Foto bij 4. Bekijk de zonsopgang

Rillend trek ik de rits van mijn zachte vest tot mijn kin omhoog en ik vraag me af waarom ik hier om half zes in het park sta. Met een diepe zucht laat ik me op het bankje zakken en ik trek mijn benen op.
‘Goedemorgen lieverd.’
Ik veer op en kijk recht in het kalme, opgewekte gezicht van Casper. Zijn woorden doen me goed, hoewel ik me afvraag hoe hij zo vrolijk kan zijn. ‘Hey.’ Ik glimlach voorzichtig en sta op. Aarzelend sla ik mijn armen om hem heen en ik leg mijn hoofd tegen zijn borstkas.
‘Weet je dat ik niet kan wachten totdat je ooit naast me wakker wordt?’ Casper houdt me iets van zich af en kijkt me aan. ‘Ik mis je als je niet bij me bent. Nu al.’
Ongemerkt schud ik mijn hoofd en ik probeer de paniek uit mijn lichaam te verdrijven. ‘Lief.’ Mijn stem kraakt en ik draai me om. ‘Waar kunnen we het beste gaan zitten, denk je?’
Casper wijst in de verte. ‘Daar kunnen we wat verhoogd zitten met een goed uitzicht.’ Hij slaat zijn arm om me heen. ‘Ik weet dat je een zelfstandige jonge vrouw bent, Sky. Dat ik zeg dat ik je mis, doet niets af aan hoe sterk jij bent. Als jij het heerlijk vindt om niet met mij te zijn, is dat fantastisch. Als er iets anders is, zal je me dat moeten vertellen.’
‘Het was niet wat je zei,’ mompel ik, terwijl ik me van hem losmaak. Tegelijkertijd wil ik zo graag dat hij me vasthoudt, maar ik weet dat ik hem anders van me af ga duwen als mijn hoofd te vol raakt.
‘Wat was het dan?’ Casper gaat me voor en ik vraag me af of hij snapt hoe fijn het is dat hij me niet kan zien, slechts kan horen.
Ik haal diep adem. ‘Het spijt me dat ik zo moeilijk doe.’
‘Je hoeft je niet te verontschuldigen.’ Casper gaat in het gras zitten en kruist zijn enkels over elkaar.
‘Jawel, want ik haat het dat ik niet mezelf bij je kan zijn, terwijl jij zo ongelooflijk goed en lief voor me bent.’ Ik voel het bloed naar mijn wangen stijgen, terwijl ik naast hem ga zitten.
‘Sky, gun jezelf eens een beetje tijd.’ Hij staart voor zich uit.
‘Maar ik wil…’ Ik klem mijn kiezen op elkaar.
‘Vertel.’ Casper leunt op zijn onderarmen in het gras en kijkt me niet aan.
Haperend haal ik adem. ‘Ik ben bang dat je weg gaat als ik zo gesloten en afstandelijk blijf.’ Hard bijt ik op de binnenkant van mijn wang, zodat ik de tranen terug kan dringen.
Tot mijn verbazing begint Casper hardop te lachen.
‘Nu moet je even goed luisteren, Sky. Ik vind je niet gesloten en afstandelijk. Dat vond ik zelfs in het begin niet. Bovendien ga ik niet om met mensen die ik niet mag. Ik heb een hekel aan gevoelloze mensen, niet aan mensen die blokkeren als ze hun gevoel willen uiten. Dat is een levensgroot verschil, dus noem jezelf alsjeblieft nooit meer gesloten en afstandelijk.’ Hij pakt zacht mijn hand vast en ik verstevig mijn greep.
Aarzelend schuif ik naar hem toe, waarna ik mijn lippen zonder enige terughoudendheid op de zijne druk. Ik wil hem zo graag laten voelen hoe gelukkig hij me nu al maakt. Bijna wanhopig klem ik mijn vingers in zijn haren en ik trek hem dichter naar me toe. Ik heb geen idee hoeveel tijd er verstrijkt, maar als we elkaar als vanzelfsprekend loslaten, staat de zon al halverwege de hemel. ‘Wat is er?’ Onzeker kijk ik Casper aan, als hij zijn blik op mijn gezicht laat rusten, zonder een woord te zeggen.
Langzaam ontstaat er een scheve grijns op zijn gezicht waardoor mijn hart een slag of twee lijkt te missen. Hij leunt naar me toe, zijn wang tegen de mijne. ‘Je bent zo aantrekkelijk. Ik wist dat er veel liefde in je zat, puur en schattig.’ Casper lacht zachtjes, wat een aangenaam geluid is. ‘Maar dat je zoveel passie in je had, dat had ik niet durven hopen.’ Zijn warme adem blaast tegen mijn oor, waardoor ik ril, al zou het ook door zijn woorden kunnen komen. ‘Maak ik je verlegen?’ Hij grinnikt.
Ik duw verontwaardigd tegen zijn schouder. ‘Je lijkt zo leuk, maar ondertussen…’
‘Ik zal niet ontkennen dat ik ervan geniet om je te plagen en vooral uit te dagen.’ Casper drukt een kus op mijn voorhoofd. ‘Die uitdagingen hè, wat is de reden daarvan? Wil je het met me delen?’
Mijn gehele lichaam tintelt en ik probeer te negeren dat ik in vuur en vlam lijk te staan. ‘O ja, je leidt me af van de zonsopgang.’ Ik onderdruk een glimlach en richt mijn blik op de langzaam rijzende zon. ‘Het was bedoeld om weer grip te krijgen op mijn leven. Ik wilde mezelf beter leren kennen en weten
wat me te wachten stond. Ik wilde mijn comfortzone vergroten, niet per se om mezelf uit te dagen, maar om in de toekomst meer aan te kunnen. Sommige doelen, zoals het skaten en twee weken lang geen suiker eten, wilde ik behalen om gezonder te leven. Andere doelen, zoals het organiseren van een watergevecht en het doen van vrijwilligerswerk, om me in te zetten voor de maatschappij. Dingen als toneelspelen en naar een trampolinepark wel om mezelf uit te dagen, maar vooral om mijn angsten onder ogen te komen.’ Nu ik het hardop noem, klinkt het als iets waar ik ontzettend goed over na heb gedacht, terwijl het in werkelijkheid een impulsieve actie was.
‘Was je de grip kwijt dan op je leven?’
Ik voel dat Casper me aankijkt, maar ik blijf strak voor me uit staren. ‘Ik dacht echt dat een rechtenstudie de juiste was. Mijn klasgenoten twijfelden, maar ik wist het zeker. Totdat ik een paar maanden onderweg was. Als ik mensen vertel dat ik nu de pabo ga doen, zegt iedereen dat ze rechten ook niets voor me vonden. Hoe kan het dan andere mensen me beter kennen dan ik mezelf ken?’ Gefrustreerd hef ik mijn handen.
‘Dat is onzin, Sky. Mensen hebben je waarschijnlijk ook verteld dat je rechten leuk zou vinden of het goed zou kunnen. Veel mensen kiezen voor de weg van de minste weerstand.’
‘Jij maakt dingen altijd zo simpel.’ Ik zucht diep. ‘Ik haat het als iemand altijd gelijk heeft.’
‘Omdat je eigen, veilige waarheid dan overhoop wordt gehaald?’ gokt Casper.
‘Ik haat het nog meer dat iemand overal een kloppende verklaring voor heeft.’ Ik zucht opnieuw.
Casper schiet in de lach. ‘Jij lijkt me geen dame die dingen haat.’
‘Daar heb je een punt.’ Ik leg mijn hoofd tegen zijn schouder. ‘Ik heb weinig gezien van de zonsopgang, maar ik vind het zeker de moeite waard.’ Ik gaap eens.
‘Ik ook. Hé, je hoeft het niet te vertellen, maar wat is er nog meer? Het is niet alleen je studie, toch?’
Ik ga rechtop zitten en schud mijn hoofd. ‘Mijn…’
Mijn telefoon gaat over en als ik de naam van mijn broertje in beeld zie staan, ontstaat er een knoop in mijn maag die ik nog maar twee keer eerder heb gevoeld. Met trillende vingers neem ik op en de woorden gaan als een waas aan me voorbij.
‘Sky!’ Casper schudt me ruw door elkaar.
‘Mica. Ik moet naar het ziekenhuis.’ Ik probeer op te staan, maar het lijkt alsof mijn benen van elastiek zijn gemaakt.

Reacties (2)

  • tubbietoost

    OMG het is nu zoooo spannend!!

    3 jaar geleden
  • Poehler

    Damn hoe durf je hier te stoppen :-(

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen