Voor Alexander naar zijn tent ging, wilde hij nog langs Bucephalus. Als het paard het echt niet zou gaan halen, zoals Zeus hem had gezegd, dan wilde hij wel afscheid kunnen nemen van zijn trouwe rijdier. Het zwarte paard lag in een provisorische stal op zijn zij. Alexander zag zijn buik nog op een neer bewegen, wat liet zien dat hij nog leefde, maar de wond in zijn zij leek ernstig te zijn. Slaven liepen druk heen en weer en maakten de wond schoon, probeerden nog andere dingen, maar men had vrij weinig verstand van hoe een paard te genezen.
      Toen de slaven Alexander zagen, stopten ze gauw met hun werkzaamheden en bogen voor hun koning.
      ‘Er lijkt weinig verbetering in zijn toestand te zitten, majesteit,’ sprak één van de slaven voorzichtig, bang voor het beruchte temperament van zijn koning. Maar het nieuws moest gebracht worden en de koning voorliegen was nog erger dan hem slecht nieuws brengen. Gelukkig voor hem was Alexander mild gestemd, ondanks zijn verdriet. Hij gaf alleen nog maar om zijn gewonde paard en was zeer nieuwsgierig naar wat de god hem te vertellen zou hebben. De rest kon hem niets meer schelen. Men deed maar. Het scheelde ook dat Zeus hem verteld had dat hij Bucephalus niet kon redden. Diep in zijn hart had Alexander zich al neergelegd bij het aanstaande verlies van zijn paard.
      Hij knielde naast het hoofd van het grote dier neer en streelde zijn neus. Het hinnikte kort en probeerde zijn hoofd op te tillen om het na een paar seconden toch maar weer te laten zakken.
      ‘Shhh, jongen, rustig maar. Het komt allemaal goed.’ Hij wist dat het niet goed zou komen, maar zei deze woorden toch in de stiekeme hoop dat het plots toch goed zou komen met het dier.
      ‘We doen ons uiterste best, majesteit,’ werd nog tegen hem gezegd, maar Alexander negeerde het.
      ‘Als jullie me voor een paar minuten alleen zouden kunnen laten?’ vroeg hij uiteindelijk en zwijgend en vlug verlieten de slaven de stal. Zo zat Alexander daar, zacht liefkozende en troostende woordjes tegen zijn paard mompelend. Hij hoopte dat dit nog niet het laatste moment met hem zou zijn, terwijl hij nog leefde. Hij wist alleen niet hoe gauw zoiets kon gaan en hoe lang hij met Zeus bezig zou zijn.
      Op een gegeven moment hoorde hij iemand de stal komen binnenlopen en hij wilde diegene al toesnauwen om weg te gaan, maar toen hij opkeek, zag hij dat het Hephaistion was. Zijn blik werd milder en hij wist een zwakke glimlach naar zijn minnaar te produceren. Deze kwam naast hem zitten en sloeg zijn armen om hem heen.
      ‘Het is nooit leuk om een geliefde te moeten verliezen, ook al is het slechts een dier,’ zei Hephaistion en Alexander knikte lichtjes.
      ‘Je gaat vanzelf van ze houden als je ervoor open staat,’ voegde hij er nog aan toe. Hij streek nog door de manen van Bucephalus en bedacht zich toen dat hij moest gaan. Zeus wachtte op hem. Hij zuchtte diep en keek toen Hephaistion aan. ‘Maar ik moet gaan, ik heb belangrijke dingen te doen. Hoewel ik met veel pijn in mijn hart afscheid neem van mijn lieve Bucephalus.’ Voor hij opstond gaf hij Hephaistion nog een kus, welke hem daarna verbaasd na staarde.
‘Wat moet je doen dan? Laat mij je vergezellen!’ Maar Alexander schudde met zijn hoofd.
      ‘Dit is iets wat ik alleen moet doen. Maar ik waardeer je aanbod zeer.’ De verwarring was van Hephaistions gezicht af te lezen en Alexander wist dat hij wilde protesteren, maar zich inhield. Zijn minnaar was graag bij hem, al helemaal als hij zich verdrietig voelde. Maar als Alexander op de juiste toon zei dat hij iets alleen moest doen, dan wist Hephaistion dat hij dat te accepteren had.
      'Zie ik je zo dan weer?' vroeg hij en Alexander knikte.
      'Vast wel, al heb ik geen idee hoe laat ik klaar ben. Ik laat je dan wel halen.' Eenmaal Alexander nu echt wilde weglopen, kwam Hephaistion hem toch nog achterna. Een laatste kus drukte hij nog op zijn lippen.
      'Doe geen domme dingen.' Alsof hij doorhad dat Alexander iets ging doen wat best riskant kon zijn, al had Alexander daar zelf nog nauwelijks een idee van.
'Natuurlijk niet,' antwoordde hij slechts en vertrok toen naar zijn tent.
      Eenmaal daar gaf hij zijn bewakers het bevel niemand binnen te laten, zelfs niet als het dringend was. Dan zouden ze maar één van zijn generaals moeten aanspreken. Er mocht pas weer iemand naar binnen als hij dat zijn bewakers zelf kwam vermelden. Alleen een bepaalde man mocht naar binnen. Hij beschreef Zeus zoals hij aan hem verschenen was en hij hoopte maar dat zijn bewakers hem zouden herkennen en zouden binnen laten.
      Niet gauw na hij binnen was en de tent vast goed had laten afsluiten, kwam Zeus binnen na een aankondiging door Alexanders wachten.
      'Wees welkom in mijn vertrekken, O grote Zeus,' zei Alexander toen de wachten hen weer alleen hadden gelaten en boog voor de god.
      'Dank je,' beantwoordde Zeus zijn groet en wees vervolgens naar de ligbanken die klaar stonden, zodat Alexander bezoek kon ontvangen. 'Laten we daar plaatsnemen. Ik heb je een hoop te vertellen.' Alexander volgde gedwee de god en toen ze eenmaal beiden lagen, begon de god te vertellen.
      'De geschiedenis van deze wereld gaat een heel stuk verder terug dan jij je waarschijnlijk kan voorstellen. Lang voor de tijd van mensen, was deze aarde al bewoond, maar dan door verschillende soorten wezens en monsters. De ergste hiervan wil je nog niet in je nachtmerries tegenkomen. Wij goden bestaan dan ook al veel langer dan de mens en hebben duizenden jaren lang over de aarde geheerst, al noemen wij onszelf anders dan jullie mensen doen. Wij die door jullie als goden worden vereerd heten alouden. En misschien had je dit vermoeden al nu je mij in levende lijve hebt gezien, maar alle mythen zijn waar. Niet alleen die jij hebt meegekregen uit je jeugd in Macedonië, maar bijvoorbeeld ook de mythen uit de cultuur van Porus, die jij zojuist nog verslagen hebt. Al die wezens bestaan echt, al weten ze zich meestal goed verborgen te houden.' Na het eerste deel van zijn verhaal pauzeerde Zeus even en liet Alexander rustig alle informatie die hij net te horen had gekregen in zich opnemen.
      'Dus, als ik het goed begrijp zit er nog een hele wereld verborgen achter de wereld die wij kennen?' De god, nee aloude, had al eerder dingen vertelt die hem verbaasden, maar toch wist hij hem elke keer weer te verbazen.
      'Als het ware wel ja. Ze zijn aanwezig in deze wereld, alleen verborgen voor het oog voor jullie humani. Zo noemen wij de mensen.'
      'De andere goden, die bestaan dus ook? Hera, Athena, Ares en noem maar op?' Zeus knikte rustig.
      'Ja, ook zij bestaan, al leiden de meesten van hen een rustig leven in hun schaduwrijk en vertonen zich nooit hier op aarde.' Hoe meer hij vroeg, hoe meer nieuwe vragen hij leek te bedenken. Alles was zo verwarrend.
      'Schaduwrijken, wat zijn dat nu?'
      'Dat zijn werelden die bestaan naast deze. De rijken waarin de alouden leven zijn meestal door henzelf geschapen en vormgegeven naar hun wens.'
De verbaasde blik op Alexanders gezicht deed Zeus even grinniken. 'Ja, er bestaan echt werelden naast deze. Heel veel zelfs. Maar deze is het belangrijkste, omdat hij de grootste is.' Alexander knikte slechts en zweeg verder. Vragen vlogen rond in zijn hersenen, maar het lukte hem niet ze een vaste vorm te laten aannemen. Hij kon er maar geen woorden van maken, geen duidelijke zinnen. Dus liet hij het maar. De aloude zou vanzelf verder praten en wie weet nog een paar van die onduidelijke vragen in zijn hoofd beantwoorden.
      'Maar om tot het punt te komen waarvoor ik hier ben: Ik wil jouw krachten gaan wekken. Hier en nu.'

Reacties (4)

  • AriChibi

    Ik wil ook een schaduwrijk voor mezelf 🤔

    En gay Alexander is beste Alexander imo, fictief of niet!

    2 jaar geleden
  • Altschmerz

    Oké ik heb NIETS met paarden, maar ik heb toch wel medelijden met Alexander.

    AND YEAH GAY SHIP I APPROVE.

    2 jaar geleden
  • AppieAkkabi

    Hij heeft een minaar? I APPROVE! LGBT positivity!:)

    2 jaar geleden
  • SonOfGondor

    Arme Alexander, hij klinkt zo verward

    2 jaar geleden
    • Delahaye

      Dat is hij inderdaad ook!

      2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen