Foto bij 11 Geen mens

“Ik denk dat we best even pauze houden. Sommige wezens zijn namelijk nogal hongerig.” Liam houdt mijn blik stevig vast waarna hij zich omdraait en doorheen het complex loopt. Ik volg hem traag, Zayn blijft achter met Elfred.
“Kan je gedachtelezen?” Liam lacht luid. Ik zou graag zijn ogen zien, maar ik loop achter hem aan dus dat is nogal moeilijk…
“Ik heb ‘gaven’ genoeg.” Waarom klinkt ‘gaven’ zo negatief uit zijn mond? Ik been hem bij in een keuken die geen echte keuken is. Het is een ruimte met een lange, smalle tafel, enkele koelkasten en een aanrecht. “Ik raad je overigens aan om uit de koelkasten te blijven. Dat is geen eten voor jou.”
“Wat is dan wel eten voor mij?” Liam geeft me een intieme blik, eentje die me warm doet aanlopen vanbinnen. Hij glimlacht en wendt zijn blik dan weer af; zou hij weten dat hij dit met me kan doen? Waarschijnlijk wel. Kan ik het omgekeerde met hem doen? Waarschijnlijk ook.
“Wat dacht je van deze pak…eten?” Zijn stem klinkt vrolijk terwijl hij een box cornflakes voor mijn neus houdt.
“Cornflakes.” Hij zet de pak wat bruut neer op tafel en geeft me dan een blik.
“Wat jij wilt, iets anders hebben we niet. Ik stuur Caleb vanmiddag wel op pad.” Ik schiet in de lach en vang daardoor een compleet eerlijke blik van de vampier.
“Op pad? Ik moet niet jagen naar voedsel.” Op een of andere manier lijkt dat gevoelig te liggen; Liam trekt kort zijn linker bovenlip op en knikt dan.
“Hij gaat nog steeds op pad.” Het klinkt gemompeld en een klein beetje koppig. Ik vind een kom en een lepel; melk is teveel gevraagd, en zet me aan tafel.
“Tuurlijk.” Ik breng het vriendelijk in een poging zijn gezicht minder beteuterd eruit te doen zien; het lukt deels. Droge cornflakes is beter dan geen cornflakes… Ik lepel het tamelijk snel naar binnen terwijl Liam wat blijft hangen rond de frigo’s. “Als jij jouw voedsel wilt eten, houd je niet in.” Zijn donkerbruine ogen ontmoeten de mijne. Dat is blijkbaar precies waar hij mee inzit. Ik merk het aan zijn gesloten houding en nerveuze blikken richting een van de koelkasten.
“Dat lijkt me eerder…ongepast.” Nu zijn we ineens beleefd? Hij lijkt er echt mee in te zitten, dus zet ik opnieuw mijn oprechte vriendelijke gezicht op. Hij moet er niet mee inzitten…het is schattig en zielig tegelijkertijd.
“Liam…” Ik schud kort mijn hoofd. “Als jij die frigo niet opentrekt, doe ik het wel.”
“En dan? Ga je me dwingen om het te drinken?” Drinken… Ah ja. Hij glimlacht kort bij een verandering van gezichtsuitdrukking bij mij; de Aha-Erlebnis, het besef. Ik zeg niets meer waardoor zijn grijns breder wordt. Uiteindelijk opent hij de koelkast toch maar. Traag, alsof hij naar iets anders luistert. Zayn en Elfred komen net binnen als zijn tanden zich in een bloedzak zetten. Ik probeer niet te kijken naar de rode ogen en dierlijke blik.
“We moeten je testen om je gaven te achterhalen.” Elfred. Was het niet net Liam die gaven als iets pejoratief beschouwde? Ik zwijg daarop, ik weet niet eens of ik dit wil. Ik word van het ene huis naar het andere gesleurd en doe daar de ene na de andere wilde ontdekking. Nu weet ik het zeker: dit is een droom. “Als je dat goed vindt, uiteraard.” Ik reageer er niet echt op. Hij lijkt mijn interesse te zoeken, maar die is er op dit moment niet. Is dit wel mijn wereld? Wat als ik terug naar de mensenwereld wil?
“Ik stel voor dat we het even kort overleggen en dan een andere keer bespreken. Abbey kan wel even bedenktijd gebruiken, gok ik.” Sinds wanneer is Zayn bezorgd om me? Zijn zwarte haren en slanke verschijning geven hem iets onheilspellends, maar nu denkt hij wel aan mijn persoonlijke belangen.
“Ik ben het daarmee eens.” Liam, die net zijn bloedzak heeft weggegooid, draait zich terug naar ons toe. “Ik bel je voor een volgende consultatie.” Ga je niet op consultatie bij de dokter? Ik ben niet ziek… Mijn frons trekt de aandacht van de drie heren, dus glimlach ik vriendelijk als ze me allemaal aankijken.
“Euh…ik vind dat geen slecht idee.” En dat is een klein eufemisme. Een heel klein, ik heb echt wel nood aan een goed gesprek met een van die alleswetende vampiers voor me. Liam knikt eerst en stuurt Zayn op weg met Elfred om hem naar buiten te begeleiden. Voor enkele momenten is het heel stil.
“Ik denk dat je eens moet nadenken over wat je wilt met je leven.” Die zin doet me kort lachen terwijl ik Liam een open maar wanhopige blik geef en kort in mijn haar wrijf.
“Als ik nu eens wist wat de verschillende levens inhouden…” Dat lijkt Liam te begrijpen, hij knikt traag en komt dan overeind van het geleun tegen een kast.
“Kom je mee? Ik wil je iets nuttigs leren, tegelijkertijd kunnen we praten.”
“Is het iets leuks?”
“Definieer leuk.” Ik rol bijna met mijn ogen bij die zin en grijns automatisch. Nee, dat spelletje gaan we nu niet spelen. In principe zou ik zelfs verder kunnen gaan dan spelen… Een definitie van leuk met het woord ‘Liam’ in misschien?
“Definieer zelf maar leuk. Zolang het niet de naam Abbey bevat…” Hij snapt de hint en schudt glimlachend zijn hoofd. We stoppen op de gang waar ergens mijn kamer moet zijn.
“Kleed jij je maar even leuk om, want we gaan iets sportiefs doen.” Ik geef hem een blik. Echte sportkledij heb ik niet bij me; enkel een loopbroekje en een willekeurig shirt. “Abbey, alsjeblieft.” Hij glimlacht beleefd terwijl ik hem maar blijf aankijken, even betoverd door zijn schoonheden, maar ook door zijn onzekerheid. Ik maak hem ongemakkelijk, dat is duidelijk. Misschien vindt hij me wel een freak nu, dat zou kunnen. Vind ik het erg? Eigenlijk lijk ik niets meer te voelen sinds mijn ontvoering-en… Ik draai me om en bekijk kort de gang. Mijn mond gaat al open, maar Liam is me voor. “Allerlaatste deur links.”
“Ja, juist…” Het is bijna een zwakke fluistering terwijl ik met zijn blik in mijn rug mijn weg naar mijn kamer vervolg.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen