"Hey Louis" zei een bekende vrouwenstem. Ik keek op, recht in de ogen van mijn moeder. Ze glimlachte heel vriendelijk naar me. En dus kwam er automatisch een glimlach op mijn eigen gezicht. Ik stak mijn hand uit en liet mijn hand over haar wang glijden. Ze voelde zo echt. Zo zacht, zo mooi. Haar warme hand nam mijn hand vast en legde deze op haar schoot.
"Louis, lieverd, je doet het goed" zei ze nu.
Ik voelde tranen opwellen terwijl ik haar aan staarde. Ze was zo mooi, mijn moeder. Ze zag er hartstikke gezond uit. Zo op een zonnige middag in de achtertuin in Doncaster. Lang geleden, heel lang geleden. Het zonlicht liet haar haren glanzen alsof ze een prachtige engel was. En ik was er dan ook zeker van dat ze een prachtige engel zou zijn. De mooiste, zonder twijfel.
"Ik zal je nooit verlaten. Ik blijf altijd bij je" zei ze nu. Ik kroop in haar armen, voor een intense, lange omhelzing. Ze drukte een kusje op mijn kruin terwijl haar armen stevig om me heen geslagen bleven. Zodra ik de greep minder sterk voelde worden, vroeg ik haar om me steviger vast te houden. Maar het was tevergeefs. De greep werd zwakker. Zo zwak dat het me op liet kijken. Ik zag haar verderop lopen. Weg lopen. Ik riep haar, maar het had geen zin. Die mooie gloed van de zon was nu om haar hele lichaam te zien. Alsof ze een engel was. Een prachtige engel. Ik kon alleen maar sprakeloos toe kijken. Mijn prachtige moeder was weg. Uit mijn zicht, maar dicht bij me ten alle tijde.

"Hèhè, die slaappil moet goed gewerkt hebben" klonk een stem nu. Ik opende langzaam mijn ogen en keek nogal verward naar Harry in het gedimde ochtendlicht. Heel langzaamaan rolde ik me op mijn rug en rekte ik me uit, waarna ik weer naar Harry staarde met een subtiele glimlach "hmm?"
"Je hebt door de wekker heen geslapen en ik kreeg je niet wakker" legde Harry uit terwijl hij door mijn haren ging met zijn hand. Ik knikte en rekte me nogmaals uit. Ik had gedroomd over mijn moeder. Het was als een soort afscheid. Ik had het gevoel dat dit wel eens een betekenis kon hebben. Er moest een reden zijn dat ik dit juist nu droomde en dat ze daadwerkelijk afscheid van me nam.
Harry keek me nog steeds aan. Ik rolde tegen hem aan en ging languit liggen met mijn hoofd op zijn borst, terwijl ik mijn armen rond zijn schouders hield. Ik voelde me lui. De nervositeit begon langzaamaan weer te komen. Ik was al lang blij dat die slaappil gewerkt had. En goed, gezien ik niet wakker geworden was vannacht. Verrassend. En uniek voor de laatste tijd.
"Ik had een droom over haar, Harry" zei ik uiteindelijk zachtjes en hees.
"Denk je dat het een betekenis heeft?" vroeg Harry me nu.
"Is het raar als ik ja zeg?" vroeg ik vervolgens.
"Nee, natuurlijk niet. Anders had ik het niet eens voorgesteld. Wat heb je gedroomd?"
"Ze nam afscheid van me" zei ik zachtjes.
"En hoe voelt dat?" vroeg Harry me nu. Het klonk alsof hij een psycholoog was nu. Maar goed, het was een vrij voorspelbare -en helemaal geen vreemde- vraag.
"Dat weet ik nog niet. Ergens alsof het een afsluiting is. Maar ik weet niet in hoeverre ik dromen serieus moet nemen" antwoordde ik.
"Er zal toch vast een reden zijn dat je juist dat droomt?"
"Dat dacht ik dus ook al. Ze was zo mooi. Zo lief. Het was perfect, tot in hoeverre dat kon dan" mompelde ik met tranen in mijn ogen. Het waren tranen van ontroering, gecombineerd met het algemene verdriet. Het was alsof ze nog voor me terug was gekomen een laatste keer.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen