Muci kijkt om zich heen, de wind trekt sterk op en er komen belletjes in het water.
      "Lyze ga uit het water." sist ze meteen wanneer ze ziet dat het steeds grotere luchtbellen worden. Zelf loopt ze ver het strand op. Lyze volgt haar meteen.
"Ik begrijp er niets van."
"Iets komt omhoog." concludeert Muci. "Zie je die lucht bellen?"
"Of... iets gaat naar beneden." zegt Lyze zacht, meer voor zichzelf dan voor Muci.
"Hoe bedoel je?" Lyze schud haar hoofd afwezig.
"Nee... niets, maak je geen zorgen. Het is vast een normale storm." Probeert ze Muci gerust te stellen.
"Ik... hoop het..." zegt Muci langzaam en zet weer een paar stappen naar het water toe. De bellen waren groot, gemiddeld op grote van haar hoofd. "Heb jij ook het gevoel dat er zomaar iets uit het water kan komen?" vraagt ze argwanend aan Lyze. Lyze knikt.
"Laten we terug gaan, terug naar huis. Al zou het een storm zijn, dan is het bij het strand niet een handige plek om te zijn." Muci kijkt haar aan als een soort Ja en stopt haar schrift in haar donker rode tas, die ze over haar schouder trekt. Het zand plakt vast aan haar voeten wat een naar gevoel geeft. Maar wanneer Muci op het warme asfalt komt drogen haar voeten snel.
      "Wanneer spreken we weer af?"
"Ik zoek je nog wel op deze week." met die woorden rent Lyze weg. Haar lange, witte haar is het laatste wat Muci nog van haar mee krijgt. Lyze kamt haar haren elke dag, maar wanneer ze dat niet doet, wordt het pluizig. Precies hoe haar haar er vandaag uitzag, pluizig, ongekamd. Automatisch krijgt Muci een glimlach op haar gezicht en begint haar weg ook naar huis.

Er zijn meer mensen buiten. Meer dan normaal. Het is normaal om buiten te zijn op Atlantis, maar helemaal wanneer er een storm op komst is, zijn er een minimaal aantal mensen. Maar nu lijkt het alsof er een maximaal aantal mensen buiten zijn. De bewakers proberen ze gerust te stellen, wat bij de meesten lukt.
Wanneer Muci haar huis heeft bereikt staat de deur al open. Ze versnelt haar pas. De deuren op Atlantis zijn niet waterdicht, integendeel, er stroomt water doorheen. Het zijn gewoon ijzeren stangen, juist veilig, maar niet voor veel water. Dat komt omdat het op Atlantis altijd warm is.
Gelijk loopt Muci naar de keuken, waar ze geluid vandaan hoort komen. Daar ziet ze haar jongere broertje van veertien, Ray, en haar ouders. Ray zit op de bank met een deken en wat te eten te huilen. Dat was vaak de oplossing bij Muci thuis, wanneer je moet huilen, een deken en wat te eten. Ray had blauwe bessen.
Wanneer hij Muci ziet houdt hij even op met huilen, trillend kijkt hij haar voor vijf seconden aan en begint weer te huilen. Muci glimlacht geruststellend naar hem waarna ze zich naar haar ouders went.
      "Pap? Mam?" vraagt ze, proberend hun gesprek te onderbreken. Het mislukte, haar vader en moeder bleven door praten. Hun stemmen worden steeds luider waardoor Muci besluit te wachten totdat hun gesprek voorbij is. Langzaam draait ze zich naar Ray die wat water probeert te drinken. "Hee...." zegt ze zachtjes en gaat naast hem zitten, "Gaat het?" Ray antwoord niet, hij begint alleen maar meer te huilen waardoor Muci snel zijn drinken aan de kant zet. Ze strijkt over zijn rug. Wat was er met hem?

Wanneer de ouders van Muci klaar zijn grijpt Muci meteen haar kans, "Mam? Wat is er aan de hand?" Muci kijkt haar moeder doordringend aan terwijl ze met haar ring aan het prutsen is.
      "We weten het niet zeker, maar..." ze is even stil, "Maar ze zeggen dat de voorspelling klopt."

Reacties (3)

  • HedwigDeUil

    De voorspelling? Tamtamtaaaaaam. Leuke detail trouwens die traditie van eten en huilen haha. Kudo!

    3 jaar geleden
    • ChiIdhood

      Hehe voedsel helpt met verdriet (:
      Meestal dan

      3 jaar geleden
  • Carpe_Diem

    Neeeeee ik wil doorlezen XD
    Snel schrijf verder!(H)

    3 jaar geleden
  • inktzwart

    CLIFFHANGER je bent zo gemeen het hoofdstuk hier te stoppen ik wil verder lezen met jouw geweldige schrijfstijl

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen