‘Evan!’ Ik keek om en zag Jonathan op me af rennen. ‘Hoe laat kom je morgen naar mij toe?’ Ik haalde mijn schouders op. ‘Boeit mij niks. Hoe laat komt het beste uit?’ ‘Half twaalf of zo? Het liefste vroeg, zodat ik de rest van de dag nog over heb om andere dingen te doen.’ ‘Half twaalf is prima.’ Jonathan duwde een briefje in mijn handen. ‘Mijn adres.’ Ik knikte. Even deed hij zijn mond open alsof hij iets wou zeggen, maar sloot die toen weer. Toen ik me om draaide en weg wou lopen riep hij toch mijn naam en ik draaide me weer om. Zijn wangen waren rood en hij keek alsof hij iets beschamends zou gaan zeggen. Oh boy.. ‘Ik wil je even ergens waarschuwen.’ ‘Wat?’, vroeg ik kil. Waarom kon dat kind me niet met rust laten? ‘Ik.. Ik heb twee moeders, ik wou je dat even later weten voordat je morgen misschien voor een verrassing zou komen te staan.’ Hij keek verlegen naar zijn voeten. Zijn onzeker afwachtende ogen ontmoetten die van mij. ‘Dus?’ ‘Vind je dat niet vreemd?’ Ik haalde ongeïnteresseerd mijn schouders op. ‘Zo vreemd is het echt niet hoor. Tot morgen.’ Hij stak zijn hand op maar zei niks terug. Ik vroeg me af waarom hij me had ‘gewaarschuwd’ had voor het feit dat zijn moeders lesbisch waren. Dacht hij dat ik een of andere homofoob was of zo? Zag ik er uit alsof ik mensen haatte die anders waren? Dacht hij dat ik zo’n oneerlijk persoon was die hem kritiek zou geven op wie zijn ouders waren en dat ik alleen omdat het ongebruikelijk was hem zou haten? Moest hij nodig zeggen zeg, hij was tenslotte degene die mij er voor aanzag terwijl hij me niet eens kende!
Of hij is onzeker en wil je gewoon niet afschrikken.

Ik haalde diep adem en drukte op de deurbel. Gelukkig deed Jonathan zelf open en niet een van zijn ouders. Hij liet me zien waar ik mijn jas op kon hangen en bood me iets te drinken aan. Dat offer sloeg ik af. ‘Jonathan? Is dat een vriend van je?’, vroeg een vrouw met net zulk zwart haar als hij. ‘Klasgenoot.’, bromde hij voordat hij voor me uit de trap op liep. Mijn mond viel open toen ik zijn kamer in stapte. Het was...normaal. Witte muren, opgemaakt bed met een donkerblauw dekbed, houten bureau en een zwart drumstel in de hoek. Aan de muur hing een landkaart van heel Chastrifol, omringd met een slinger lichtjes. Aan een andere muur gingen polaroid foto’s van landschappen en posters van een of andere zanger. Misschien was het oneerlijk om meteen zo op zijn uiterlijk te oordelen, maar ik had op z’n minst een stuk meer rommel verwacht. Ik zou er ook niet verbaasd over zijn als er martelwerktuigen of terrariums met slangen zouden staan. Ik slikte moeizaam. Oh.. Dat laatste had hij dus wel. Naast zijn bureau ston een groot, glazen, vierkant hok met een oranje slang er in. Het was geen dikke of erg lange, maar toch werd ik er behoorlijk benauwd van. Wat als hij door het glas heen zou breken en mijn keel door zou bijten? ‘Het is een korenslang.’, legde Jonathan uit die me zag kijken. ‘H-heeft hij een naam?’ Ik probeerde het idee van Jonathan dat ik geïnteresseerd was in zijn monster in de plaats van dat ik als de dood was voor slangen door te zetten. ‘Neuh.’ Daarna leek hij er geen aandacht meer aan te besteden en pakte twee pennen en twee stukken papier die hij op zijn bureau legde. Hij schoof een houten kruk naar het bureau, ging er zelf op zitten en bood mij zijn bureaustoel aan. Ongemakkelijk ging ik zitten, nog steeds met de gedachten van de slang in mijn hoofd. ‘Wat zou jij willen doen?’, vroeg hij met zijn pen op het papier. Ik haalde mijn schouders op. ‘Weet ik veel.’ ‘Probeer iets te bedenken.’ ‘Gebruik zelf die kop van je.’ Hij zuchtte en sloot even zijn ogen. Daarna forceerde hij een glimlach en zei dat iets met sponsoren hem wel een goed idee leek. ‘Ja prima, wat?’ We zaten even in stilte. Mijn ogen gleden weer naar de slang. ‘I-is hij giftig?’, vroeg ik met trillende stem, nu mijn paniek echt net meer onder controle weten te houden. ‘Nee. Hoezo?’ Hij keek me met een gepuzzelde blik aan. Toen leek hij het te snappen. ‘Ben je bang voor slangen?’ Mijn wangen werden rood en ik voelde me plots een ongelofelijke aansteller. ‘N-nee.’ Voor het eerst keek hij me met een soort warmte in zijn blik aan. ‘Ik kan hem weg zetgen als je dat liever hebt hoor.’ Ik beet beschaamd op mijn lip en knikte. Hij zette de slang weg bij zijn bed die aan de andere kant van de kamer stond, wat nog steeds niet 100% geruststellend was, maar het was in elk geval best aardig van hem dat hij het ding verder van me af wou zetten. Toen hij terug kwam klopte hij me even op mijn schouder, en zei met een grijns: ‘Niks om je voor de schamen, sommige mensen hebben gewoon vreemde huisdieren en iedereen is wel ergens bang voor.’ ‘Hm.’, bromde ik, ongemakkelijk omdat Jonathan nu wist dat ik bang was voor slangen. Het maakte me ook ongemakkelijk hoe aardig hij deed. Het was een Cobra, Jonathan was die freak wie volgens Esmee heel goed een vampier kon zijn, waarom deed hij dan zo aardig? Opeens begon hij in zijn handen te klappen. ‘Ik heb het!’ ‘Wat?’ ‘Angsten!’ ‘Pardon?’ ‘Voor de actie. Als we nou allebei tien dingen opschrijven waar we bang voor zijn-‘ ‘Ik ben echt niet bang voor zo veel dingen hoor.’, zei ik, stoer over proberend te komen. ‘Tien dingen die je eng vind dan, je bedenkt maar wat. Mijn idee was om die angsten onder ogen te gaan zien en om ons daar voor te laten sponsoren.’ Ik trok één wenkbrauw op. ‘En dat gaat werken? Daar voor gesponsord worden, bedoel ik.’ Jonathan haalde zijn schouders op. ‘Vast wel, ik zou niet weten waarom mensen wel geld willen geven aan mensen die een paar rondjes hollen en niet aan mensen die hun angsten in de ogen gaan kijken.’ Hij grinnikte even. ‘Best spannend.’ ‘En eng.’, zuchtte ik. Hij keek me serieus aan. ‘Is dit ons plan dus?’ Na een paar seconden na gedacht te hebben, knikte ik, en had er meteen spijt van. Maar wat kon er nou zo mis gaan?

Reacties (1)

  • LaLoba

    Uuh ik denk dat een hoop dingen mis kunnen gaan whoops

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen