Foto bij Chapter twenty

Kidou is een lange tijd stil. Hij heeft de hele tijd aandachtig zitten luisteren en kijkt nu bedenkelijk voor zich uit. ‘Milou,’ begint hij dan. Ik draai vragend mijn gezicht naar hem toe en houd mijn hoofd een beetje schuin. ‘Ja?’ vraag ik als hij me in stilte aankijkt. ‘Wat zorgt ervoor dat je de controle verliest? Je rode ogen..’ mompelt hij even. ‘Dat is het teken dat het fout gaat, niet waar? Maar sinds wanneer en waarom gebeurd het?’ Een diepe zucht verlaat mijn mond als ik mijn benen uit het water trek en ik iets naar achter schuif, zodat ze kunnen drogen. Ik woel even door mijn haren en staar voor me uit.
‘Het gebeurde 13 jaar geleden, toen ik 6 jaar was,’ begin ik met een zucht. ‘De jongens en ik waren naar buiten gegaan om te snowboarden, totdat het oudste broertje besloot dat we van de hoogste berg zouden gaan snowboarden. Omdat ik niet als watje uitgemaakt wilde worden, besloot ik mee te gaan. Ik kan me nog heel goed voor me halen dat ik een vallende ster in mijn ooghoeken voorbij zag gaan. Ik besloot kort te stoppen om mijn ogen te sluiten en een wens te doen. Vlak daarna werd ik opgeschrikt door een enorme knal, maar geen van hen leek het te hebben gehoord. Ik voegde me snel weer bij de jongens en toen we onze weg wilde vervolgen, begon alles te beven. Er kwam een enorme lawine naar beneden en vaagde ons weg.’ Ik slik even als ik terugdenk aan die gebeurtenis en voel een rilling over mijn rug trekken. Ik ben nooit echt ergens bang voor geweest, maar de herinnering aan de lawine blijft me altijd bij en geeft me altijd de nodige rillingen. Ik kijk via mijn ooghoeken naar Kidou die voor zich uitkijkt en weer aandachtig zit te luisteren. ‘We hebben het alle drie overleefd, anders zou ik hier ook zeker niet zitten,’ gniffel ik even en kijk dan met een kleine glimlach voor me uit. ‘Ik ging op zoek naar de jongens. Maar kan me niet herinneren ze ooit gevonden te hebben die avond. Ik sloeg op de vlucht toen ik gegrom vanuit de bossen hoorde komen en zag in de verte een verlichte grot. Ervan uitgaande dat ik daar de jongens zou vinden, rende ik er heen, maar er was geen vuur te zien toen ik naar binnen stapte. Ik besloot dieper de grot in te gaan, richting het licht dat nog steeds te zien was. Aan het einde van de lange gang kwam ik een reusachtige krater tegen, met daarin een groot kristal. Als klein meisje is alles wat glinstert natuurlijk super interessant, dus ik besloot het van dichterbij te bekijken. Het laatste dat ik me kan herinneren, is een fel licht en vlak daarna een enorme duisternis toen ik het aan had geraakt. De volgende ochtend werd ik wakker in mijn bed en dacht ik dat ik alles gedroomd had. Dit is ook wat mijn moeder me lange tijd verteld had, totdat ze merkte dat ik anders was geworden. Vooral op het voetbalveld veranderde ik, hoe ik ben heb je al een aantal keer meegemaakt, maar het is erger geweest. De chaos die ik tijdens de finale heb veroorzaakt is een klein voorproefje van wat ik kan,’ lach ik schamper. Ik laat me achterover vallen in het gras en kijk naar de lucht. ‘De ouders van het meisje hadden gelijk. Ik ben een monster,’ lach ik zacht. Een eenzame traan verlaat mijn ooghoek en ik voel mijn onderlip trillen. Ik sluit mijn ogen om de tranen tegen te gaan en bijt hard op mijn lip. ‘Het spijt me enorm.’ Ik open verrast mijn ogen en kijkt met waterige ogen naar Kidou. Hij kijkt vol medeleven naar me waardoor ik alleen maar meer moeite doe om niet in tranen uit te barsten. Ik duw mezelf overeind en sla gefrustreerd op de grond. ‘Nee! Ik wil geen medelijden!’ schreeuw ik uit. Ik sla mijn handen voor mijn gezicht als de tranen over mijn wangen beginnen te rollen en verberg mijn gezicht in mijn knieën. Een paar sterke armen sluiten zich om me heen en trekken me in een warme omhelzing. Ik begin zachtjes te schokken en te snikken en verberg mijn gezicht in Kidou’s shirt als hij me troost. ‘Het spijt me, voor alles dat ik je op Teikoku heb laten doen. De pijn die ik je daarmee heb gedaan en dat ik je in de steek heb gelaten toen je me het hardst nodig had, Milou.’

Zodra de schemer valt, besluiten Kidou en ik om naar huis te gaan. We hebben lange tijd in stilte tegen elkaar aan gezeten nadat ik uitgehuild was en hebben toegekeken hoe de zon langzaam onder ging. Het gaf me een warm en veilig gevoel om zo met Kidou te zitten.
Ik rek me even zuchtend uit en werp een korte blik op mijn telefoon. ‘Het wordt tijd dat ik mijn spullen maar eens in ga pakken,’ zeg ik met een waterige glimlach. Kidou kijkt verbaasd naar me om en pakt mijn schouders beet. ‘Je gaat nog steeds terug?’ vraagt hij ongelovig. Ik kijk hem even verrast aan en knik dan zacht. ‘Dat heb ik je toch al gezegd? Dit incident maakt het eigenlijk nog makkelijker voor me om weg te gaan. Ik ben hier niet meer welkom. Buiten dat, wil ik uitvinden waarom ik zo ben en of ik er iets aan kan doen. Daarvoor moet ik naar de plek waar het gebeurd is, in Hokkaido,’ leg ik hem uit. Ik hoor Kidou zijn tanden even knarsen en me dan langzaam loslaten. Door de brilglazen heen kan ik de pijn in Kidou’s ogen zien. ‘We hebben het er toch over gehad, Kidou?’ vraag ik met een kleine glimlach. ‘Zoek me gewoon op. I zal echt niet voor langere tijd wegblijven. En ik zal ook gewoon contact blijven houden,’ zeg ik glimlachend. Ik geef Kidou een stevige knuffel en kijk hem lief aan. Kidou ontspant een beetje en knikt dan naar me. ‘Goed dan,’ zegt hij tenslotte. Hij zegt me daarna glimlachend gedag en loopt dan weg. Ik kijk Kidou na, totdat hij uit het zicht is en keer me dan om. ‘Wat wil je van me?’
‘Hiroto,’ zeg ik met een ongeduldige toon. Ik vernauw mijn ogen zodra de jongen achter een muurtje vandaan stapt en zich tot me richt. ‘Heel scherp,’ zegt hij goedkeurend. Hij staat nonchalant met zijn handen in zijn zakken en kijkt me goedkeurend aan. ‘Bevalt de armband een beetje?’ vraagt hij nieuwsgierig. Ik bal mijn handen tot vuisten als ik terugdenk aan wat het eigenlijk veroorzaakt heeft en werp er een blik op. ‘Ja en nee,’ antwoord ik mopperend. ‘Je weet overigens best waarom. Je hebt de wedstrijd gezien,’ snauw ik hem toe. Hiroto gniffelt even en kijkt me dan scherp aan. Door de plotse serieuze houding die hij aanneemt, zet ik een stap terug. Een overweldigende energie straalt van de jongen af. Mijn ogen verwijden zich als ik het herken aan de energie die ik zelf heb wanneer ik speel. Is het toeval? ‘Wees op je hoede, Milou. Je zal niet altijd de controle over jezelf houden. Als je de verkeerde persoon tegenkomt, kan dat nog is fout aflopen. Is zien of je dan nog weet wie goed en fout is,’ zegt hij waarschuwend. Niet wetend wat hij bedoelt, wil ik hem aanspreken, maar wordt verblind door een fel licht. Wanneer het licht verdwenen is, is Hiroto weg.

Reacties (2)

  • Luckey

    Oh bou!!!
    Als dat maar goed gaat gaat komen

    3 jaar geleden
  • Duendes

    Oh Milou... ze... ZE MOET DAAR DE ALIUS ROTS HEBBEN AANGERAAKT. DAAR KOMT HAAR KRACHT ZO VANDAAN DAN. DAT VERKLAART DAT ZE DE ENERGIE VAN HIROTO HERKEND. Oh gosh, dit kan niet goed gaan eh... geweldig geschreven!

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen