Foto bij H.66.

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
Dan hoor ik sirenes, autobanden over de semi-verharde weg en remmende voertuigen.
Het duurt niet lang voordat een handjevol pilitieagenten met getrokken wapens binnenkomen.
De eerste drie die ik goed kan zien bestaan uit een Aziatische vrouw en daarnaast twee mannen.
De een heeft een heel onopvallend uiterlijk, alsof hij gemaakt is om op te gaan in de massa.
De andere heeft rood haar, groene ogen en lijkt precies op mij...

Het is mijn vader.
Mijn vader is hier.
Ondanks dat ik niet weet waarom, wil ik huilend naar hem toerennen en me tegen hem aandrukken, maar tegelijkertijd verstijf ik, omdat ik me opeens overbewust ben van al mijn littekens die door zijn doen ontstaan zijn.
Hij scant de ruimte, lijkt mij gezien noch herkent te hebben.
Evan loopt naar een ander iemand toe om waarschijnlijk alles te regelen wat ik niet kan, maar ik heb alleen maar oog voor de man bij wie dit allemaal begonnen is.
En dan ziet hij mij, maken we oogcontact.
Eerst lijkt hij mij niet te herkennen, maar dan zie ik het vermoeden in zijn ogen en mijn houding vertelt hem dat hij gelijk had.
Een van zijn collega’s vertelt hem dat hij mij even in de gaten moet houden en met mij moet praten, moet proberen erachter te komen wat er gebeurd is.
Hij zou eens moeten weten.
Met duidelijke tegenzin knikt mijn vader, want hij zou toch niet willen uitleggen dat dit de dochter is die hij acht jaar geleden verlaten heeft?
Hij loopt naar me toe, wilt iets zeggen, maar ik ben sneller.
‘Dit is jouw schuld.’ fluister ik en hij draait zijn hoofd weg, kijkt over mijn schouder naar de muur.
Hij staat zo dichtbij me dat het moeilijk wordt om te ademen.
‘Niet waar.’ zijn stem is hard.
Hijzelf is hard.
Mijn handen ballen zich samen tot vuisten.
‘Wat is er gebeurd?’ zegt hij dan en in alle verwarring besluit hij gewoon zijn werk te doen.
Ik voel een traan over mijn gezicht rollen en ik vang zijn blik, kijk hem kil aan.
‘De ex die jij mishandelt en verlaten hebt heeft de dochter die jij nooit gekend hebt vermoord.’ zeg ik.
Er lijkt iets in zijn houding te veranderen en hij draait zich om, kijkt kort naar Ammay.
Wanneer hij zich terugdraait zijn zijn ogen vochtig.
‘Is... is dat mijn dochter?’ vraagt hij en zijn stem trilt van emotie, hij legt heel even losjes een hand voor zijn mond: een beweging die overgaat in het wrijven over zijn stoppelbaard.
Nee.
Hij mag niet huilen.
Hij heeft het recht niet.
Hij heeft ons verlaten.
Dit is zijn schuld.
Hij kende haar niet eens.
Mijn verdriet slaat om in woede en ik geef hem een duw.
Hij is zo verbaasd dat hij gewoon een stap achteruit struikelt.
Alle ogen in de ruimte zijn opeens op ons gericht.
‘Waag het niet haar je dochter te noemen! Jij hebt haar nooit gekend! Je bent weggegaan voor ze geboren werd! Jij hebt Monique gemaakt tot wie ze is en het recht om haar je dochter te noemen heb je verloren toen jouw hand zich voor de eerste keer om mijn keel sloot!’
Ik wist niet dat ik zo hard kon schreeuwen.
En heel even zie ik hem.
Heel even zie ik de man die elke dag dronken was, die dit huis vulde met geschreeuw en bloed en pijn: de man die hij voor iedereen wil verbergen.
En heel snel duwt hij het weer weg, beseft zich dat hij zich op glad ijs bevind, dat we publiek hebben.
De hele ruimte valt stil en ik kijk naar de verbijsterde mensen, gebaar naar hen als ik mijn verblufte vader weer aankijk, tranen van woede en verdriet en angst en zo veel meer vallen over mijn wangen naar beneden.
‘Vertel het ze dan! Zeg dan wat je gedaan hebt! Wat je veroorzaakt hebt!’ huil ik hysterisch.
Evan komt aanrennen en pakt me vast.
‘Wat is er?’ vraagt hij koortsachtig, maar ik antwoord het niet.
Wat er aan de hand is, kan hij zelf ook wel achterhalen
Mijn hoofd vuit zich met zoveel flashbacks en beelden van wat hij wel niet allemaal gedaan heeft, dat ik duizelig word, niet meer zeker weet wat er gebeurd, welk beeld de realiteit is.
Ik kan niet meer ademen.
Ik raak in paniek, in shock en ik kan niet meer genoeg lucht inademen om helder te kunnen blijven zien.
Het enige wat ik echt nog voel is dat Evan zich tegen mij aandrukt zodat ik niet omval en heel, heel veel pijn, zo intenst dat ik niet meer weet of het lichamelijk of mentaal is.
Maar dan herinner ik mij Ammay en het besef dat ze echt dood is trekt mij terug naar de werkelijkheid.
Ik zie dat mensen naar haar lichaam toelopen.
Ze gaan haar meenemen.
Ze gaan haar bij me weghalen.
Benauwd duw ik Evan van me weg en begin ik ernaar toe te rennen, of eigenlijk meer te struikelen.
Er zijn wel mensen die me tegen proberen te houden, maar mijn actie is te onverwacht en de ongevraagde familiereünie heeft voor de nodige onrust gezorgd.
Ik pak Ammay vast en begin koortsachtig tegen een van de artsen te roepen dat ze haar met rust moeten laten, dat ze haar niet mee mogen nemen, dat ik degene ben die dood had moeten zijn en dat ze haar weer terug moeten brengen, al zijn geen van die dingen rationeel.
Iemand pakt me vast en trekt me weg.
Ik schreeuw, bang voor elke onbekende aanraking.
Dan pakt Evan me van iemand over en ik voel hoe het allemaal te veel is, hoe alles pijn doet en mijn hersenschudding zijn tol eist, hoe ik bewusteloos raak.
Ik zak door mijn knieën en hij zakt voorzichtig een beetje mee, wetende dat ik niet meer kan staan.
‘Laat ze haar niet meenemen’, snik ik terwijl hij me met een verwrongen gezicht vol pijn aankijkt,’ laat ze haar niet bij me weghalen. Evan. Alsjeblieft. Ik... kan niet... ik wil niet...’
Het doet zoveel pijn, ik kan het niet meer bevatten.
Evan antwoordt niet terwijl het allemaal donkerder wordt en even ben ik bang dat hij er niet echt is, maar dan besef ik me dat hij niet reageert omdat hij weet dat hij niets voor me kan doen, dat het nergens op slaat om Ammay’s lichaam niet mee te laten nemen.
Maar ik wil haar niet kwijt.
Ik kan dat niet.
‘Laat hen haar alsjeblieft niet weghalen.’
En dan is het donker.

Reacties (3)

  • GossipGirl21

    Mooi geschreven.

    2 jaar geleden
  • BethGoes

    Ik weet niet hoe ik hierop moet reageren...

    Te

    Veel

    Verdriet...

    2 jaar geleden
  • Luckey

    Die vader heeft geen recht om te rouwen
    Hij was er nooit en nu nog stoot die haar af
    Als dit maar goed gaat

    2 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Ik voel mezelf tot mijn grote spijt verplicht je te vertellen dat er nog een hele hoop níét goed zal gaan.xD

      2 jaar geleden
    • Luckey

      dat had ik al verwacht. in je verhaal gaat ze van het ene probleem naar de ander. nooit 1 stukje zonder pijn of verdriet

      2 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Ik kan je vertellen dat er ook leukere momenten gaan komen.(blush)

      2 jaar geleden
    • Luckey

      ik hoop het wel. dat heeft ze ook wel even verdiend....

      2 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Dat dacht ik ook wel.

      2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen