||Bio-Vam Lab||




Murmelend had ik mijn hoofd in de nek van de man in het prachtige oude kostuum gedrukt om de ruimtes maar niet te hoeven zien. Ik kon tegenwerken wat ik wilde, de man die mij vast had was vele malen sterker. Daarnaast liep de spierbundel voortdurend naast de best wel mooie man die mij droeg. Hij was betoverend mooi, kriebels voelde ik opspelen in mijn buik.
Voor ons liep de vrouw met haar blonde opgestoken haren en de jongeman.
De zachte stem van Aro, vulde mijn gehoor. Ik kantelde mijn hoofd zodat ik vanonder mijn lange gekrulde Lightcoral wimpers kon zien wat er nu precies gebeurde. We stonden aan een of andere balie, achter de toog zat een wat oudere vrouw met een vreemd vierkant brilletje op haar neus. Ze had grijzig, wit gekleurd haar en verschillende diepe oude rimpels in haar gezicht. Haar wat dikke matchende wenkbrauwen leken zowat dichtgegroeid.
Ze knikte stilletjes, toetste iets in, waarop ze wat mompelde.
Aro leek gehoord te hebben wat hij wilde horen, liep vooruit een of andere gang in waarop wij alle de drie eerste heren leken te volgen.
Opnieuw voelde ik daar het vreemde gevaarlijke gevoel, een vreemde druk, dat gevaar zou brengen.
Angstig krulde ik mijn armen strakker rond de man die mij droeg.
"Sshhh" was zijn melodieuze hese fluwelen stem.
Zijn hand streek over mijn rug, waarop hij mij wat strakker tegen zich aan drukte. Nog steeds alsof ik van porselein gemaakt was, leek de man op te passen met hoeveel kracht hij uitoefende. Zijn ogen leken donkerder dan dat ze op het eerste gezicht waren geweest. Opnieuw was daar die glans te zien die ik ook gezien had bij mijn zuster wanneer ze erg dorstig was.
Ik moest het nu wel haast zeker zijn, ik deed de man die mij droeg zeer, pijn.
Hij had dankzij mij, een erge, hele erge dorst, zijn keel zou nu vast en zeker in lichten laaien staan.
Een steek voelde ik in mijn hart, ik wilde helemaal niemand pijn doen, en zeker deze goed uitziende, mooie man niet.
Door mijn hersenspinsels had ik helemaal niet door wat er voor mij afspeelde.
Met gefronste wenkbrauwen keek ik van de man die mij droeg naar de heren die ik herkende als mijn artsen. Dat waren ook de enige mensen die echt van ons bestaan af wisten. Boos keek ik ze één voor één aan, hen ogen gleden van Aro, naar mij waarop vele kreten de kamer vulde. De kreten kwamen van de heren die nu op de grond leken te spartelen, kronkelen, zoals mijn zus gedaan had.
"Jane" was de kalme vriendelijke stem van Aro.
Ineens was het geschreeuw en gekrijs over, waarna de mannen zich hijgend, recht drukte.
Aro wendde zich opnieuw naar mij, waarop hij vriendelijk gebarend zijn hand uit stak.
Vragend, niet geheel begrijpend rees ik mijn Lightcoral gekleurde wenkbrauwen op, kantelde ik mijn hoofd, nieuwsgierig, keek ik de man die zijn hand had uitgestoken aan. Opnieuw maakte hij een vreemde uitnodigende beweging, waarop ik ineens een ijskoude hand de mijne voelde pakken, verbaasd volgde ik de arm die mijn hand gepakt had. De man die mij droeg, legde voorzichtig mijn hand in die van Aro. Gretig krulde de man zijn tweede hand erom heen zodat ik hem er niet meer uit weg kon trekken.
Nog verbaasder rezen mijn wenkbrauwen op, wat deed de meneer nou?!
Dit was gek, alsof ik van porselein gemaakt was, liet Aro voorzichtig mijn hand los, waarop hij vriendelijk, zijn hand door mijn haar haalde. Een kleine vriendelijke glimlach op zijn gezicht liet doorschemeren. Waarna hij zich weer recht drukte naar mijn artsen. Nog altijd verbaasd over wat er zojuist was gebeurt, zat ik diep in mijn hersenspinsels, het proberen te ontrafelen.
Wat er precies in de kamer voor mij afspeelde, ging langs mij heen.
Met gefronste wenkbrauwen een vinger tegen mijn wang en licht toegeknepen ogen dacht ik na.
"Schattig, wanneer ze denkt" werd er gegrinnikt.
Geschrokken keek ik op, recht in de bloedrood gekleurde ogen van de spierbundel.
Ook hij haalde zijn hand kort door mijn lange golvende Lightcoral gekleurde haren.
"Leuk huisdier" lachte de vrouw Jane, die mijn zus vermoord heeft.
Gegil, geschreeuw, gekerm van pijn vulde mijn trommelvliezen.
Ineens voelde ik vreemde stevigere bredere marmeren ijskoude armen, ik draaide niet begrijpend mijn hoofd en zag de spierbundel op nog geen drie centimeter van mijn gezicht. Angstig, pruilend, willen brullend probeerde ik uit zijn stevige grip te komen. Spartelend, dat ik het helemaal niet zo leuk vond, piepend, graaiend naar de persoon met lange bruine haren voor hulp. Ik vond die spierbundel die mij vast had helemaal niet leuk, hij was eng en groot en leek mij zowat alle kleuren van de regenboog te knijpen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen