Foto bij H.44.

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
Er zijn kogels afgevuurd.
Ik was erbij.
Er zijn kogels afgevuurd en ik was erbij.
Mijn hele lichaam huivert.
Wat als hij toch dood is?
Wat als ik hem toch gedood heb en James loog om mij gerust te stellen?
Ik ben zo aan het piekeren dat ik niet door heb dat Phil zich ontzettend aan mij aan het ergeren is.
Dan, opeens, lijkt hij mij zat te zijn.
‘Kan je niet even ophouden met janken?!’ roept hij.
In theorie is het een vraag, maar het klinkt als een scheldwoord.
De auto remt zo plotseling dat ik blij ben dat ik een riem om heb en dat ik in paniek naar adem hap.
James draait zich boos in zijn stoel naar Phil om.
‘Doe normaal! Als iemand zich aanstelt ben jij het! Toen jij nieuw was, was je de lafste persoon op aarde. Jij was veel erger dan haar! Waar ben je zo kwaad over?! Dat je niet meer de jongste van de groep bent?! Niet meer de zieligste?! Hou toch je bek, man.’
Hij draait zich weer terug en rijdt verder.
Het lijkt opeens heel kalm, maar het tegendeel is waar.
Phil zit met zijn hoofd weggedraaid, maar ik zie dat hij zo geschrokken is dat hij stiekem huilt.
En dan is er James.
In de spiegel zie ik dat zijn hoofd rood is.
Niet een boze rood, maar een rood dat hij gestresst is, emotioneel.
Hij moet bijna huilen.
En dan herinner ik het me.
LeNoir zei om hem te treiteren iets over ene Lily, of hij net zo veel om mij gaf als haar.
Ik voel een pijnlijke leegte in mijn borst.
Wie is Lily?

Als we terugkomen in de loods, zijn Kenny, Mitch en Max - die ergens anders zaken zijn gaan doen - al terug.
De wereld lijkt los te zitten, te deinen, alsof het water is.
Mitch is degene die ons als eerste ziet.
‘Hoe ging het?’ nu klinkt hij nog opgewekt.
Als hij antwoord James’ stem is donker, zijn blik bijna vuurrood, scherp.
‘Niet goed.’ zegt hij kortaf.
Een seconde is het stil, maar dan vloekt Mitch uitbundig en kijken ook Kenny en Max op van de pooltafel waar ze aan staan.
‘Ik wist dat we die klootzak niet konden vertrouwen!’ tiert hij door en niemand neemt de moeite hem af te kappen.
Als hij na een tijdje uitgeraasd is slaat hij boos zijn armen over elkaar, maar niet op een peuterachtige manier.
Dit zijn echte problemen.
Deze wereld heeft geen plek voor kinderachtige woede.
Max is de eerste die mij ziet.
‘Wat is er met Gioa? Wat is er aan de hand?’ vraagt hij.
James antwoord alleen maar met een blik en die blik zegt hem genoeg.
Max zegt iets, heel zacht of misschien wel zonder geluid.
Het is iets wanhopigs.
Er is iets aparts aan deze groep.
Ze hebben samen gefaald.
Dan draait James zich naar mij en Phil om.
‘Ga even met haar naar de keuken. Geef haar wat te drinken.’ zegt hij.
De dunne jongen naast me knikt en doet wat hem gevraagd wordt.
Hij begeleid me bijna, alsof ik blind ben en hij mijn hulphond is.
‘Ga zitten.’ zegt hij als we bij de keukentafel zijn.
Hij loopt naar de drankkast, waarna hij zijn beweging abrupt staakt.
‘Jij’, even is hij stil,’ jij drinkt zeker niet, of wel?’
Ik schud mijn hoofd als bevestiging.
Hij geeft me een glas water en schenkt voor zichzelf een waarschijnlijk zwaar alcoholische drank in.
Ik drink het op, meer omdat ik wanhopig ergens mee bezig wil zijn dan dat ik er echt zin in heb, want mijn lichaam tintelt, voelt te vol voor drinken.
Phil loopt weg, waarschijnlijk om te kijken waar de andere het over hebben of omdat hij zich nog steeds aan mij ergert.
Na een paar minuten komt James de keuken binnen lopen.
Hij leunt tegen de muur en neemt me in zich op.
‘Hey.’ zegt hij dan na een seconde of tien.
Mijn mond voelt droog.
Ik slik.
Het helpt niet.
‘Hey.’ antwoord ik.
Na mij nog eventjes stil aanstaren loopt hij naar de klas met alcohol.
Hij pakt een glas en een fles met oranjegekleurde vloeistof.
Het ruikt scherp.
Misschien is het whiskey, maar ik weet het niet zeker.
Net wanneer hij in wilt schenken kijk ik op.
‘Wie is Lily?’
Even verstijft hij, van de zijkant zie ik zijn kaakspieren aanspannen.
Dan zet hij de fles neer.
En kijkt om.
‘Geoff zei... hij vroeg of je net zo veel om mij gaf als Lily. Wie is Lily?’ vraag ik, alsof hij niet al lang weet waar ik het over heb.
Zijn hele houding lijkt ongemakkelijk.
‘Lily...’ hij wrijft over zijn gezicht en komt dan aan tafel zitten, zwaar voorovergebogen. Zijn handen druilen ongemakkelijk door de lege lucht waar hij een glas drank mist,’ Lily was mijn zusje. Ze was nog maar veertien toen... ze is... ze is door een groep mannen verkracht en vermoord. Ik weet zeker dat LeNoir erbij was, maar ik heb geen bewijs.’
Zijn handen zijn tot vuisten gebald.
‘Ze trokken haar gewoon uit mijn armen en sloegen mij bewusteloos. En dat was de laatste keer dat ik haar zag.’
In de schaduw zie ik dat zijn ogen vol tranen zitten, maar hij draait zijn hoofd opzij in de hoop dat ik het niet zie.
‘Ze leek op jou. Dezelfde ogen. Ze had zwart haar en was minder bleek, maar... het is haar houding. Jouw houding.’
Ik slik, zie hoe hij door de tafel in het niets lijkt te kijken.
Ik vraag mij af waar hij aan denkt, welke herinnering aan zijn zusje door zijn hoofd vliegt.
Zijn stem klinkt zacht en hij praat op dezelfde manier over Lily als ik over Ammay, wat mij een misselijkmakend gevoel geeft.
‘Ze leek zo erg op jou.’

Reacties (5)

  • GossipGirl21

    Mooi geschreven.

    2 jaar geleden
  • Diago

    Ik ga zo op in dit verhaal, my respect

    3 jaar geleden
  • BethGoes

    Gioa zou nog eens een goede vriendschap met hem kunnen sluiten, hij is een goede gast!

    3 jaar geleden
  • Luckey

    straks zijn ze gewoon familie hihihi

    3 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Oh God dat zou awkward zijn.

      3 jaar geleden
    • Luckey

      Plots twist en een mind fuck erbij

      3 jaar geleden
  • DeNaamIsGideon

    YOU MADE ME TEAR UP BEFORE BREAKFAST.

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen