Foto bij Hoofdstuk 16 - Room 1 - Mark and Amy

Na dit hoofdstuk gaan jullie me pas echt haten, als jullie dat niet al deden. Wees voorzichtig,mensen

Task 5

Het was donker en je kon nauwelijk wat zien, als er al wat te zien was. De kamer was zo donker dat je er nauwelijks doorheen durfde te lopen. De vloer voelde nat en plakkerig. De muren waren net zo. Misschien was dat ook maar beter zo. Misschien zat er wel bloed aan de muren en was dat bloed van iemand die je kende. Misschien was het bloed van een dood dier en viel het wel mee. Het dier had gewoon veel bloed verloren. Het moest dus een groot dier zijn. Grote dieren hadden toch veel bloed? Toch? Op die vraag zou Amy nooit het antwoord krijgen. Op al haar andere vragen ook niet meer. Misschien was ze dood en misschien had Mark het gedaan, maar we weten allemaal dat hij dat nooit zomaar zou doen. Toch? Mensen zijn tot de meest vreselijke dingen in staat. Ieder mens. Ze doen en zeggen gruwelijke dingen over en tegen elkaar. Zeker als ze van iemand houden. Ze hebben dan alles over voor diegene. Misschien telt dat ook wel voor Mark en Amy. Misschien is het wel zo erg dat Mark zo iemand zo kunnen doden, ookal is het May zelf. Was het maar anders gegaan dan hoe ik het je nu moet vertellen.



Mark sleepte het kapmes over de grond en voelde door de ruimte. Alles voelde zo schoon en zo kalm. Alsof er niks aan de hand was. Met de kamer zelf was ook niks aan de hand. Met Mark....Was heel veel mis. Door het trauma van de vorige kamer had hij een soort honger gekregen die niet te temmen was. Een honger die je niet kon voeden. Hij wou wraak op degene die hem dit had aangedaan. Hij tilde het kapmes iets verder van de grond en stak hem in de lucht. Het mes glom sterk en zag er scherp uit. Het was een prachtig mes. Een mes dat scherp genoeg was om door...Niet aan denken...Dat is voor later. Mark glimlachte grimmig. Het zou een mooi schouwspel worden. Hij stelde zich al voor hoe het zou zijn als hij straks...Straks. Starks was alles over. Het hielp alleen niet echt dat er de hele tijd iemand naar hem leek te kijken, maar telkens als hij omkeek, stond daar niemand. Het was vreselijk onaangenaam. Het werd soms zelfs zo erg dat hij uit het niets begon te zwaaien met het mes. Hij raakte nooit iets of zichzelf, maar hij bleef op zijn hoede. Hij ging tegen de schone muur zitten en legde het mes naast hem neer. Hij was moe, merkte hij. Hij had rust nodig. Mark zakte verder op de grond en zocht een goede positie om te slapen. Toen hij die had gevonden, viel hij meteen inslaap.

Amy sloop heel voorzichtig op hem af en raakte nog voorzichtiger zijn gezicht aan. Hij sliep. Ze slaakte een zucht van opluchting. De Mark die hier lag te slapen was niet meer de echte Mark die zij kende. Of leek te kennen. Ze dacht dat ze hem na al die jaren al door had, maar dat leek valse hoop te zijn. Ze had zelfs gedacht dat hij een aanzoek zou doen die avond. Ze was verliefd. Zo verliefd dat ze de werkelijkheid telkens weer vergat. De man die hier nu lag leek bijna menselijk, maar was van binnen slechts een monster. Een rat. Een wezen dat het daglicht niet zag en verborgen werd voor elk mensenoog. Amy voelde zich bijna schuldig, maar ze wist dat het niet haar schuld was. Niet echt. Ze had haar best gedaan en meer kon ze ook niet doen. Ze was bereid alles voor Mark te doen en misschien was het tijd om te kijken of het allemaal nog wel waard was. Ze ging niet naast hem liggen, maar ging wel slapen. Ook zij was moe en had haar rust zeker nodig.
Het wakker worden was zeker geen pretje. Amy schrok zo erg van Mark dat ze meteen wakker was. Hij had weer zo’n aanval en Amy wist zich geen raad. Hij zwaaide met dat vreemde mes van hem en leek helemaal niet door te hebben dat Amy daar was. Amy had niet echt het gevoel dat Mark überhaupt nog wist wie Amy was. Mark was veranderd en niet op de goede manier. Mark begon nu ook steekbewegingen te maken. Hij leek in zijn trans iets te vermoorden, maar het was niet duidelijk wat. Met een grove ruk draaide Mark zich om naar Amy. Dat was de eerste keer dat hij haar had opgemerkt. Hij was kwaad en het was niet Amy’s schuld. Amy deinsde achteruit van schrik en probeerde niet te denken aan het scherpe mes dat naar haar borst wees. “JIJ! JIJ HEBT DIT GEDAAN!” schreeuwde hij. Zijn stem was zeker drie octaven lager. Zijn ogen waren misschien nog wel het engst. Daar in die bruine pupillen leek een soort oorlog voort te komen. Goed en kwaad danste voor hem en leken zijn zicht te verblinden. “JIJ HEBT MIJ ZO GEMAAKT. IK BEN NU NOG MAAR EEN PROOI VAN JOUW ZIEKE GEEST.” Mark kwam steeds dichterbij en Amy liep steeds verder weg. Ze was bang. Mark begon iets te ruiken en keek toen weer naar Amy. Het mes was naast hem in zijn hand. Hij keek even naar het mes en toen weer naar haar. “Ik heb zitten nadenken over hoe ik jou zou vermoorden. Verbranden was altijd al een favoriet van mij. Ik was ook erg fan van het ophangen, maar ik gunde je die laatste woorden niet. Nee, ik wou je pijn doen. Heel veel pijn. Ik wou je al de pijn laten voelen die ik heb gevoeld. Elke wond en elke druppel bloed wil ik op dezelfde manier van jou zien komen als jij bij bij hebt mogen zien.” zijn stem was kalm en rustig. Hij keek na elke zin heel even naar het mes, alsof hij nadacht over hoe het erop zou reageren. Het mes begon steeds meer te glimmen. Zo fel dat Amy haar ogen dicht deed.

De muren waren zo schoon. Zo schoon dat je elke vlek erop zo zou kunnen zien. Zo vlekkeloos. Hetzelfde gold voor de vloer. Je kon je reflectie erin zien. Degene die dit schoon hield had zeker zijn geld verdient. het zou zonde zijn als er iets met die muren zou gebeuren. Het zou eindeloos duren om die muren zo schoon te krijgen als dat ze nu zijn. Niet plakkerig en niet vol bloed. Niet stikkend naar rottend vlees. Dat was blijkbaar de enige geur die nu nog in de kamer mocht zijn. Het was niet meer schoon. Het zou ook nooit meer schoon worden. Het bloed was te dik en de vlekken te groot. Tussen al dat vlees en bloed lag een heel onschuldig kapmes. Het mes was van goede kwaliteit. Dat zag je meteen. Degene die het had gebruikt, was niet echt een vakman. Hij had teveel bloed laten vloeien. Dat is misschien wel waarom ik het je niet wou vertellen. Het verhaal had anders moeten gaan. Misschien had Amy nu nog moeten leven en was alles wel weer goed gekomen.

Dames en Heren, Waarom manipuleert een goochelaar zijn publiek? Waarom leidt een gazelle een leeuw af om er vervolgens heel hard vandoor te gaan? Waarom roepen kinderen naar elkaar als ze tikkertje spelen? Als het antwoord zo simpel was als ‘Het moet’ dan ging er niemand dood. Amy is slachtoffer geworden van haar eigen instinct. Ze wist al heel lang dat Mark niet zichzelf was, maar ze deed niks. Kijk, soms doe ik het en soms doen de spelers het.

Mark zag de kamer niet. Hij zag het bloed niet. Hij zag Amy niet. Hij zag niets. Hij rook zelfs het vlees niet. Hij had geen honger meer. Het was voorbij. Hij was verzadigd. Nee, hij is niet ineens kannibalistisch geworden. Nee, hij heeft zijn wraak genomen. Zijn honger gestild. Er heeft veel bloed gevloeid. Zo was het prima. Hij was klaar met zijn taak. Mark was niet boos meer. Hij was niet meer kwaad op degene die hem hierheen had gehaald. Hij zag alleen Amy niet meer. Het moest dan maar zo zijn. Hij had geen zin om haar te zoeken. Hij dacht dat ze vanzelf wel weer naar hem zou komen. Hij verliet de vieze kamer en kwam weer in een andere. Die was net zo vies als de andere. De kamer waar hij gek genoeg geen herinnering meer aan had. Hij begon zich ineens af te vragen waar Amy bleef. Was haar iets overkomen? Had hij haar opgesloten in de vorige kamer? Nee, er was niemand in die kamer, behalve hij. Hij was de enige in die kamer. Al dat bloed. Waar was dat eigenlijk vandaan gekomen? Hij kon het zich niet meer herinneren en dat was ook maar beter zo. Hij had nu erge dingen aan het hoofd. Zoals het vinden van Amy.

Als die nog in leven was.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen