van werken op het veld, maar ook een paar stoere vrouwen die liever dronken werden in plaats van thee te drinken met een paar huisvrouwtjes.
      "Ik heb dat luie varken gisteren gewoon naar buiten gesmeten. Hij zat met zijn smerige strontlaarzen op de net gepoetste tafel en had op schoot een half varken op een plaat liggen. Ik heb die plaat op de grond gesmeten, hem aan zijn kraag gepakt en naar buiten gegooid. Als ik me een hele dag uit de naad moet werken, omdat die kloothommel vindt dat ik niet goed genoeg ben voor beter werk kan hij zijn smerige schijtlaarzen lekker zelf poetsen en uit mijn huis blijven dat net schoongemaakt was," riep een van de vrouwen furieus. De andere vier proosten op een betere vent en dronken in één teug hun bier op.
      "Die eikel van mij dacht gisteren dat hij mij kon vertellen wat ik moest doen. Alsof ik nog niet weet hoe ik een erf moet bewerken! Ik heb langer op een boerderij gewerkt dan hij en hij denkt dat hij mij de les kan lezen. Die heeft geen seks gehad gisteravond hoor." Lachend brulden ze dat ze nog bier wilden en de barman knikte en riep naar zijn knechtje dat hij schone glazen wilde. Cerice nam plaats aan de bar en bestelde wat appellikeur. Het knechtje kwam de glazen brengen. Toen hij Cerice zag liet hij alles bijna vallen. Ook Cerice keek verbaasd naar hem.
      "Charon?" riep ze vol ongeloof en de jongen knikte met open mond. "Wat doe jij hier?"
      "Ik ben gevlucht. Ik wilde niet meer in het leger. Ik heb mezelf af kunnen zonderen en ben hier een maan geleden aangenomen. Ik heb veel opleiding en training gehad overdag en werkte 's avonds eigenlijk nooit," legde Charon snel uit voordat hij biertjes ging tappen. Cerice kreeg haar appellikeur voor haar neus en ze sloeg het direct achterover.
      "Dus jij verdient nu de kost met biertjes inschenken en dronken mannen bedienen? Wat een sneu baantje voor een soldaat," gniffelde Cerice. "Geef me er nog maar één trouwens."
      "Wat kan jij zuipen zeg. Je bent nog beter dan toen je bij ons thuis zat," grapte Charon. Hij klapte de pullen bier op een dienblad en schoof het op de tafel bij de vrouwen voordat hij terugkeerde naar de bar.
      "Een paar jaar met echte mannen en je leert het wel. Ik ben er niet zozeer beter in geworden. Ik weet gewoon hoe ik moet drinken en wat ik lekker vind. Meer niet," antwoordde Cerice nonchalant voordat ze de volgende appellikeur achterover sloeg. "Moet je heel de avond werken?"
      "Ja, ik mag vandaag de eerste avond werken. Hoezo? Plannen om langer te blijven en met mij te praten?"
      "In je dromen. Ik ben van plan eens vroeg te gaan slapen en wilde vragen of je vanavond tegen de mannen aan de bar kan zeggen dat Cerice morgenavond waarschijnlijk weer aanwezig is."
      "Zal ik doen. Jammer dat je niet langer kon blijven, Cerice." Charon gaf haar een schouderklop vanachter de bar en ging vervolgens een tafeltje bedienen. Zonder nog om te kijken naar hem verliet Cerice de bar. Stiekem liep ze naar de gevangenis in het paleis. Daar zocht ze direct naar de cellen van Carlissa en Regyt, die beide naar de muur aan het staren waren.
      "Hebben jullie niks beters te doen dan naar een muur kijken?" spotte Cerice. De twee schrokken op en draaiden hun hoofd naar het geluid toe.
      "Jij weer," bromde Carlissa.
      "Ik heb jullie hulp nodig." Cerice haalde de brief van Axel uit haar broekzak en gaf deze aan Carlissa. "Deze brief heb ik van Axel Devon gekregen. Lees maar, daarna praten we verder."
      Carlissa begon aandachtig te lezen en gniffelde af en toe. Toen ze de brief terug aan Cerice gaf keek ze haar vreemd aan.
      "Je gelooft toch niet echt dat jij de verloren prinses Cerice van Astra bent, hè? Dat ga je niet menen," smaalde ze.
      "Ik zeg niet dat ik het geloof, ik vraag of jij iets van haar weet. Misschien dat je ouders iets hebben verteld."
      "Helemaal niets. Cerice van Astra is waarschijnlijk dood. Ze is na de geboorte direct verdwenen en er is daarna nooit meer iets vernomen van haar. Wat heeft jou over weten te halen dat ze nog wel leeft?"
      "Het feit dat er wel meer niet klopt in de geschiedenisboeken die jij hebt gelezen. Soms wordt de waarheid zo aangepast dat het echt lijkt, maar het niet zo is," beet Cerice haar toe.
      "Je hebt mijn aandacht. Leg maar eens uit wat jij dan hebt gevonden in die mooie geschiedenisboeken waar jij over spreekt. Wat komt er dan niet overeen met de realiteit en hoe weet je zo zeker dat het een fout in de geschiedenis is? Wie weet klopt het wel gewoon," snoof Carlissa.
      "Misschien dat je dan een comfortabele positie op moet zoeken, want die vloer lijkt me niet lekker genoeg om even te luisteren naar mijn verhaaltje, zoals jij het eigenlijk noemt." Carlissa rolde met haar ogen en nam plaats op het kussen dat op een dun matrasje lag.
      "Spreek, jij verdomde verraadster," zei Carlissa kil.

Reacties (1)

  • katl1

    VERDER!!!!!!!!!!!!!

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen