Zoals hij beloofd had kwam Ultor Cerice bij het opkomen van de zon uit haar cel halen. De lijfwacht had de hele nacht door kunnen slapen tot Davus haar kwam wekken met een stuk brood. Ze was hem dankbaar geweest voor het eten, maar niet voor het verstoren van haar nachtrust.
      "Cerice, Antor zal over een paar uur terecht worden gesteld. Het is tijd dat je je even opfrist en je klaarmaakt voor de rechtszaak. Prinses Carlissa heeft een bad voor je klaar laten maken en ze staat erop dat je je legeruniform gewoon aanhoudt."
      "Geweldig. Bedankt, Ultor." Met wat gekreun stond Cerice op van de kussens en liep ze samen met Ultor naar het vertrek waarin ze zich voor kon bereiden. Het bad stond al klaar en Astoria had haar handdoeken en andere badartikelen al klaar. Dankbaar knikte Cerice voordat ze de deur van de badkamer sloot zodat Ultor haar naakte lichaam niet kon zien. Ze ontdeed zich van haar vieze uniform en liet zich in bad zakken. Het warme water was erg welkom en ondanks dat ze maar een nachtje in de cel had gezeten werd het water al snel vuil.
      "Wat ga je doen als Antor is veroordeeld, Astoria?" vroeg Cerice terwijl ze met een zeepje over haar huid schrobde.
      "Ik zal op zoek moeten naar ander werk. Ik weet niet hoe ik anders zou moeten overleven," mompelde Astoria. "En jij?"
      "Nog geen idee. Ik ga denk ik terug naar Emperya om mijn kameraden op te zoeken en hen uit te leggen wat er is gebeurd."
      "Hoe bedoel je? Je bent toch Astraans?" vroeg Astoria verward. Cerice besefte zich dat ze een stomme fout had gemaakt en dat ze dit niet meer recht kon trekken door te liegen.
      "De jongeman die je hiervoor hebt gediend, Ceraro, was niet mijn broer. Dat was ik. Ik ben uit Astra gevlucht toen de Sylicanen ons land binnenstormden. Zo ben ik in Emperya terecht gekomen en opgeleid door een ex-soldaat. Hij heeft mij een soort korset gegeven waarmee ik mijn borsten kon verbergen. Niemand heeft echt opgemerkt dat ik nogal vrouwelijk was, alleen dat ik niet echt mannelijk was. Toen Antor achter mijn ware identiteit kwam heeft hij mij gedwongen opnieuw lijfwacht te worden, omdat ik volgens hem goed was. Mijn kameraden weten dit echter ook niet, die denken nog steeds dat Ceraro Ivarsen een man was die gevangen is genomen tijdens de overname van Emperya." Cerice zuchtte en wachtte de reactie van het dienstmeisje af.
      "Je hebt dus Antor en het Emperyaanse leger voorgelogen? Je hebt iedereen bedrogen?" stamelde ze. Cerice knikte en stond op uit het afkoelende water. Astoria gaf haar zwijgend de handdoek.
      "Je mag best reageren," mompelde Cerice.
      "Ik vind het geweldig hoe je dat voor elkaar hebt gekregen. Dat meen ik. Het is nog nooit iemand gelukt het leger te infiltreren of een koning op te lichten. Ik denk dat je kameraden je wel zullen accepteren. Nu opschieten, ze willen Antor zo terecht stellen." Astoria glimlachte voordat ze een schoon uniform tevoorschijn toverde en Cerice hielp met het aankleden. De insignes werden opgespeld en na een bedankje van Cerice haastte de getuige zich naar de arena waar de voormalige koning van Emperya ook was geëxecuteerd.
      De arena zat al goed vol met voornamelijk Astranen en Emperyanen, maar her en der zag Cerice wat zwarte ogen en legeruniformen. Antor zat geknield op het zand, geketend aan de grond, met twee wachters aan beide kanten. Bij zijn troon stonden Carlissa, Ravyl en Regyt, met de Astraanse koning en koningin achter hen. Ultor stond te wachten op Cerice en gebaarde haar hem te volgen. Ze werd naar een stoel gebracht en kreeg de uitleg over hoe de rechtszaak zou verlopen. Cerice knikte als teken dat ze het had begrepen voordat Ultor wegliep en zich bij de koninklijke leden voegde.
      "Beste mensen, wij zijn hier vandaag om heer Antor van Sylican terecht te stellen," begon Carlissa. "Zoals velen hebben gezien, gehoord of zelfs hebben meegemaakt is heer Antor geen gewone heerser. Hij is een oplichter, verrader en bovenal een moordenaar. Hij heeft meerdere malen de mensen die hem in de weg stonden gedood of uit Ogron laten verdwijnen zonder ook maar enig spoor achter te laten. Zijn lijfwacht, Cerice, zal vandaag tegen hem getuigen en vertellen wat zij heeft ervaren toen ze hem diende."
      Zoals gepland stond Cerice op van de stoel en liep richting de geknielde koning.
      "Heer Antor heeft mij aangenomen als lijfwacht nadat ik hem had bedrogen. Hiervoor kenden jullie mij als Ceraro, maar Antor heeft mij opgedragen hem achter te laten na de slag om Zerdras. Hij heeft jullie echter bedrogen door te vertellen dat ik het zusje was van Ceraro. Dit is het eerste wat ik aan wil kaarten. Hij heeft meerdere malen de waarheid verdraaid en het mooier gemaakt. Zo heeft hij koning Norvid, de voormalige koning van Sylican, gedood en zijn zoon, Kean, weggestuurd en bedreigd. Hij vertelde dat hij dit gedaan heeft, omdat Norvid hem geen hogere rang in het leger wilde geven. Zelf claimde hij een broer van Norvid te zijn, zoals een aantal van jullie je misschien nog kunnen herinneren." In de verte hoorde ze wat geroezemoes, maar het weerhield haar niet van haar toespraak. "Daarnaast heeft hij mijn broer Axel laten executeren toen hij dacht dat hij tegen Antor was, zonder hem iets uit te laten leggen. Hij heeft broers tegen elkaar uitgespeeld, mannen elkaar laten vermoorden, en vrouwen uitgebuit voor zijn eigen plezier. Hij heeft zijn eigen land verraden door hun koning, koningin en prins te doden en hij heeft zijn eigen koninkrijk opgelicht door te vertellen dat hij de broer van de koning was, dat zijn lijfwacht een zusje was van zijn vorige lijfwacht, en dat hij het beste met het land voor had. Antor is niks meer dan een pervers, bedriegend en verradend stuk vuil."
      "Dank je, Cerice," zei Carlissa. Ze knikte dankbaar en begon weer aan haar eigen toespraak. Cerice begaf zich terug richting de stoel en hoorde net de uitspraak van Carlissa.
      "Samen met prinses Ravyl van Emperya en mijn broertje, prins Regyt, heb ik besloten heer Antor van Sylican te executeren wegens verraad, oplichterij, moord en verkrachting." De menigte juichte enthousiast toen de beul tevoorschijn kwam met een bijl. Antor was te zwak om te protesteren en bleef op zijn knieën zitten. De man met het wapen maakte er snel werk van en hakte het hoofd van de Sylicaanse koning van de romp. Cerice glimlachte bij het zicht van de dode man en liep toen terug naar binnen. Een groep Emperyaanse rebellen waren in de keuken aan het feesten, maar stopten toen zij binnenstapte. Ze kreeg een fles alcohol in haar handen gedrukt en werd bedankt door meerdere rebellen.
      "Dus dit heb jij de laatste tijd gedaan." Cerice draaide zich met een ruk om en keek recht in de blauwe ogen van Kozak. Hij omhelsde haar en gaf haar een kus op de wang.
      "Ik was al bang dat je was gedood tijdens de bestorming van het paleis. Niemand wist wat er met Ceraro Ivarsen was gebeurd, maar zijn lichaam was nergens te vinden," vertelde Kozak.
      "Lang verhaal, Kozak. Laten we dat bespreken als we weer terug in Emperya zijn. Charon is hier trouwens ook, wist je dat?"
      "Charon is hier? Wat heeft die allemaal uitgespookt?" vroeg Kozak verbaasd.
      "Hij heeft geleerd dat barknecht niet zijn beroep is," lachte Cerice. "Hoe is het met mijn oude vriendengroep?"
      "Die maken het vrijwel allemaal goed. Dyenis heeft geleden in de strijd en mist een van zijn vingers aan de linkerhand, Ulrich heeft een litteken op zijn wang en op zijn onderarm, maar de rest is in orde. Ze zijn alleen sinds jij bent verdwenen niet meer geweest wat ze waren. Een aantal hebben in de verpleegkampen gelegen vanwege de verwondingen of een mentaal trauma, de rest zat tijdelijk gevangen in het paleis. Dyenis heeft voor het eerst een traan gelaten toen ik hen kwam vertellen dat er geen spoor was van Ceraro. Ze waren erg gehecht aan je. Ik vraag me dan ook af of ze je gaan geloven, dus breng het voorzichtig," waarschuwde Kozak haar.
      "Waarom ga jij niet mee dan? Jou zullen ze zeker geloven, vooral als jij hen vertelt hoe je me hebt gevonden en opgelapt hebt," stelde Cerice voor. Kozak dacht kort na, maar ging toen toch akkoord.
      "Laten we dan snel vertrekken."

Diezelfde avond zaten ze in een wagen richting Emperya. Charon was ook mee teruggekomen en had Kozak en Cerice verteld dat Ravyl de volgende ochtend zou vertrekken om haar eigen koninkrijk weer te kunnen regeren. Cerice had Astoria achter moeten laten, maar niet voordat ze haar partner hadden gevonden. Deze zat in een van de cellen en was gehavend, maar niet ernstig gewond. Astoria was Cerice dankbaar geweest en had ervoor gezorgd dat de drie reizigers niks tekort zouden komen in de wagen. Er waren meerdere broden en gedroogde vleeswaren meegegeven, een mand fruit en genoeg flessen water en drank om de reis mee door te komen.
      "Jammer dat je je dienstmeid niet mee kon nemen. Dan hadden we nu tenminste iemand gehad om onze glazen in te schenken," lachte Charon. Cerice gaf hem een klap tegen zijn hoofd en pakte een van de flessen water.
      "Het spijt me dat ik - in tegenstelling tot jou - geen meisjes tegen hun zin mee wil nemen. Ik weet niet wat jij allemaal hebt uitgespookt, maar volgens mij ben jij niet alleen maar barknecht geweest. Is het niet, Charon?" Zelfs met de slechte verlichting in de kar kon Cerice zien dat Charon rood werd.
      "Laten we geen ruzie maken. Er is drank genoeg en de reis wordt niet korter als we gaan discussiëren. Nou, pak een fles of ga slapen. Ik weet wel wat ik ga doen," lachte Kozak voordat hij een fles vleibessenlikeur opende en aan zijn lippen zette. Vol enthousiasme volgde Charon zijn voorbeeld om vervolgens uit te barsten in een hoestbui nadat hij zich verslikte in de vloeistof. Lachend opende Cerice een fles vanillewijn en nam een paar slokken. De reis werd inderdaad niet korter door geruzie en discussies die nergens zouden eindigen, dus waarom geen plezier en gezelligheid?
      De rest van de nacht werd er gepraat over de tijd dat ze gescheiden waren geweest. Cerice vertelde over haar belevenissen bij Antor in het paleis en in Zerdras, Charon vertelde over hoe hij uit Emperya was gevlucht nadat de rest van zijn groep gedood of gevangen genomen was en terecht was gekomen in Het Dronken Eendje, en Kozak legde haarfijn uit hoe hij de opstand in Emperya had opgezet en dit had verspreid richting Astra. Zo bleek dat het plan dat Ultor besprak toen Cerice erbij kwam zitten bedacht was door Kozak en zijn maten, maar door haar was verbeterd in samenwerking met de Astraanse rebellen, maar ook dat de groep soldaten waarin Charon was geplaatst grotendeels uit spionnen van Antor bestond. De meeste waren gedood, maar de enkeling die in de gevangenis terecht was gekomen had tot in de puntjes uitgelegd hoe Antors plan in elkaar stak. Zo had Kozak zijn opstand kunnen verbeteren voordat hij het naar Astra doorspeelde. Cerice had geweten dat Antor spionnen in Emperya had geplaatst, maar niet dat er Emperyanen waren die zich voor Antors spionage leenden.
      Toen de duisternis begon te verdwijnen besloten ze dat het tijd werd om te gaan slapen om zo de langste periode van de route naar Emperya te vermijden. Ze drapeerden de kussens en dekens om hen heen, ontbeten snel nog en wensten elkaar een goede rust. Cerice wist dat de heren zouden snurken en had besloten zich bij de koetsier te voegen zodra vader en zoon weg waren gedommeld. Ze had behoefte aan wat frisse lucht en aan het groene landschap, maar voordat ze de kans kreeg naar buiten te sluipen waren haar oogleden zwaar geworden en besloot ze dat een dutje geen slecht idee was. Net zoals Kozak en Charon legde ze haar hoofd op een aantal kussens en trok ze een deken over zich heen, waarna ze in slaap viel.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen