Langzaam dringt het tot mij door wat Sharon bedoelt met:
“Doe de groeten aan mijn lieve zusjes”
Ik voel mij helemaal slap worden.
“Dit is het einde!” denk ik en sluit mij ogen dicht.

Kra Kra Kra
Ik open mijn ogen.
Ik kijk om mijn heen.
Op het vensterbank in het raamkozijn.
Zit een roze Kraai.
"He hallo" zeg ik.

De kraai kijkt mij even aan.
"Eindelijk je bent nog in leven"zegt een mannenstem.
"Kra Kra Kra" zegt De Kraai en vliegt dan weg.
Ik kijk even op. In de kamer staat een man.

"waar ben ik?" vraag ik dan aan hem.
De man lacht gemeen "hou je niet van de domme Prinses Kim"
Ik kijk even om mijn heen. Het is een kleine ruimte.
Waar teveel spullen staan. Voorzichtig stap ik uit bed.

Ik laat mijn blik over de kamer gaan.
Terwijl de man in een kast met laatjes rommelt.
"Ben je je niet geïrriteerd dat je hier weer bent?" zegt de man.
Hij gooi wat kleren op een stoel, dat naast de kast staat.

"Ik weet het niet, ik denk van niet" antwoord Ik hem.
"Ja, ja" mompelt hij en rommelt weer veder in de kast.
"Waar ben ik toch?"denk ik en probeer voor de geest te halen wat er gebeurt is.

Hij loopt geiriteerd naar de telefoon toe.
Ik zie hoe onhandig hij de telefoon, vast pakt en het nummer draait.
Ik lach even "dat heb je er van met zo'n oude telefoon" fluister ik zachtjes in mijn zelf.
De telefoon gaat over.

"Hoi Schatje" zegt Hij door de telefoon.
"PAPA ZE KAN NIET BLIJVEN HOOR!" schreeuwt er iemand door de telefoon heen.
Tuut ... tuut .. tuut... Klinkt het dan.
"Waarom moesten mijn stiefzussen toch alles hebben?" mokt hij kwaad.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen