H O O F D S T U K 6


De bibliotheek was beangstigend stil op de woensdagavond. Voor zover ik wist bevonden slechts vijf studenten zich in de bibliotheek, mezelf meegerekend. Ik herkende de gezichten niet. Mijn boeken lagen chaotisch verspreid over de tafels voor mijn neus. De werkboeken pronkten voor mijn neus, waardoor ik geconcentreerd mijn blik over de opdrachten liet glijden. De pen klemde ik stevig tussen mijn vingers, waarna ik de eerste vragen beantwoorde. Minuten tikten stilletjes voorbij, waardoor ik geschrokken opkeek bij het horen van gekuch. Hierdoor zag ik mijn hoogleraar van vanmiddag voor mijn neus staan. Hij glimlachte vriendelijk en nam plaats op een stoel tegenover me, zonder dit te vragen. Vlug trok ik de oortjes uit mijn oren, aangezien ik een vermoeden kreeg dat hij iets wilde zeggen.
‘Je zat bij mij in de college vanochtend, toch?’ Zijn stem was lichtelijk hees en imponeerde me. Ik knikte instemmend.
‘Ja, Europees Recht.’ Ik glimlachte kleintjes en legde mijn pen neer.
‘Waar kom je vandaan?’
‘Nederland, ik ben hier gekomen via de Universiteit Leiden.’ Mijn antwoord deed hem goedkeurend knikken. Zijn bruine ogen namen mijn gezicht in zich op, maar ik probeerde zijn onderzoekende blik te negeren. Vervolgens wierp hij een blik op mijn werkboeken, ook de boeken van Europees Recht lagen voor mijn neus verspreid.
‘Lukt het?’ Zijn focus lag weer bij mij. Ik zuchtte diep en beet nadenkend op mijn lip.
‘Er zijn een aantal dingen wat ik niet volledig begrijp,’ begon ik aarzelend, omdat het me ongepast leek om mijn hoogleraar om hulp te vragen. In Leiden hadden we daar altijd aparte docenten voor, die de stof in kleinere groepjes nog eens met ons besproken. Zijn mondhoeken krulden zich daarentegen in een grote glimlach. Zijn ogen stonden vriendelijk, haast enthousiast. Alsof hij stond te springen om me te helpen. Het feit dat hij hier kwam om zijn eigen lessen voor te bereiden, leek hij te zijn vergeten.
‘Vraag maar raak.’ Ietwat verward pakte ik mijn boeken erbij en schoof iets meer in zijn richting, zodat hij kon meekijken in mijn boeken. Niet veel later waren we verwikkeld geraakt in een gesprek vol met voorbeelden, uitwisseling van antwoorden en studie gerelateerde onderwerpen. Het was mijn mobiel die het leerzame gesprek onderbrak. Nonchalant wierp ik een blik op mijn scherm. Harry’s naam stond in grote letters op mijn scherm. Ik knarste aarzelend met mijn tanden. Harry’s belletje kwam niet zeer handig uit. Met pijn in mijn hart klikte ik hem weg. Ik zou later wel terugbellen.
‘Moet je niet opnemen?’ Meneer Hall keek me vragend aan. Zijn lippen waren zacht roze, zijn bruine ogen zo donker dat ik bijna mijn eigen weerspiegeling zag. Ik voelde een aantrekkingskracht van de man uitgaan, die ik zo ontzettend graag wilde negeren. Vlug trok ik mijn blik los en boog me weer over mijn boek heen.
‘Nee, doe ik zo wel. Ik wil dit even afhebben, dan kan ik zo gaan slapen.’ Het was niet gelogen. Ik wilde mijn opdrachten vandaag afronden. En dit zou sneller gaan en met betere kwaliteit gebeuren als A. Hall mij daarbij hielp. Mijn antwoord deed hem lachen.
‘Verstandig,’ bekende hij. ‘Wat is je naam eigenlijk?’ Opnieuw deed deze vraag me verbaasd opkijken. Geen enkele hoogleraar had ooit mijn naam geweten. Verward stelde ik mezelf voor. Hij nam mijn hand met een glimlach aan. Zijn aanraking maakte opnieuw het verlangende gevoel in mijn onderbuik los, hetzelfde gevoel als ik maanden geleden bij Harry had gevoeld. Een gevoel dat ik nog steeds had in Harry’s bijzijn.
‘Aiden,’ stelde hij zichzelf voor. ‘Aiden Hall.’ Ik glimlachte kleintjes en trok mijn blik met lichte tegenzin weer los. Vervolgens stelde ik mijn laatste vraag, waardoor ik ook de laatste opdracht zou kunnen maken. Aiden hielp me zonder aarzeling. Zijn antwoord was helder en duidelijk geformuleerd. Ik had het gevoel dat ik slechts van dit gesprek al veel intelligenter was geworden. De theorie begreep ik beter dan ik vanochtend had gedaan. Bovendien snapte ik de vraagstelling nu ook beter. Tevreden klapte ik mijn boeken dicht en propte mijn spullen in mijn rugzak.
‘Dank je, voor alle hulp.’ Dankbaar wierp ik een laatste blik op Aiden. Hij wuifde het weg, alsof het niks voorstelde. Dat hij zijn eigen werk een uur had uitgesteld, leek opnieuw niet relevant. Soepel stond ik op, zei Aiden gedag en liet de bibliotheek achter me liggen. Ik keek niet om, aangezien ik niet wilde weten of Aiden me nakeek. Hij maakte een ongemakkelijk gevoel bij me los. Een gevoel dat ik niet wilde voelen, wat ik zo graag wilde onderdrukken. Het was geen liefde. Het was pure aantrekkingskracht. En ik haatte het. Vlug pakte ik mijn mobiel uit mijn jaszak en belde Harry terug. Opeens had ik spijt dat ik hem had weggedrukt. Tot mijn verbazing nam Harry op. De achtergrond was luidruchtig, wat me vertelde dat hij weer niet alleen was. Wat was hij toch allemaal aan het doen?
‘Hé Har,’ begroette ik mijn vriendje, zoals ik eergister ook gedaan had.
‘Hé,’ reageerde hij kortaf. Hij klonk geïrriteerd. Ik beet op mijn lip, me afvragend of het kwam door zijn eerdere poging om me te bellen. ‘Waarom nam je niet op?’ Zijn stem klonk opnieuw geïrriteerd. Zijn vraag bevestigde mijn vermoeden.
‘Ik was mijn opdrachten aan het maken en kreeg daar hulp bij. Het was onbeleefd om op te nemen.’ Opnieuw loog ik niet. Het zou onbeleefd zijn geweest als ik mijn telefoon had opgenomen, terwijl Aiden zijn vrije tijd in een leerling stak. Harry reageerde niet op mijn antwoord. Misschien baalde hij van zijn eigen achterdochtigheid of gezeur. ‘Wat ben jij aan het doen?’ vroeg ik enigszins verloren, aangezien Harry niks meer leek te willen zeggen. Het gesprek verliep opnieuw stroef.
‘Er zijn wat vrienden bij me thuis. Ik had geen zin om alleen te zijn.’ Voor het eerst sinds een lange tijd voelde ik Harry’s eenzaamheid. Ik merkte dat ik mezelf ook bezighield, zodat ik niet alleen hoefde te zijn.
‘Gezellig,’ reageerde ik dan ook met oprechte enthousiasme. ‘Wat gaan jullie doen?’
‘Ze komen barbecueën en daarna gaan we misschien nog uit, maar ik weet niet of ik meega.’
‘Waarom zou je niet gaan?’
‘Geen zin.’ Harry’s korte antwoord verbaasde me opnieuw. Wat was er toch?
‘Harry, wat is er aan de hand? Je appt niet, je laat niks van je horen en als ik je spreek, doe je niet echt enthousiast.’ Ik probeerde niet verwijtend te klinken. Het bleef gevaarlijk stil aan de andere kant van de lijn. Het geroezemoes op de achtergrond verdween, waardoor ik het vermoeden kreeg dat Harry de stilte had opgezocht.
‘Ik mis je, Fé.’ Harry’s hese stem en diens woorden gaven me de rillingen. Hij mistte me. Ik staakte mijn tocht naar huis. Hoewel Harry het voor het eerst uitsprak in twee weken, deed het me ongelofelijk goed. Ik mistte hem ook. Zo ongelofelijk veel. En hoewel ik dankbaar was voor zijn kwetsbaarheid en eerlijkheid, wist ik niet wat ik moest zeggen. Het was zo ongelofelijk pijnlijk.
‘Ik mis jou ook,’ bekende ik. We zwegen. Het zou nog langer dan een maand duren, voordat ik hem weer zou zien. En die ontmoeting zou slechts kort zijn. Hij moest optreden in Amsterdam. Ik zou komen kijken, hij zou bij mij blijven slapen en in de loop van de dag doorreizen naar Antwerpen. Het zou een ontmoeting zijn van hooguit dertig uur. Daarna zouden we elkaar weer maanden niet zien. Een diepe zucht ontglipte mijn lippen. Vermoeid haalde ik een hand over mijn gezicht. Hoewel er opnieuw een stilte was gevallen tussen Harry en mij, was het deze keer geen ongemakkelijke of pijnlijke stilte. De stilte zei zoveel meer dan woorden zouden kunnen. We misten elkaar pijnlijk veel, maar er was niks dat we daaraan konden veranderen.
‘Hoe gaat het met je boek?’
‘Bijna klaar. Ik ga volgende week beginnen met nalezen en daarna opsturen naar de uitgever. Ik verwacht dat ik het eind oktober heb opgestuurd.’ Hoewel het gemis niet verdwenen was, voelde ik een opluchting dat Harry verder vroeg.
‘Mooi. Ik ben trots op je.’ Ik wist dat hij het meende.
‘Ik ook op jou,’ bekende ik opnieuw eerlijk. ‘Heb je zin in je tour?’
‘Ja, ik heb zin om op te treden. Het waren een geweldige eerste twee weken.’ Ik hoorde het enthousiasme in zijn stem. Twee weken had hij al getourd. En ik was meegegaan naar elk concert, elke stad en elke repetitie. Dit zou niet zo zijn in Europa, Japan en Australië. Hij zou dat allemaal alleen moeten doen, nou ja… Met zijn band en Ella.
‘Mooi. Zolang je er nog steeds van geniet, is het goed.’ Hoewel Harry zijn droom leefde en ongelofelijk veel passie voor muziek had, maakte ik me zorgen om hem. Roem was niet altijd leuk. Opreden was vermoeiend. Het leventje op tour was raar. Harry had in die tijd een beperkte groep mensen om zich heen, zag andere nauwelijks en bracht zijn tijd door in hotelkamers. Ik had hem twee weken gesteund, maar de komende maanden zou ik dat niet kunnen doen. Ik was benieuwd hoe Harry het dan zou ervaren. Het was ook zijn eerste tour zonder de jongens. Hij stond er alleen voor. ‘Als er iets is of als je ergens mee zit, mag je altijd bellen. Dat weet je toch?’ Mijn stem verdreef de stilte op de Londense campus. Mijn residentie had ik inmiddels in mijn vizier. Bijna was ik weer op mijn kamer. Stilletjes zette ik mezelf neer op een houten bankje, schuin tegenover de residentie. Hier en daar liepen studenten langs, maar niemand schonk mij aandacht.
‘Ik weet het. Dank je, Fé.’
‘Graag gedaan.’
‘Jij mag mij ook altijd bellen. Je mag ook altijd mijn huis gebruiken. Je hebt de sleutel.’ Ik wierp een blik op mijn sleutelbos. Harry had de reservesleutels van zijn villa eraan gehangen. Hij stond erop dat ik zijn huis gebruikte, mocht ik ooit rustig willen studeren of lekker luxe willen slapen. Ik had het na luid protesteren aangenomen.
‘Weet ik,’ antwoorde ik met een kleine glimlach. Het was spijtig dat ik Harry niet kon zien. Het was pijnlijk dat ik hem niet kon vasthouden.
‘Zijn er eigenlijk leuke mensen? Heb je een leuke kamergenoot?’
‘Ja, er zijn een paar aardige meiden. Mijn kamergenoot is geweldig. Verder ken ik nog niet heel veel mensen.’ Het was geen leugen. Op Kate, Gigi, Nolan, Edward en Aiden na had ik nog niemand ontmoet die ik mocht. Toch was ik trots op mezelf dat ik al vier vrienden had gemaakt en mezelf had voorzien van een studiehulp.
‘Gelukkig. Ik zou het vervelend vinden als je daar alleen bent.’
‘Ik ben sowieso niet alleen. Ik heb El, Niall en Louis. Liam kan ik ook altijd bellen,’ stelde ik Harry gerust. Ik was zijn vrienden opnieuw dankbaar. Het idee dat ik niet alleen zou hoeven zijn, stelde me gerust. ‘Bovendien ga ik morgen wat drinken met je zus.’
‘Wat leuk!’ Harry’s vrolijke en enthousiaste stem deed me goed. Het was het eerste wat met een vrolijke toon uit zijn mond was gekomen. ‘Doe haar de groetjes.’
‘Doe ik,’ verzekerde ik hem. Vervolgens vielen we weer stil.
‘Ik moet maar is terug naar binnen. Mijn vrienden zullen zich wel afvragen waar ik ben.’ En hoewel ik het haatte dat Harry ging ophangen, wist ik dat we geen keuze hadden. We konden onmogelijk uren bellen.
‘Ja, snap ik. Veel plezier.’
‘Dank je. Jij alvast slaaplekker.’
‘Jij ook alvast,’ mompelde ik. De verbinding werd niet veel later verbroken. Het gepiep was vergelijkbaar met messteken in mijn hart. Ik had het gevoel alsof mijn hart leegbloedde. De stilte op de Londense campus was oorverdovend, maar ik had niet het gevoel alsof het ook daadwerkelijk stil was. Het was totale chaos in mijn lichaam. Ik voelde een traan over mijn wang glijden. Deze situatie was zo onvoordelig. Ik mistte hem, maar het zou nog maanden duren voordat ik hem weer kon zien. Het was hopeloos. Een leegte overmeesterde me. De chaos in mijn hoofd ging liggen, waardoor de stilte van de campus op me inwerkte. Moeizaam stond ik op en overbrugde de laatste honderd meter naar de residentie. In de lift droogde ik vlug mijn wangen, geen zin hebbende om met rode ogen bij Gigi aan te bellen. Ik wilde het er niet over hebben. Ik haatte aanstellers. Hoe durfde ik te huilen, omdat ik een geweldig vriendje had? Eenmaal de liftdeuren openschoven, had ik mezelf herpakt. Zelfverzekerd stapte ik de gang in, op weg naar mijn kamer. Mijn kamerdeur opende ik met een glimlach, waarvan Gigi niet zou kunnen zeggen dat deze ‘nep’ was. Tot mijn verbazing vond ik Gigi over haar boeken gebogen aan het bureau. Ze sliep nog niet. Mijn verschijning deed haar ook verbaasd en onderzoekend opkijken.
‘Waar was je?’
‘Studeren in de bibliotheek.’ Ik gooide mijn rugzak op mijn bureaustoel en zette een kop thee. De klok boven de eettafel gaf aan dat het al na twaalven was. 'Ik ga douche en slapen.' Gigi mompelde iets terug, waarvan ik niet kon bepalen wat het was. Terwijl het theewater borrelde, begaf ik me naar de badkamer. Mijn pyjama, schoon ondergoed en een handdoek nam ik mee. Vervolgens draaide ik de douche open, maar ik ging er niet onder staan. In plaats daarvan zette ik mezelf neer bij de wc en stak, zonder twijfel, mijn vinger in mijn keel. Het duurde niet lang voordat de inhoud van mijn avondmaal in de wc lag. Tevreden trok ik door. Het overgeven luchtte me op en gaf me een bevredigend gevoel. Het voelde alsof ik de pijn eruit had gekotst. Dat het slechts een tijdelijke werking had negeerde ik. Vlug sprong ik onder de douche en waste mijn lichaam hardhandig. Het schuldgevoel dat ik mezelf over had gegeven aan de pijn, probeerde ik van me af te wassen. Luca’s afkeurende blik probeerde ik te negeren. Het was maar één keer. Het stelde niks voor. Een keertje overgeven betekende niet dat mijn eetstoornis terug was. Althans, dat vertelde ik mezelf.


Hallo hallooo,
Hier nog eeen stukjee!! Harrry calls.... Nog even geduld en hij komt weer actief in het verhaal! Thanks nog steeds voor alle reacties en kudo’s!!

Reacties (6)

  • GossipGirl21

    mooii

    2 maanden geleden
  • FollowYourDream

    Oh nee.. Dat laatste is echt niet goed..

    Ik was net zo blij dat Harry belde!
    Volg je eigenlijk de officiële tour? Want Harry is toch niet in november naar België geweest?

    Nog steeds een geweldig verhaal.
    Ik kijk ernaar uit Harry meer in het verhaal te zien!
    Xxx

    1 jaar geleden
  • Paulson

    Neeeeeeeeee waarom :-(

    1 jaar geleden
  • EvaSalvatore

    Oh oh
    1.dat met die leraar
    2. Harry doet stom
    3. Fe wat doe je. Eten uitspugen is niet okay
    Ik dacht dat dit verhaal vrolijker zou worden oh oh oh
    Alsnog schrijf maar snel verder

    1 jaar geleden
  • VampireMouse

    Ow fack.. Dat laatste is zo niet geruststellend...

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen