‘Niet te geloven dat we vrij hebben gekregen!’ Jonathan kwam net uit het kantoor van het schoolhoofd en rende op me af. ‘Dus het is gelukt?!’ Ik kon het niet geloven. Het schoolhoofd vond het werkelijk goed dat we drie dagen vrij kregen zodat we onze laatste angsten konden uitvoeren?! ‘Alles verloopt volgens plan.’ We gaven elkaar een high-five. Die dag zouden we gaan kamperen, de volgende dag zouden we alles klaar gaan maken voor de finale: de Volle Maan. Er was alleen één ding.... er was wéér een meisje verdwenen, en ik vroeg me af of het wel veilig was. Jonathan zei dat het gewoon mythes waren en dat één van de slachtoffers laatst ergens in het bos was gevonden, verdwaald doordat ze onder de invloed van alcohol en drugs was geweest. Toch zat het niet helemaal lekker... ‘Jij had toch een tent?’, vroeg ik om maar over iets te praten. ‘Ja die heb ik, het is wel een oude maar als het goed is nog prima bruikbaar. Je hebt toch wel een slaapzak?’ Ik knikte en zei dat ik die had en dat ik ook ons tweepersoons-luchtbed mee zou nemen aangezien die beter in de tent zou passen en makkelijker mee te nemen was dan twee losse. ‘Heb je er zin in?’ Jonathan liep met zijn handen in zijn zakken achterstevoren voor me uit. ‘Nee.’ ‘Ik ook niet.’ Ik moest toegeven dat het idee om met Jonathan te kamperen me nog zo verkeerd nog niet in de oren klonk, maar dat het in een donker bos, bijna náást een begraafplaats en terwijl het aan het onweren was, maakte het niet echt aantrekkelijk.

‘Heb je alles?’ Jonathan stond voor mijn deur, tassing gingen al over zijn lichaam. Een rugzak, twee schoudertassen en hij droeg nog een zak voor zijn slaapzak aan zijn hand. Ik checkte mijn spullen nog een keer en zei van wel. ‘Ma, ik ga!’, riep ik richting de keuken. ‘Veel plezier!’ Ze kwam niet naar me toe en keek me niet aan, maar de boodschap klonk wel alsof ze het meende. Op het moment dat ik de deur uit wou gaan, kwam Ella op me af rennen. Ik tilde haar op en ze sloeg haar beetjes om mijn middel. ‘Ga niet weg’, mompelde ze. ‘Ella, ik ben maar één nachtje weg hoor.’, lachte ik, en ik zette haar weer op de grond. ‘Tot morgen.’

‘Je zusje is erg op je gesteld, is het niet?’, vroeg Jonathan terwijl ik mijn fiets van slot haalde en mijn weekendtas onder de snelbinders propte. Ik knikte en vertelde dat ze inderdaad erg afhankelijk van mij was geworden. Het was een koude, vieze dag met veel wolken en miezelregen. Ik hoopte maar dat we op tijd een plek zouden vinden om voor het donker onze tent op te zetten. Ik vroeg me af wat er in Jonathans hoofd om ging, hoe hij op zijn racefiets zat met bijna continu een kleine glimlach rond zijn lippen. Alsof hij zijn lach in probeerde te houden, alsof hij iets wist wat ik niet wist en hij zijn best moest doen om niet van oor tot oor te grijnzen. ‘Wat?’, vroeg ik met een lach. ‘Wat?’ Hij begreep me niet. ‘Waarom lach je heel de tijd zo?’ Hij haalde zijn schouders op en grinnikte. ‘Ik ben gewoon een beetje zenuwachtig.’ Ik was blij dat alles nog gewoon het zelfde tussen ons was, nadat ik over Jonathans eetstoornis had gehoord en dat ik zo in tranen uit was gebarsten tegen hem aan. Maar Jonathan deed er heel cool over, dus probeerde ik dat ook. ‘Jonathan!’, gilde ik geschrokken. Mijn veter was losgegaan en was om mijn trapper heen gedraaid. Voor ik het wist reed ik in paniek tegen een stoepje aan en viel met een smak op de grond. Aan een dreun te horen had Jonathan zijn fiets aan de kant gesmeten en er klonken voetstappen op de straat die steeds dichterbij kwamen. De fiets werd van me af getild, maar mijn voet zat er nog steeds aan mijn veters aan vast. Het ijzer van de fiets drukte hard tegen mijn enkel die dubbel was geklapt door de manier waarop ik was gevallen. Mijn pols deed ook zeer toen ik mezelf omhoog probeerde te hijsen. Jonathan hielp me te gaan zitten en greep mijn kin beet. Voorzichtig kantelde hij mijn hoof en bekeek of ik nog schrammen had op mijn gezicht naast eentje net boven mijn wenkbrauw. ‘Ben je oké?’ Zijn stem was bezorgd en geschrokken terwijl hij zijn blik over de rest van mijn lichaam liet gaan. ‘Mijn voet zit vast.’ Snel peuterde Jonathan mijn veters los en verwijderde de fiets van mijn lichaam. ‘Beter zo? Oh Evan, je broek is gescheurd!’ Pas toen hij dat zei voelde ik hoe erg mijn knieën brandden en zag ik dat mijn spijkerbroek gescheurd was. ‘Shit man.’, bromde ik. ‘Die was nieuw.’ Jonathan stond op en gaf geen antwoord toen ik vroeg wat hij ging doen. Bleek dat kind een verbandtrommel in zijn tas te hebben! Ja, als hij zo veel van dat soort shit meenam, dan kon ik wel begrijpen waarom hij zo veel tassen had. Ik moest lachen om zijn geconcentreerde blik terwijl hij het achterkantje van een pleister los probeerde te peuteren. Mijn gezicht vertrok toen ik eenmaal op beide benen stond en gewicht uitrustte op mijn enkel. ‘Pijnlijk?’ ‘Nee, ik kijk zo omdat het heerlijk voelt.’, zei ik sarcastisch. ‘Kun je wel fietsen?’ ‘Nee, ik ga vliegend naar het bos.’ ‘Evan! Even kappen met die sarcastische opmerkingen!’ Ik grijnsde kwaadaardig. ‘Ik ook van jou, schat.’ Jonathan deed alsof hij me een klap in mijn gezicht gaf en hielp me uiteindelijk om een verband om mijn enkel te wikkelen voor extra steun.

‘Evan, kun je me nou eens even helpen met de tent?’ Jonathan had erg veel moeite met de tent op te zetten, en ik keek vol leedvermaak toe. ‘Maar mijn enkel doet zeer.’ ‘Kijk maar uit voordat ik je écht pijn doe, nu meehelpen.’ Ik rolde met mijn ogen en liep naar het hoopje doeken en stokken met Jonathan er ergens nog tussen. Er stak ergens een bobbel omhoog die waarschijnlijk zijn hoofd of zijn kont was. ‘Waar is de uitgang!?’, riep hij verward. Het was zijn hoofd. Na even zoeken had ik de uitgang gevonden en hield die voor hem open. ‘Het lukt niet.’ Mijn oog viel op een papier die nog in de tas van de tent lag. ‘Zoek je hier naar?’ Ik smeet de handleiding in zijn gezicht. ‘Thanks prinses.’ ‘Prinses!?’ Hij knipoogde. ‘Oh nee wacht, ik bedoelde ijsprinses. Hij boog voorover om een tentstok te pakken en ik maakte gebruik van die kans om hem een harde trap tegen zijn reet te geven. Jonathan viel voorover, maar ik viel ook vanwege mijn enkel waar ik plotseling al mijn gewicht op had gezet door hem te schoppen. Jonathan had geluk en was voorover op de tent gevallen, maar mijn achterhoofd zat onder de modder toen ik overeind kwam. ‘Eigen schuld.’

Reacties (2)

  • LaLoba

    Ik voel het sarcasme

    3 jaar geleden
  • aarsvogel

    ‘Kun je wel fietsen?’ ‘Nee, ik ga vliegend naar het bos.’


    xD

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen