Dís zoog sissend lucht door haar lippen toen de vrouw naar binnen stapte en de deur achter zich sloot. Ze was gekleed in een nauw zittende gevechtstenue. Haar handschoenen glommen in het licht van de lantaarn, net als de gespen die het korset dat ze droeg van onder haar borsten tot haar middel dichtsnoerden.
      Aan een wapengordel om haar middel hing een kruisboog. Hoewel er geen wapen gespannen of geheven werd, voelde Dís zich behoorlijk geïntimideerd, wat vooral kwam door de indringende blik in haar felblauwe ogen. Onder haar rechteroog begon een litteken dat na een duimbreed onder een doek verdween waarmee de vrouw haar gezicht afdekte.
      Dís rechtte haar schouders. Waarom liet ze het toe dat iemand zomaar haar huis binnendrong? Hoewel een koude vrees om haar heen sloop, was dat niet de hoofdreden dat ze dit toeliet. Ze was gewoon stomverbaasd. In dit stadje, vlak bij de Blauwe Bergen, gebeurde nooit iets. Laat staan dat er zomaar vrouwen naar binnen drongen. ‘Wie bent u?’ vroeg ze met omhooggestoken kin. ‘Wat wilt u van mij?’
      De vrouw liep naar het raam, trok een gordijn een stukje opzij en keek naar buiten. Daarna draaide ze zich terug naar Dís en leunde nonchalant tegen de muur.
      Dís vroeg zich af wat ze voor wezen was. Ze was te slank en lang voor een dwerg, maar kleiner dan een elf. Een mens? Daar leek ze te gracieus voor.
      ‘Jij bent Dís, nietwaar?’ Haar stem klonk verrassend zacht.
      ‘Ja.’
      Haar blauwe ogen bleven in die van Dís rusten. ‘Ze noemen mij Lórogurth. De doodsdromer.’
      Hoewel Lórogurth zelfverzekerd klonk, kreeg Dís niet de indruk dat ze blij was met die benaming. Toch voelde ze zich onrustig, zeker na de dromen die ze zelf al had gehad. ‘De… doodsdromer?’ vroeg ze hakkelend toen er een onaangename stilte in de schemerige ruimte bleef hangen.
      ‘De doodsdromer. Ik krijg visioenen. Donkere visioenen.’
      Het rechteroog van Lórogurth lichtte op, de ander ging verborgen achter een pluk zwart haar. Dís voelde dat ze zelfs kippenvel op haar rug kreeg.
      ‘Gaan die visioenen over mij?’
      ‘Over je zoons, je broer.’
      Dís’ mond werd droog. ‘Gaan ze… gaan ze dood?’
      ‘Ja.’
      De vrouw antwoordde zonder met haar ogen te knipperen, zonder enige manier om die woorden te verzachten. Wankelend deed Dís een stap naar achteren. Dit was te bizar voor woorden. Was dit niet gewoon de zoveelste nachtmerrie?
      ‘Er staat een prijs op het hoofd van Oakenshield. De ork wiens arm hij er eens heeft afgehakt, wil hem dood.’
      ‘Azog,’ siste Dís. Ze voelde een krampende pijn in haar buik. Ze had het wezen nooit gezien, maar Thorin had verteld wie hun grootvader gedood had.
      Lórogurth knikte.
      Dís zocht naar woorden. Toen er niets kwam, liep ze naar de voorraadkast, schonk voor haarzelf en haar gast een kroes bier in en nam een slok. Dat het een nuchtere maag niet goed zou doen, kon haar niets schelen. ‘Wat gaat er gebeuren?’
      ‘Dat doet er niet toe,’ antwoordde Lórogurth. Ze pakte de kroes aan, maar zette hem naast haar neer. Het viel ook niet mee om te drinken met een doek voor je mond. ‘Het zal nooit zover komen. Daar moet jij voor zorgen.’ Daar was die strakke blik weer. ‘Samen met mij.’
      Dís fronste. Misschien kwam het door de nasleep van de droom of doordat de eerste slok alcohol haar gedachten al vertroebelde, maar ze kon het allemaal niet zo goed bijbenen. ‘Hoe weet je zo zeker dat het geen gewone dromen zijn?’
      De vrouw snoof. ‘Denk je dat ik heel Midden Aarde zou doorkruizen als ik er niet absoluut zeker van was dat dit géén gewone droom was?’ Ze schudde haar hoofd. ‘Het is niet jouw lotsbestemming om hier te blijven wachten, Dís. Je broer wilde je dan misschien niet mee hebben, maar daarmee heeft hij zijn eigen doodvonnis getekend.’
      Dís voelde de kleur uit haar gezicht wegtrekken. Het verhaal van Azog was alom bekend en dat zij, als dochter van Thráin, hier woonde, was ook geen geheim. Maar dat zij had meegewild en dat Thorin dat botweg geweigerd had, was iets was ze met niemand had gedeeld. Niet met haar zoons, niet met de andere dwergen.




Reacties (6)

  • Trager

    Wauw, ik ben echt verbaasd gewoon. Ik vond je al goed schrijven, maar dit is echt meesterlijk! :3

    3 jaar geleden
  • Laleah

    Ik vind het altijd echt heel knap hoe je in fanfics zo een alleenstaand verhaal kan maken! Echt super!

    3 jaar geleden
  • GossipGirl21

    Je kunt veel beter schrijven dan ik zelf.

    3 jaar geleden
  • Medb

    Pls geloof de doodsdromer tho(huil)

    3 jaar geleden
  • Ghafa

    Oeeeh, tot zover vind ik Lógoruth echt heel gaaf :3

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen