Foto bij Hoofdstuk 125; Alathea.

Alathea sloot haar ogen. Ze haalde diep adem en concentreerde zich op de geluiden om zich heen. De stemmen van de andere leden. Het gekraak van de bladeren onder hun voeten. De vogels. Het stromend water van de beek.
Ze zuchtte. Het was rustig. Iedereen merkte dat. De sfeer was goed.
‘Hey.’ Alathea’s ogen schoten meteen open. Rose stond in de tentopening. Ze glimlachte warm. ‘Stoor ik?’
‘Nee! Nee.’ Alathea schraapte haar keel. ‘Kom verder.’
Rose kwam verder en ging tegenover Alathea zitten. ‘Hoe voel je je vandaag?’ vroeg ze vriendelijk.
‘Prima. Rustig.’
‘Goed. Dat is fijn om te horen. Hoe verliepen de afgelopen dagen?’ Alathea wist waarom Rose dit vroeg. Ze had zo veel zorgen gehad over het overnemen van De Wacht, dat Rose bezorgd was over haar welzijn.
‘Voorspoedig,’ antwoorde Alathea. Rose keek haar onderzoekend aan. Ze wist exact wanneer Alathea loog. ‘Ik had het zwaar, vooral in het begin. De Wacht heeft er niets van gemerkt.’ Haar hart bonsde in haar keel.
Rose pakte haar hand. ‘Je hebt het uitstekend gedaan Alathea.’
‘Dank u.’ Veel van de andere Wachters zeiden al “je”. Vooral de jongeren en degene die al lang deel van De Wacht waren. Het kwam door de invloed van de drieling, Jessica en Austin. Ze hadden jaren lang hun uiterste best gedaan om hun taal aan te passen aan hun tijd, maar onderling spraken ze anders. De anderen werden erdoor beïnvloed. Zo sterk zelfs, dat ze het taaltje begonnen over te nemen. ‘Hoe ging u reis?’
‘Voorspoedig.’ Rose glimlachte. Ze haalde haar hand van die van Alathea en deed haar lange haar in een staart. ‘Het duurde enkele weken voor we hem gevonden hadden. Nog een paar dagen voor we hem overgehaald hadden ons te helpen. Hij begreep de situatie niet. We konden hem ook niet te veel informatie verschaffen.’ Alathea knikte begrijpend. ‘Uiteindelijk heeft hij ingestemd ons te helpen. Eerst moeten we echter daar komen.’


‘Hey Jess,’ Alathea keek op toen Jessica de tent in kwam. Alathea deelde een tent met haar wanneer ze samen reisde.
‘All.’ Jessica ging op haar bed zitten, tegenover Alathea. De tenten waren relatief groot aan de binnenkant, groter dan aan de buitenkant. Er stonden standaard twee bedden in. Volgens Rose was dit wat Pan had bedacht nadat ze bij de Jageressen was geweest. Alathea was de Jageressen wel een aantal keer tegen gekomen, maar was niet in hun tenten geweest.
‘Ik moet met je praten.’ Jessica keek naar haar.
‘Oh, dat klinkt ernstig.’
‘Nadat Orlan overleed, vertelde Rose me dat ik het uit mijn systeem moest krijgen. Huilen, schreeuwen, praten. Maar als het er op neer kwam, moest ik mijn hoofd leeg kunnen maken en vechten voor mijn leven en dat van mijn familie,’ vertelde Jessica.
‘Dat kan ik me herinneren,’ zei Alathea zacht. ‘Jullie waren eeuwen samen voordat...’
‘Ik mis hem nog altijd,’ zei Jessica zacht. ‘Het punt is. Rose zei me die dingen te doen, wanneer ik dit wilde doen. Wanneer ik het gevoel had dit te moeten doen om door te gaan. Ik mocht het niet in me houden. Want als ik dat deed, zou dat gevoel, van afschuw en verdriet alleen maar erger worden.’ Alathea slikte. ‘Ik weet dat je het een geheim hield, maar het was geen geheim.’
Alathea schudde haar hoofd. Ze had een brok in haar keel die haar stem ontnomen had.
‘Alathea,’ zei Jessica zacht. ‘Het is geen geheim. Niet voor mij, niet voor Rose, niet voor haar zussen en niet voor Austin. Misschien niet eens voor de rest van De Wacht. Dat heb je misschien niet gemerkt, omdat we je niet anders behandelde.’ Jessica stond op en kwam naast haar zitten.
Alathea schudde opnieuw haar hoofd. Ze wilde dat Jessica stopte.
‘We houden van je. Het maakt je niet minder,’ probeerde Jessica weer.
‘Ik wil hier niet over praten,’ zei Alathea zacht. Het koste haar moeite om de woorden uit haar mond te krijgen. Het deed zelfs pijn. Zo veel pijn, dat de tranen in haar ogen stonden.
‘All.’
‘Alsjeblieft-‘ Alathea’s adem stokte. Jessica streek door haar haar en trok haar langzaam tegen zich aan. Alathea liet het gebeuren. Het voelde vreemd. Ze vond het vervelend om toe te laten, maar deed het toch. ‘Ik-‘ Jessica’s armen had haar arm om strak om Alathea heen. Alathea probeerde wanhopig te zoeken naar een uitweg, maar het enige uit haar mond kwam waren een paar onsamenhangende woorden.
‘Je bent geliefd door De Wacht. Door ons allemaal. Inclusief Rose.’ Jessica’s zachte stem klonk warm in Alathea’s oren. Langzaam voelde ze haar lichaam ontspannen. Beetje bij beetje. Eerst haar schouders, haar rug, haar kaak.
‘Jess?’ De stem van Hunter onderbrak de rust.
Alathea trok zichzelf los en kwam overeind. Ze knipperde de tranen uit haar ogen en slikte de brok uit haar keel. ‘Maak je geen zorgen Jessica. Het gaat prima met mij.’ Ze stapte de tent uit. ‘Voel je vrij om naar binnen te gaan Hunter.’

Het duurde even voor Alathea zichzelf herpakt had. Ze zat bij het meer, weg van het kamp, met gesloten ogen. Ze haalde diep adem en concentreerde zich op het geluid van het water, het geklets van de mensen en het gefluit van de vogels. Ze opende haar ogen en keek naar hoe het water door de wind rimpelde.
Het moment dat ze zich herpakt had, begon ze te ontspannen. Ze haalde diep adem. Haar gedachten dwaalde onbeheerst af. ‘Het is geen geheim. Niet voor mij, niet voor Rose, niet voor haar zussen en niet voor Austin. Misschien niet eens voor de rest van De Wacht.’ Hoorde ze Jessica’s stem in haar hoofd. ‘Dat heb je misschien niet gemerkt, omdat we je niet anders behandelde.’
De tranen welde op in haar ogen. Alathea haalde een aantal keer diep adem om de tranen weg te dwingen. ‘We houden van je. Het maakt je niet minder.’ Ging de stem genadeloos door. ‘Je bent geliefd door De Wacht. Door ons allemaal.’ Alathea kneep haar ogen dicht en nam haar hoofd tussen haar handen. ‘Inclusief Rose.’
Ze opende haar ogen en keek naar het water. Haar adem stokte. Ze deed haar best rustig te ademen, maar het leek enkel haar adem te ontnemen. ‘Ik hou van Rose,’ fluisterde ze, haast ademloos. Het moment dat ze het zei, kwam de pijn. Eindelijk kon ze weer ademhalen, maar soepeltjes ging dat niet. Ze veegde een traan weg.
‘Ik hou- van Rose,’ herhaalde ze. De tranen bleven over haar wangen stromen. ‘Shit,’ zei ze zacht, ‘ik hield van haar.’

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen