Foto bij 9 Wezens

“Ab, ik ben een leider van een grote groep mensen. Ook ik moet soms verantwoordelijkheden nemen en dingen uitvoeren die ik niet wil doen, maar die wel volgens mijn eigen regels moeten gebeuren.” Ik knik en staar wat voor me uit. Zijn knappe gezicht zou me alleen maar afleiden, kwellen. U- een fel inademgeluid van mijn kant wanneer hij ineens mijn gezicht vastheeft. “Ik vind het even erg. Wees blij dat je mij kan vergeten terwijl ik voor eeuwig aan jou moet denken.”
“Arme jongen.” Mijn fluistering is allesbehalve overtuigend, maar doet hem wel kort glimlachen, heel kort. De spanning tussen ons is te groot. Mijn hoofd bonkt en ik voel me slap. “Zou je me nu al kunnen genezen? Mijn lichaam doodt me echt…” Wauw, die blik is echt enorm sarcastisch. Zonder dat ik het besef ben ik nog dichterbij gekomen. Ik voel zijn ademhaling op mijn huid. We zeggen niets. Wat is goed om te doen en wat niet? Zal hij me tegenhouden? Ik kus hem zachtjes op zijn wang, vol liefde. De gulden middenweg leek me de beste oplossing. Liam glimlacht voorzichtig en staat dan op, dromerig. Toch vindt hij snel een glas. Hij heeft zijn rug naar me toe gedraaid waardoor ik geen idee heb wat hij eigenlijk aan het doen is. Wanneer hij zich terug omdraait, zit er een rode vloeistof in het glas. Ik sta op, peinzend.
“Dat is geen sangria, ofwel?” Liam grijnst en schudt daarna pas zijn hoofd. Het glas staat inmiddels uitnodigend op mijn mini keukeneiland. Ik neem het vast en breng het zonder veel na te denken naar mijn lippen. De geur doet me echter bijna kokhalzen waardoor ik het even terug neerzet.
“Het is niet wat je denkt dat het is. Normaal gezien is het even zoet als jouw sangria.” De doodserieuze blik in zijn ogen doet me traag knikken. Ik weet niet hoe ik me mentaal zover ga krijgen om zijn bloed te drinken. Ik ben geen vampier en het idee is misselijkmakend. Liam blijft braaf op een afstand staan terwijl hij me bestudeert. Zonder veel na te denken neem ik het glas vast en breng ik het naar mijn lippen. Het idee doet me echter bijna overgeven. “Ik kan je helpen… Net zoals ik jouw vriend geholpen heb en je straks…” Nee, helpen is inderdaad niet het juiste woord. Ik zucht een beetje gefrustreerd en zet het glas weer weg.
“Ik kan het mentaal gewoon niet doen. Het is echt vies…” Liam glimlacht alsof hij niet beledigd is.
“Kom dan tot bij mij. Ik help je.” De manier hoe hij dat met die kleine glimlach zegt doet me schoorvoetend naar hem toestappen. Hij vindt het blijkbaar leuk om me tot bij hem te laten komen. Daarom zet ik mezelf net iets dichter tegen hem aan dan nodig. Dat doet hem zijn ademinhouden, geweldig. Zijn vingers nemen voorzichtig mijn kaak vast waarbij hij me aankijkt. Het duurt even voordat ik zijn pupillen zie vergroten en een lage stem hoor. “Drink dat glas bloed volledig op.” Zijn pupillen verkleinen weer waarna hij me loslaat en me een blik geeft.
“Ik denk niet dat dat gaan helpen.” Zijn mond valt bijna open terwijl hij me onderzoekend aankijkt en me vervolgens met meer kracht vastneemt. Hij herhaalt wat er net gebeurd is, enkel voel ik geen verschil.
“Abbey, zou je…” Hij is duidelijk verward.
“Wat is er aan de hand?” Ik heb Liam nog niet zo gezien. Hij maakt kleine nerveuze handelingen terwijl zijn hersenen voluit aan het denken zijn.
“Er zijn maar enkele redenen waarom het niet kan werken.” Het is eerder een gemompel in zichzelf terwijl hij nu heen en weer door mijn kleine keuken ijsbeert. “Het spijt me, maar ik ga die reden onderzoeken.” Ik knik en geef hem daarbij een komische blik. Liam is echter te gestresseerd om daarop te reageren. Wat is er aan de hand? “Zou ik je vinger even mogen hebben?” Wat een vraag. Een beetje ongerust geef ik hem mijn volledige hand dan toch maar. Mijn lichaam verkrampt als ik rode ogen en aders zie. Liams lippen lijken mijn wijsvinger te kussen waarna hij die weer loslaat en meteen weer ijsbeert.
“Liam? Praat tegen me, alsjeblieft.” Zijn donkerbruine ogen staan onrustig.
“Er is maar één reden meer. Je bent niet menselijk.” Ik begin te lachen, maar dat stopt héél erg snel als Liam me een doodserieuze blik geeft.
“Hoe…?” Ik snap er niets meer van. “Laatste keer dat ik checkte was ik dat nog wel.” Dat doet hem lichtjes glimlachen. Hij komt voor me staan.
“Er zijn nog andere niet-menselijke wezens buiten vampiers. Ik vrees dat ik jouw andere aard net ontdekt heb en ik weet niet of…dat positief is.” Daar is zijn onzekerheid. Ik adem terug traag in en uit.
“Hoe kunnen we dat ontdekken?”
“Ik ben opzoek naar een specifieke moedervlek.” Dit is echt surreëel.
“Wil je me even knijpen?” Liam glimlacht en streelt een verloren pluk haar uit mijn ogen. Nee, dat is echt. Die kriebels zijn echt, dit moet ook echt zijn.
“…Dit is echt abnormaal, het komt misschien bij vijftig wezens op de wereld voor.” Wezens, dat woord klinkt zo negatief in mijn ogen.
“Dus, ik kleed me uit?” Liams ogen blinken terwijl hij kort lijkt te ontspannen en mijn hand vastneemt.
“Ik stel voor dat we bij de minder intieme delen beginnen.” Ik geef hem geen antwoord, enkel een ondeugende blik terwijl zijn ogen inmiddels mijn onderarmen scannen. Niets, denk ik. De sfeer is weer heel intens. “J-je trui.” Hij meent het. Hoe kan hij dit zo serieus doen? Onze ogen blijven kort verbonden waarna…
“Ik draag geen beha.” Sinds die toch enorm vies was van mijn ontvoering.
“Wel, je mag er altijd eentje gaan aantrekken.” Mag. Hij doet me heel kort grijnzen, dit is verkeerd. Ik wandel toch maar naar mijn slaapkamer, trek de trui uit, doe een mooie beha aan en doe de deur weer open met de trui in mijn hand, deze bedekt me nog half. Liam heeft zich naar me toe gedraaid.
“Je ogen zijn lichtbruin. Wat wil dat zeggen?”
“Lichtbruin? Niet zwart?” Nu lijkt zijn stem kort onstabiel. Ik kom peinzend terug dichterbij en schud mijn hoofd.
“Het is echt wel lichtbruin.” Was dat een binnensmondse vloek? In ieder geval bekennen zijn ogen kleur terwijl ik niet weet wat dat wil zeggen. Liam komt opnieuw iets dichterbij en laat zijn ogen over mijn schouders gaan, steeds meer naar beneden. Uiteindelijk draait hij me met een kort duwtje om.
“Ge-gevonden.” Zijn vinger streelt over een gevoelig stukje rug, vlak onder mijn beha aan mijn linkerkant.
“Wat is er mis met lichtbruin?” Liam antwoordt niet, waarom niet? Oogkleuren bespreken is op dit moment meer ontspannend dan moedervlekken.
“Abbey, het is echt niet het moment.” Opnieuw veegt hij over een stukje huid.
“Wat heb je gevonden?” Ik draai me om. De trui bedekt het grootste gedeelte van mijn borsten, zijn ogen staan te bezorgd om daar zelfs maar naar proberen te kijken. Zijn donkerbruine ogen staan nu troebel. “Liam?” Ik beweeg mijn hoofd wat in een poging om zijn blik op te vangen.
“Het is moeilijk om het je nu allemaal uit te leggen, maar je bent een belangrijk iemand waar vampiers respect voor moeten hebben. Ik ga even bellen.”
“Liam...” Zijn blik valt bijna dodelijk op mijn hand die op zijn arm rust, in een poging om hem bij me te houden. Ik laat geschrokken terug los en zet een stap achteruit.
“Wees niet bang.” Hij glimlacht voorzichtig waarna hij toch de ruimte verlaat, richting mijn hal. Hoe… Ik begrijp echt nergens niets meer van.

Ze is...niet menselijk?

Reacties (1)

  • IrisThePiris

    WOW, wat? Schrijf snel verder ik moet echt weten wat ze wel is... HELP ik ben zo nieuwsgierig!

    2 maanden geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen