||Nymphadora ELoise ULey.

Huppelend zocht ik mijn weg door de bossen, neuriënd op een deuntje dat Emma mij geleerd had. De hemel was licht blauw met wat lichte witte bewolking. Af en toe wist het zonnetje door het blauw en wit heen te kruipen. Super blij was ik dat Emily me liet gaan, moest me maar gaan vermaken, lekker zwemmen in de zee of lekker zonnen op het zachte zand van het strand.
Alsof ik een klein kind was. Sprak ik de vrouw niet tegen, hield ik wijselijk mijn mond en besloot gewoon maar naar de beek te gaan.
Mijn belofte die ik aan mijn vader had gemaakt zou ik niet breken, onder geen bedwing zou ik het strand op stappen of zomaar de zee induiken. Nee, belofte maakt schuld en zolang ik niet met mijn vader gesproken had, dat het anders was, bleef het zo.
Ik had mijn neef Seth, niks beloofd, had hem geen antwoord gegeven en gewoon zoals altijd mijn schouders opgetrokken.
Dus zou de jongeman het vast nog een aantal keer komen vragen, niet meer de bossen in te trekken. Tot dat, dat ik geen gevaarlijke dieren was tegen gekomen, zou ik, door de bossen lopen.
Dan had mijn neef, de open plek ook maar niet moeten tonen.
Zodra er water, zoet water in de buurt was, lag ik erin, ik was een enorme waterrat, en voelde mij dan ook veiliger, fijner in het water dan erbuiten. Het was alsof ik één met het water was, ik daar thuis hoorde. Ik thuis kwam, na jaren er niet geweest te zijn.
Zo voelde ik mij bijna nergens thuis horen, in Storybrook snapte ze nog wel een beetje hoe je - je moest voelen als je vervloekt was. Moest leven onder een spell, van een of andere krachtige tovenaar(es).
Hier in La-Push bij mijn family voelde ik mij minder begrepen.
Seth had het enigszins geprobeerd, Leah nam niet eens de moeite, en tante Sue, ze betuttelde mij wat te veel. Had volgens mij echt het beeld van een 12 jarige, dat constant hulp nodig had.
Ik schudde mijn hoofd om de gedachtegang van mijn netvlies te gooien.
Het was tijd voor een heerlijke duik, was inmiddels aangekomen op het open veld.
Schopte mijn laarzen uit, trok mij jas en jurk uit en klauterde op de hoge puntige stenenrots.
Met een sierlijke elegante duik was ik het water ingedoken, zwom naar de bodem van de beek en trok mij over het zand voort door het water over de bodem. Na een paar rondes gezwommen te hebben, achter de waterval gekeken te hebben. Liet ik mij elegant tegen de rots stenen zakken.
Ariël was nergens te bekennen, geen vissen vanuit de zee of ander soort zeewezens.
De beek was zo goed als leeg op wat leliebladeren die in bloei stonden na.
Trappelend met mijn voeten, verplaatste ik mij elegant door het water. Denkend aan de woorden van mijn neef Seth, keek ik nieuwsgierig naar het open veld waar mijn tas, jas, jurk en laarzen verspreid lagen. De jongen snapte het gewoon niet, onder geen bedwing zou ik op het strand mogen komen, laat staan de zee ingaan, het was verboden.
Ondanks dat, was ik nieuwsgierig naar de oceaan, de zee en het strand. Kon het moeilijk verbergen en of verdrukken, het trok mij enorm.
Ik was er dan ook nog nooit geweest, tenminste niet dat ik mij kon herinneren. Heb het op foto's, in series of films gezien en erover gelezen in boeken. Het voelde soms als weglopen, vanwaar ik juist thuis hoorde.
Geritsel vanuit de struiken, trok mij aandacht, gelijk liet ik mijn hersenspinsels voor wat ze waren. Dook weg achter grote puntige scherpe rotsen.
Vanuit de struiken kwam een grote grijsachtige kolossale wolven kop tevoorschijn. De top van zijn neus was zwart, voelde op het zelfde moment dat de kolossale wolf uit de struiken stapte, mijn hartslag versnellen.
Dook dieper te water zoals een meermaid zou hebben gedaan, kroop via mijn handen over de bodem en sleepte me zo voort door het zand. Tot ik verscholen was achter de waterval, waar ik voorzichtig, geruisloos boven water kwam met mijn hoofd.
De wolf was inmiddels zijn weg al aan het vervolgen, hij stapte elegant haast sierlijk over het gazon. Plots zag ik waarna de wolf toe liep, mijn spullen.
De grote kolossale wolf liep af op mijn spullen, kort snoof het dier eraan waarna hij zijn grote zware kolossale kop optilde. Rond zich begon te kijken, een twinkeling in zijn ogen was zichtbaar.
Na even, constateerde de wolf dat er niemand was, hij liep gracieus rustig naar de struiken en verdween.
Mijn hartslag voelde ik kloppen in mijn keel, ik was dan wel niet al de bang aangelegd en kon aardig wat hebben, maar dit sloeg echt alles. Het dier rook aan mijn spullen, als teken dat hij mijn geur in zich op nam. Het was eigenlijk best wel griezelig, er waren dus wel degelijk dieren wakker. Ik had mij vergist, misschien had mijn neef Seth dan toch gelijk.
Ik schudde mijn hoofd, zo moest ik niet denken. De wolf had mij helemaal niet gezien, gehoord en of geroken, hij wist niet waar ik was, en dat was dus een goed teken. Het dier zou mij niet zo snel iets aandoen als ik niet in de buurt was. Ik was veilig, achter de waterval verscholen.




Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen