( ͡° ͜ʖ ͡°)

'Kom je mee, Keyon?' 'Wat?' Ik keek Yusaku verbaasd aan toen hij achterop zijn scooter klopte. Ik was zojuist uit school gekomen en Yusaku had een beetje in de stad rond gehangen. Hij had me verteld dat hij door zijn goede cijfers best een paar weekjes school kon missen, wat ik betwijfelde. Maar natuurlijk ging ik zitten en pakte de helm aan. 'Waar gaan we naartoe?' 'Oh, dat zie je zo wel.', zei hij met een knipoog. Het was al rond zes uur s'avonds, ik had een lange dag op school gehad. Het was een verbazingwekkend warmde dag voor de tijd van het jaar en ik kon mijn jas losritsen en had voor de eerste keer sinds tijden iets minder koude handen. Of misschien was dat omdat ik al hooguit een kwartier daar achterop de scooter had gezeten, met mijn handen tegen Yusaku's warme middel heen zodat ik er niet vanaf zou tuimelen. Het was een veilig en warm gevoel om zo met mijn armen om hem heen, borstkas tegen rug te zitten. 'We zijn er bijna!', riep Yusaku achterom. Nog steeds geen flauw idee waar we naartoe gingen, riep ik een snel antwoord naar voren, hopend dat hij het wel zou kunnen horen door de wind. Het begon harder te waaien en er hing een bepaalde geur in de lucht die ik niet goed kon plaatsen. Daarna reden we wat smalle steegjes door en toen zag ik waar de geur vandaag kwam. Mijn mond viel open en een zachtje 'oh' viel over mijn lippen. De zoute geur van zeezout, gemixt met de geur van barbecue en zand vulde mijn neusgaten meer naar mate we dichter bij het strand kwamen. En uiteindelijk, bij de boulevard die zich voor, en bij het begin van, het strand uitrekte, zette Yusaku zijn scooter neer en nam de helm van mijn hoofd. 'Wat doen we hier?', vroeg ik me verbaasd af. Yusaku grijnsde zijn rechte tanden bloot. 'Niks speciaals. Ik dacht gewoon dat je wel eens een break nodig had.' Toen hij dat gezegd had pakte hij voorzichtig mijn hand die koud en klein was vergeleken met die van hem en loodste me mee over de betegelde stoep. Het zand kraakte onder onze voeten maar dat geluid werd overstemd door de geluiden uit de barren en restaurants die aanwezig waren op de boulevard. Het begon al te schemeren en de gekleurde lichtjes van alle tenten gaven een perfecte sfeer. 'Ik heb al een tafeltje ergens gereserveerd, het is niet de duurste tent, maar ik moest wat geld opsparen voor het hotel van vanacht.' 'Hotel? Geld opsparen? Oh Yu dit hoefde je echt niet allemaal te doen hoor!' 'Hoeft niet, mag wel.', zei hij met een knipoog, en ik kon niks anders doen dan verlegen te giechelen. 'Cutie', grinnikte Yu, en hij omklemde mijn hand iets steviger. 'Dank je wel.' 'Voor wat?' Ik haalde mijn schouders op. 'Voor alles, voor er voor me te zijn en voor dat je dit doet. En..' Ik aarzelde even. 'Voordat je me daar eergisteren van hebt weerhouden, het zou het niet waard zijn geweest.' Yusaku stopte met lopen, keek me aan en fluisterde: 'Meen je dat?' Ik beet op mijn lip, keek hem niet aan, en knikte zachtjes. In een wil had Yusaku zijn armen om me heen en omhelsde me. 'Ik houd van je.' De manier waarop hij sprak was bijna hopeloos, maar een goede vorm van hopeloosheid. Een vorm van hopeloosheid die zei: "Ik wil je niet meer kwijt, nooit meer" En dat maakte me erg gevleid. Daarna pakte hij mijn hand weer en liep door alsof er niks gebeurd was. 'Ah, hier is het.' Yusaku ging me voor, het houte trappetje af, en sprak een ober aan. 'Ik had een tafeltje gereserveerd?' 'Ja natuurlijk, op welke naam?' 'Bakker.' De ober knikte en ging ons voor naar onze tafel. Er hingen veel gekleurde lichtjes en de muziek stond redelijk hard. In het midden van de zaak was een dansvloer en de tafeltjes stonden er krap omheen geplaatst, maar gelukkig had Yusaku een plaatste buiten voor ons weten te regelen, waar je op het strand kon uitkijken. Het eten maakte me niet heel veel uit, en ik bestelde het zelfde als Yusaku. Hij leek een beetje nerveus, hoe hij constant op zijn lip beet, of er overheen likte, en heel vaak weg leek te kijken. 'Is er iets?' 'Hm?' Hij keek een beetje verbaasd op. 'Nee.' 'Je lijkt nerveus.' Hij grinnikte. 'Nee ik ben niet nerveus, je ziet er gewoon fucking goed uit vanavond.' Ik bloosde en keek weg. 'Niet waar.', bromde ik. Ik had eigenlijk willen zeggen dat híj er goed uit zag, met zijn haar in een lage staart, en zijn benen in een strakke, zwarte, gescheurde spijkerbroek gehuld. Hij had zijn Blue Lions shirt aan, maar die stond hem verschrikkelijk goed en zijn hele outfit leek zijn geweldige lichaam op precies de goede manier en plekken te accentueren. Ik slikte. Ik had helemaal geen honger; het enige waar ik me op kon concentreren was Yusaku. Ik had mijn eten al opzij geschoven en keek aandachtig hoe Yusaku een nacho pakte, die in de guacamole dipte en die met een krakend geluid in zijn mond stopte. Er bleef wat zout aan zijn lippen hangen en die likte hij er vanaf en vervolgens veegde hij zijn mond af met de rug van zijn hand. Opnieuw slikte ik en wendde mijn blik af die anders toch weer automatisch naar zijn roze lippen zou glijden. 'Heb jij geen honger meer?' Ik schudde mijn hoofd. 'Is er iets?' 'Je ziet er gewoon fucking goed uit vanacht.', grijnsde ik terug. Met zijn mond vol knipoogde hij en nam een slok water. Mijn hart bonsde en het voelde weer als die eerste dag dat ik hem had ontmoet, of die nacht waarop ik er achter was gekomen dat ik hem leuk vond; de vlinders waren zo levendig. Het verlangen was zo levendig, nog levendiger dan eerst. Het liefste was ik daar terplekken over de tafel heen geklommen, had zijn kraag beet gepakt en.. 'Zin om te dansen?' Verschrikt keek ik op. 'D-dansen?' 'Ja man.' 'Ik kan niet dansen.' 'Hoeft ook niet.' Ach, wie was ik dan ook om te weigeren? Ik liet me mee leiden aan Yusaku's hand naar de dansvloer en sloot even mijn ogen. Doe gewoon alsof er niemand in de buurd is, er niemand. Niemand kijkt je raar aan en er is niks aan de hand. Jij hebt hier het recht om met Yusaku te dansen als jij dat wilt en andere mensen hun mening weerhoud je er niet van om te doen wat jij wilt. Ik slaakte bijna een geschrokken gilletje uit doodde plotselinge beweging waarin Yusaku me dicht tegen zich aan trok, mijn rug tegen zijn borst. Hij begon langzaam heen en weer te wiegen op de maat van de muziek terwijl zijn handen mijn heupen vonden en die tegen zich aan pinden. Ik voelde me ongelofelijk verlegen worden maar probeerde mee te schuifelen op de maat zonder dat Yusaku zou merken hoe knalrood mijn gezicht was en dat mijn handen trilden. Ik wist niet goed waar ik mijn armen moest laten dus legde ik mijn handen maar op die van Yusaku die nog steeds ferm mijn heupen omklemden. Ik staarde verlegen naar de grond en merkte plotseling iets op. 'Hé Yu, we hebben de zelfde schoenen.' Ik wees op onze voeten die over de zanderige, houten vloer schuifelden. 'Je hebt smaak.', grijnsde Yu en ik grijnsde ook. Ik voelde me zo goed, zo bij Yusaku. Het was alsof niks meer uitmaakte. Pas toen ik even op keek, zag ik dat het al bijna volledig donker was geworden. De zee was als een zwarte mantel uitgespreid over het strand en was amper zichtbaar door hoe die onopmerkelijk over ging in de zwarte, nachtelijke hemel. Het was bewolkt en daarom was er geen ster of maan te zien. Plotseling verwijderde Yusaku's handen zich van mijn lichaam en eentje greep mijn hand beet. 'Zin om even te lopen?' Graag knikte ik. Het strand was uitgestorven op ons tweeën na. Ik moest goed opletten waar ik liep, anders zou ik omvallen of een hele schep zand in mijn schoenen krijgen. 'Je ziet er echt héél aantrekkelijk uit, echt.' Verlegen staarde ik naar mijn schoenen en hoe ze afdrukken in het zand achterlieten. 'Stop met me zo van mijn stuk te brengen.', had ik gemompeld. Maar Yusaku lachte alleen en zei dat dat flirten was en dat hij de waarheid sprak, wat me opnieuw van mijn stuk bracht. 'Yusaku?' Mijn stem sloeg over toen ik zijn naam noemde. 'Ja?' 'Mag ik je wat vragen?' Hij knikte met zijn ogen op de zee gericht. 'Wat in Chastrifol's naam zie jij toch in me?' Hij schoot in de lach. Zo'n grappige vraag was dat toch niet? 'Keyon je bent echt blind.' 'Niet waar, ik ben realistisch.' Yusaku stond stil en sandwichte mijn wangen tussen zijn platte handen. 'Je bent knap, lief, onzelfzuchtig, je hebt een geweldig lichaam, je hebt humor en je bent een van de beste luisteraars die ik ooit heb ontmoet.' In de plaats van hem te vertellen hoe erg hij fout zat, knikte ik alleen maar, pakte zijn hand en liep verder, de zee te gemoed. Toen we bij het natte zand kwamen liet Yusaku mijn hand los, legde zijn hand op mijn schouder en leunde er op terwijl hij zijn schoenen en sokken uit deed en in het zand liet vallen. 'Kom op!' Toen trok ook ik mijn schoenen uit en legde ze naast die van Yusaku, onthoudend dat de gene met de zwarte sokken van mij waren. Yusaku had zijn broekspijpen al opgerold en stond met zijn voeten in de zee. Voorzichtig sloop ik dichterbij en voelde hoe koud het water was. Een gilletje ontsnapte mijn mond en ik sprong gauw terug. 'Zo koud is het niet hoor, als je eenmaal gewend bent.' Het kostte me wat voor mijn gevoel wel een uur was om eindelijk gewend te raken aan het koude water en er samen met Yu doorheen te kunnen plenzen. We spetterden elkaar gillend en lachend water naar elkaar, maar hielden het subtiel omdat we maar één paar kleren bij ons hadden. Lachend wurmde Yusaku zijn blote voeten weer in zijn schoenen. Hij had zijn voeten afgedroogd met zijn sokken en dat voorbeeld had ik gevold. Er zaten nu twee bobbels in mijn jaszakken waar mijn natte sokken zaten. In de plaats van mijn hand te pakken sloeg Yusaku zijn arm stevig om mijn middel. Ik had gedacht dat hij ons naar het hotel zou brengen, maar hij liep de duinen in en ging zitten in het zachte zand. Vanaf waar we zaten hadden we prachtig uitzicht op zee, maar het was ook een mooi beschut plekje, zo tussen het hoge duin. Niemand zou ons hier kunnnen zien... 'Het is alsof ik op huwelijksreis ben.', flapte ik er uit. 'Was het maar zo.', grijnsde Yusaku, en ik grijnsde terug. 'Ik houd echt van je, dude.' Yusaku leunde naar voren en kuste me voorzichtig en zachtjes. Het gevoel van zijn lippen die perfect tegen die van mij aan leken te smelten stuurde elektrische schokken van lust door mijn lichaam. Het maakte het gevoel verslavend en ik wou niet meer dat het op zou houden. Ik wou meer. Voorzichtig leunde ik wat verder naar voren, wat de onschuldige, zachte kus wat dieper en ruwer maakte, maar ook zodat ik mijn handen omhoog zou kunnnen brengen zonder naar achteren om te vallen. Mijn handen streelden Yusaku's nek, zijn haar, terug naar zijn nek, zijn schouders, zijn rug, zijn middel en benen, en weer omhoog naar zijn schouders en daarna weer omhoog naar zijn haar. Yusaku kwam omhoog op handen en knieën en zette zo een stap naar voren maar wat veroorzaakte dat hij met zijn knie, waar bijna al zijn gewicht op rustte, op mijn hand ging staan en geschrokken trok ik mijn hand weg. 'Shit, Keyon, sorry.' Ik wappperde met mijn hand heen en weer. 'Mwah, maakt niet uit.' Voor ik het door had, had ik zijn kraag met beide handen beet gepakt in de poging hem te zoenen, maar omdat ik weer verder naar achteren was geleund, viel ik naar achteren en trok Yusaku met me mee, omdat ik hem nog steeds vast had. Hij slaakte even een geschrokken gil uit, maar deed daarna niet de moeite weer rechtop te gaan zitten. Yusaku vlocht zijn vingers in mijn haar terwijl hij op zijn onderarmen, die aan weerszijden van mijn hoofd geplaatst waren, leunde. Na een moment van onbeheerst zoenen wat voor mij wek eeuwig had mogen duren, verbrak Yusaku het contact en haalde zijn hand door zijn haar. Zijn ademhaling was gejaagd en ik hijgde ook, van inspanning en van het tekort aan zuurstof. Langzaam boog hij zijn armen en er ging even een rilling door me heen op het moment dat hij zijn lippen in mijn nek drukte. Mijn vingers boorden zich in zijn schouders. Na een tijdje streelde hij met zijn wijs-en middelvinger langs iets in mijn nek wat ik niet kon zien en mompelde: 'Nu ben je van mij.' Yusaku vloekte luid toen opeens de ringtone van zijn telefoon door de duinen schalde en gauw nam hij op. 'Hallo? ...Ja...Nee geeft niet...Ja is prima....Oké doei.' Hij zuchtte geërgerd en ik giechelde. 'Mijn ma.', bromde hij. Daarna klopte hij nonchalant het zand van zijn kleren alsof er niks gebeurd was en stond op. 'Zullen we naar het hotel?' Ik wou niet weten hoe ik er op dat moment uit zag. Er zat zand op mijn kleren en ik mijn haar dat door de war zat, mijn gezicht was knalrood en ik moest de meest onnozele uitdrukking op mijn gezicht hebben. Mijn oren werden rood bij de gedachte dat er zich een, of nee, misschien wel meerderen, rode plekken in mijn nek bevonden die ik niet kon bedekken met mijn shirt of jas. Yusaku stak zijn hand uit en ik trok me er aan op. Met onze vingers verstrengeld liepen we terug naar het hotel. Nu ben je van mij

Reacties (3)

  • aarsvogel

    Gayyyyyy

    3 jaar geleden
  • Shibui

    Nu ben je van mij


    ( ͡° ͜ʖ ͡°)


    3 jaar geleden
    • Snufkin_

      ( ͡° ͜ʖ ͡°)

      3 jaar geleden
  • DeNaamIsGideon

    Enigszins goed dat ze onderbroken zijn.
    Want verder gaan in het zand lijkt me niet heel aangenaamxD

    3 jaar geleden
    • Snufkin_

      ( ͡° ͜ʖ ͡°)xDNee dat lijkt me inderdaad ook niet zo prettig nee.

      3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen