Foto bij 071 - Dangerous

Lange tijd niet gezien, school is druk en het zal druk blijven. Met de examens in zicht van ons beiden zal het ook zo blijven. We hebben eigenlijk een hele buffer met hoofdstukken, maar voornamelijk vergeten we gewoon te activeren. Omdat het erg druk is en persoonlijk heb ik niet echt het idee dat iemand het verhaal leest? Ik bedoel elk hoofdstukje nul reacties. Maar tegelijkertijd zie ik wel de lezers en zie ik de onverwachte kudoos en daar ben ik heel blij mee. Ik vind het gewoon jammer dat we zo weinig uploaden om jullie blij te maken. Maar heb hier dan een leuk hoofdstukje!:)

Als je meer kunstwerken wilt zien van Zenras/Nero en Amras, Yarea helaas niet:(ga dan naar de volgende link: https://www.deviantart.com/farosamor/favourites/74728304/Made-for-me-D
Daar zitten er een hoop tussen. Je kan ook op mijn profiel kijken voor meer tekeningen.

Btw: Omg dat plaatje past best wel heftig goed bij dit stuk:DMaar goed enjoy!

Amras
De blauwe vlammen dansten gevaarlijk voor mijn ogen. Met al de moed die ik had greep ik in het vuur en omklemde de bol. De vlammen schoten hoog de lucht in, maar vermeden mijn handen. Ik had een brandende pijn verwacht, maar een aangename koelte omhulde mijn handen. Ik keek vol ongeloof naar mijn ongedeerde vingers. Met veel kracht probeerde ik de bol uit zijn pilaar te trekken. Er zat geen beweging in, verward liet ik los en trok mijn handen terug. De vlammen daalden wat, maar gingen al snel weer verder met dansen. Mijn ogen schoten gehaast langs de tekens op de blauw en marmeren pilaar. Het was een taal die ik niet herkende. Ik moest hier toch ergens een aanwijzing vinden? Er waren tekeningen van draken, vuur en wolven waarvan hun ogen gloeiden. Net zoals Zenras en Nero. Ik zag steeds weer een man met een kroon boven zijn hoofd terugkeren, dan weer buigend voor een draak en op andere met het licht zelf in zijn handen. Steeds werd hij gezelschap gehouden door de twee wolven. Toen viel me een plek in de pilaar op die erg leek op de amuletten. Ik raakte het voorzichtig aan en trok snel mijn hand weer terug, het gloeide. Ik keek weer omhoog naar het drakenoog het diep blauwe leek je haast te hypnotiseren.
"Is het niet koud?" de zin die Yarea een tijd geleden had gezegd schoot me te binnen en toen, hoe vreemd het ook was, snapte ik het. Ik keek door de vlammen naar Yarea en zag dat ze bewoog, eerst langzaam maar toen ging er een schok door haar heen. Zo sprong op wees achter me en schreeuwde: "Amras pas op!" Ik zag haar al weg sprinten, met een ruk draaide ik mijn hoofd om en zag ik een groep bewakers op me af komen.
"Yarea, denk aan de Amuletten!" schreeuwde ik haar na. Ze antwoordde niet, ik hoopte hevig dat ze het had gehoord.
Ik sprintte zo snel ik kon achter Yarea aan, mijn benen gingen te snel en ik struikelde. Met een ferme klap kwam ik op de grond terecht, de lucht werd mijn longen uitgeslagen. Met een vertrokken gezicht sprong ik overeind en zette de sprint verder voort, ik had geen idee hoe veel voorsprong ik had. De stappen van de bewakers kwamen gevaarlijk dichtbij. Ze waren met te veel, minimaal zeven, vechten was onmogelijk. Uit mijn ooghoek zag ik een aantal bewakers uit het trapgat rechts van me komen. Ik sprintte zo snel ik kon naar de enige uitweg zonder bewakers. Zou Yarea het hebben gehoord? Zonder de amuletten hebben we niets. Ik slikte een brok door toen ik dacht aan haar, als ze maar niet gevangen is genomen. Nog voordat ik bij het trapgat was zag ik dat de soldaten bij het rechterpad niet naar beneden gekomen waren. Ze waren teruggekeerd, dat betekende dat ze beneden op me stonden te wachten! De angst schoot me nu echt in de keel. Ik greep een beetje klungelig naar mijn wapens en sprong het trapgat in.
Achteraf had ik dat misschien niet moeten doen, wat angst met je kan doen. Ik was uitgegleden op de trap, omdat er geen leuning was viel in naar beneden en knalde ik met mijn hoofd tegen een stenen rand. In een waas zag ik hoe de bewakers die op me hadden staan wachten naar me toe kwamen. De pijn schoot door mijn hoofd en nog in de wazigheid gooide ik een van de messen naar de soldaten. Ik kneep mijn ogen in een fractie van een aantal seconden open en dicht en probeerde op te staan. Ik zag de eerste voeten al van de trap afkomen. De geraakte soldaat zat op zijn knieën, een ander stormde met een zwaard op me af. Ik gooide mijn laatste mes en dook toen weg onder de trap door. De hele ruimte was open, zelfs al zat je onder de trap je kon geen beschutting vinden. Met een weergalmende klengel kwam het mes op de grond terecht, met al de kracht in mijn benen zette ik het op een sprint richting de deur. Het duizelde nog in mijn hoofd, ik hoorde het geschreeuw van de soldaten. Ik was bijna bij de deur, mijn ogen lichtte op. Nu alleen nog hopen dat Yarea het ook had gered. In een paar seconden zag ik hoe er iets voor mijn voeten werd gegooid en voordat ik het doorhad viel ik met grof geweld op de grond. Nee! Niet nu. Weer voelde ik de klap op mijn longen en een steek van pijn schoot opnieuw door mijn hoofd. Mijn knieën branden, ik probeerde nog op te staan, maar ik werd ruw tegen de grond geduwd.
"Blijf waar je bent. Niet bewegen anders krijg je nog eens een hersenschudding en dat wil je natuurlijk niet." De sarcasme vloeide van zijn woorden af, zijn twee grote handen drukte me plat tegen de grond, ik voelde de ijskoude marmeren vloer en een aantal zandkorreltjes in mijn wang bijten. Ik beet mijn tanden op elkaar en keek woest uit mijn ogen. Ik probeerde me wild los te rukken, maar daardoor werd de druk alleen maar groter. Hij had zijn ene hand op mijn rug en met de andere drukte hij mijn hoofd tegen de grond.
"Ik zei blijf liggen!" Ik hapte angstig naar adem, ook hij hoorde de piep in mijn ademhaling, maar het deerde hem niet. De andere soldaten waren eindelijk de trap af gekomen. Een andere soldaat bond mijn handen strak aan elkaar. Ik voelde me verslagen, mijn hele lichaam zat nog vol spanning en woede en ik wilde het uitschreeuwen. Ik had geen gezicht om naar te schreeuwen, ze zaten allemaal buiten mijn blikveld. Ruw trok iemand de touwen om mijn polsen vast, ik verbeet een pijnkreet met veel moeite. "Dat is voor Nersaw" hoorde ik nog net iemand kwaad mompelen. Ik werd overeind getrokken, hier en daar klonken bespotte woorden en een grinnik ging door de groep. Mijn blik gleed naar de gewonde die ik had veroorzaakt, hij keek me kwaad aan. Jammer.
De man die me zo ruw op de grond had geduwd keek me nu aan, zijn gelaat straalde van de overwinning en een grote overdosis sadisme was te zien. Ik moest er haast van walgen. Hij deed me denken aan Giltar, alleen was zijn haar lichtblond in plaats van zwart.
"Hèhè, we hebben hem. Nu zullen we eindelijk weten wat deze jongen met het licht wilde" een lach sloeg over op de groep. "Want wie haalt het nou weer in zijn hoofd om het drakenoog te stelen." zei de man.
Een van de jongere soldaten lachte nu opvallend hard en zei: "Ik denk eerder dat hij het wilde bewonderen, de jeugd van tegenwoordig." Ik zei niets en met een gerezen kin keek ik strak voor me uit en onopvallend testte ik de druk op de touwen. Behalve de gewonde man keek er nog iemand chagrijnig, die mompelde haast onhoorbaar. "Je hoeft geen mensen te vermoorden om het licht te zien" Nadat hij dat had gezegd keek hij me strak en vol valsheid aan, ik sloeg mijn ogen neer. Ik had het verpest.

Reacties (1)

  • Allmilla

    Ik lees nog hoor!:)Ik ben gewoon niet al te goed in reacties geven, vandaar...:XIk vind dit echt een goed verhaal, hopelijk komt er nog een hoofdstuk (zodat ik me wat kan afleiden van het blokken voor de examens... oeps(A))!

    1 jaar geleden
    • NiareNero

      Leuk om te horen dat je het nog leest;):DWe doen ons best om weer goed te gaan uploaden ^-^

      1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen