Foto bij Chapter thirty-two

Met mijn ogen op de armband gericht, laat ik het verhaal van mijn vader even tot me bezinken en sper mijn ogen dan wijd open als ik me de naam van Raimon’s nieuwe coach herinner. ‘Kira.. De nieuwe coach van Raimon stelde zichzelf voor als Kira Hitomoki. Maar zij helpt met de strijd tegen Aliea Academy, maar tegelijkertijd heeft Aliea Academy deze technologie,’ mompel ik bedachtzaam. Ik woel even door mijn haren en kijk moeizaam naar mijn vader. ‘Milou, normaal gesproken zou ik je overal heen laten gaan. Je zou van mij de hele wereld over mogen gaan om je dromen waar te maken. Maar op dit moment weet ik niet of het verstandig is als je meegaat met Raimon.’ Mijn vader kijkt me bezorgt aan en woelt even zuchtend door zijn haren. Hij tikt bedenkelijk met zijn vingers op de tafel en kijkt me strak aan. Zo te zien is hij diep in gedachten, want het lijkt net alsof hij dwars door mij heen kan kijken. Als hij stopt met tikken, kijk ik hem verrast aan. Hij werpt even een blik op de klok en komt overeind. ‘Je bus vertrekt zo,’ mompelt hij nog steeds half in gedachten. Mijn vader ijsbeert door de kamer heen en draait zich dan tot me. ‘Ik weet wat ik ga doen,’ zegt hij dan. Met opgetrokken wenkbrauwen kijk ik hem vragend aan als hij langs me loopt en zijn telefoon pakt. ‘Jij gaat mee met Raimon. Wat is jullie volgende stop?’ vraagt hij me. Ik woel even bedenkelijk door mijn haren en sluit mijn ogen. ‘Manyuuji.. In Kyoto heb ik ze horen bespreken. Het schijnt dat Aliea Academy daar hun volgende aanval op gaan richten,’ mompel ik bedenkelijk. Ik open zuchtend mijn ogen en kijk mijn vader aan. ‘Hoe zit het met mij, als ik mee ga? Ik weet niet hoelang mijn lichaam de pijn kan verdragen. Of hoelang ik de controle nog heb,’ zeg ik er zacht achteraan. Ik bal zacht mijn handen tot vuisten en sla even gefrustreerd op de tafel. Mijn vader legt geruststellend zijn hand op mijn schouder en kijkt me glimlachend aan. ‘Maak je geen zorgen. Ik ga mee. Er is iemand waar ik je aan voor wil stellen en ik denk dat hij ons wel kan helpen met dit probleem,’ zegt hij glimlachend. Niet begrijpend kijk ik op naar mijn vader die mij een geruststellende blik gunt en door mijn haren aait. ‘Pak je spullen, we gaan.’

‘Milou?’ wordt er gevraagd. Ik maak een zacht brommend geluidje als teken dat ik luister en staar uit het raam. ‘Waarom is je vader met ons mee?’ mompelt Shiro. Ik keer mijn hoofd naar Shiro en slaak een zucht. ‘Dat is een lang verhaal dat ik zelf nog niet begrijp,’ antwoord ik hem. Shiro knikt even terwijl hij naar mijn vader kijkt die paniekerig instructies geeft aan de conciërge van Raimon die ons voertuig bestuurt. Ik slaak een diepe zucht en kom overeind. Door het gehobbel over de bergachtige weg, moet ik mezelf goed vasthouden als ik mij een baan naar voren werk en trek mijn vader aan zijn oor mee naar achter. ‘Laat die man alsjeblieft met rust. Hij rijdt niets voor niets,’ zeg ik droogjes. Mijn vader neemt mopperend een plek in ergens op de achterbank en pakt zijn laptop tevoorschijn. Zijn houding verandert meteen en hij kijkt serieus naar zijn scherm, terwijl hij ijverig aan het tikken is. Ik haal nonchalant mijn schouders op en plof weer neer op mijn plek. Een warme adem in mijn nek, zorgt voor rillingen over mijn rug en kijk dan geïrriteerd achterom. ‘Kan ik je helpen?’ vraag ik brommend aan Ichinose. Hij schudt even vluchtig zijn hoofd en ik kan hem een blik op de armband zien werpen voordat hij terug naar zijn plek loopt en naast Domon gaat zitten. Met mijn blik op de twee jongens gevestigd, probeer ik erachter te komen wat ze tegen elkaar zeggen. Zodra ze een blik mijn kant op werpen, kijken ze direct weg als ze zien dat ik hun kant op kijk en mijn ogen bijna vuurspuwen. De sfeer rondom de spelers naar mij gericht is heel erg veranderd nu ze weten dat ik iets van Aliea draag. Bijna iedereen denkt dat ik een verrader of een spion ben, de enige waar ik waarschijnlijk op kan rekenen zijn de Fubuki broertjes, Kidou en Endou. Wat de rest betreft, die zullen mij waarschijnlijk niet vertrouwen, ook al zou Endou ze vertellen dat het wel goed zit. Een zucht verlaat mijn lippen en leg mijn hoofd tegen het raam. Met mijn ogen naar de sterrenhemel gericht, draai ik met mijn hand om de armband heen. Op iedere mogelijke manier hoop ik het een keertje af te kunnen schuiven, maar het lijkt alsof het aan me vastgevroren zit. De krassen op mijn pols laten blijken dat ik al enorm veel moeite heb gedaan om het af te kunnen krijgen, maar zonder succes. Een gaap verlaat mijn mond en ik werp even een blik achterom naar mijn vader. Hij is nog steeds druk bezig, terwijl iedereen om hem heen langzamerhand al is gaan slapen of aanstalten aan het maken is om te gaan slapen. Mijn hoofd leg ik weer gapend tegen het raam aan en sluit mijn ogen. Er wordt een zachte en warme stof over mij heen gelegd en ik voel iemand mij dicht tegen zich aantrekken. Te moe door de inspanningen van vandaag, laat ik me meevoeren door mijn vermoeidheid en val in slaap.

Het geluid van piepende banden, rukt me uit mijn slaap en zorgt ervoor dat ik meteen rechtop op mijn stoel zit. Ik staar met grote ogen naar voren als de bus gestopt is en kijk daarna naar buiten. Het is ochtend en zo te zien zijn we aangekomen op onze bestemming. Iedereen staat op van hun plek en gaan naar buiten. Als ik aanstalten wil maken om ze te volgen, word ik tegengehouden en kijkt mijn vader op me neer. ‘Ik heb een abnormale energiebron opgepikt. Ik weet niet waar het vandaan komt, maar we moeten voorzichtig zijn. Ik heb met de coach overlegd en zij gaan naar de school. Jij gaat met mij mee,’ zegt hij. Zijn laptop heeft hij onder zijn arm vast. ‘Waar heen?’ vraag ik niet begrijpend. ‘Familiebezoek.’

Reacties (1)

  • Luckey

    oh boy
    als dat maar goed gaat komen

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen