Q

quadrageen


Ik weet het nog precies: de dag waarop we een quadrageen verkering hadden. Ik vond dat zelf niet zo bijzonder, aangezien ik eerder in maanden, weken of jaren telde, en daarom niet echt gedacht had dat jij veertig dagen als een belangrijk jubileum zag. Dus wel, en je wou me meenemen op een date. We gingen naar het aquarium in de dichtstbijzijnde, grote stad. Je was helemaal enthougiast over alles, en huppelde zowat in het rond. Soms mis ik dat wel. je vrolijke gespring. Na afloop aten we tosi’s, een ijsje en we dronken chocolademelk bij het restaurantje die bij het aquarium hoorde. Het was een gezellig restaurant met veel hout en pastelkleuren en lampen. “Juan?” Ik keek op. Ik smolt bij jou verlegen grijns. “Oui?” “Beloof je me dat we het tot het volgende quadrageen halen?” Ik lachte en greep jou hand beet. “Vind je dat niet een beetje weinig? Wat dacht je van de van het volgde jaar? Vijf jaar? Een decennium?” Jij glimlachte terug en haakte je pink in die van mij. “Afgesproken. Pinky promise.” Vervolgens keken we allebei verlegen weg, en namen beiden een grote slok chocolademelk. Daarna hadden we allebei gelachen om hoe we synchroon weg hadden gekeken en een slok chococla hadden genomen. “Zou jij ooit willen trouwen?” Ik verslikte me in mijn chocolademelk. “Is dat een huwelijksaanzoek?”, had ik geplaagd. Jij grinnikte maar schudde je hoofd. “Niet speciaal met mij, maar gewoon of je überhaupt ooit van plan bent om te trouwen.” Ik dacht even na. “Misschien. Het ligt er aan of diegene ook wilt trouwen. Als hij het liever niet heeft vind ik dat niet erg, als hij liever wel trouwt dat trouw ik.” “Ik wil trouwen.”, had jij er uit geflapt. “Als ik ouder ben.”, zei je gauw. Ik knikte. “Als we ouder zijn zou ik graag met je trouwen.” Nu weet ik dat zeker, ik wil met jou oud worden en koffie drinken en stokbrood eten op de veranda. Jij zette je vuist onder je kin en leunde geïnteresseerd naar voren. “En kinderen?” Ik haalde mijn schouders op en zei dat ik dat nog niet wist. “Ik zou graag een tweeling willen.”, zei jij dromerig. Ik schudde mijn hoofd. “Ik juist niet, dat moet je voor twee baby’s tegelijk zorgen, en als je faalt als ouder heb je meteen twee probleemkinderen.” “Maar het is ook gezellig. En liever een tweeling dan een enigs kind.” Daar was ik het mee eens, ik wou niet dat mijn kind alleen zou zijn. “Maar meer dan drie kinderen lijkt mij ook druk.” Daar was jij het ook mee eens.
Nu zijn we bijna één jaar en een quadrageen samen.
En ik ben nog steeds niet uit de kast.

Reacties (3)

  • aarsvogel

    Omg in het linkje naar dit hoofdstuk in mijn pb heet dit hoofdstuk q Maar in het echt is het Q !!! Onacceptabel dit -_-

    2 jaar geleden
    • Snufkin_

      Ja dat is met elke, echt apart

      2 jaar geleden
  • aarsvogel

    Die laatste zin maakt het echt ineens heel erg zielig(huil)

    2 jaar geleden
  • Butterflygirl

    Hahaha deze struggles though. Maar ik deel hun mening over trouwen en kinderen wel trouwens!

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen