Foto bij H50: Baby Ho-o ~ Nick

Ik zag Khana voorbij komen en trok haar meteen de struiken in, terwijl ik mijn hand voor haar mond hield. Yoko was hier nog ergens in de buurt, vandaar dat ik me verborgen hield. Ik had het gevoel dat ze een spelletje met me speelde… Khana spartelde serieus tegen en snel fluisterde ik in haar oor: “Ik ben het, Nick… Yoko is in de buurt.” Meteen stopte ze met bewegen en ik liet haar los. “Wtf Nick, waarom…”, begon ze, maar ik hield mijn hand snel tegen haar mond en gebaarde dat ze stil moest zijn. “Oh Ni-ick…”, hoorde ik Yoko opeens vrij dichtbij zeggen en ik drukte Khana dieper de struiken in. Ja, ik kon Yoko makkelijk verslaan. Ja, ik zou haar makkelijk kunnen ontlopen en terug naar het huis gaan. Nee, ik deed dit niet. Waarom? Omdat ik een nest had gevonden met een klein vogeltje erin. Sorry, geen klein vogeltje: een baby Ho-o. En de moeder en vader waren nergens te zien.

Het was al een tijdje stil en wantrouwig keek ik door de struiken naar buiten. Het was middag en de wolken boven ons hoofd pakten samen. Ik had het gevoel dat het ging regenen en nog geen seconde na die gedachte kwam het water uit de hemel. En nog niet zo’n klein beetje. Ik hoorde Yoko vloeken en daarna klappende vleugels van iemand die wegvloog. De struiken hielden het water wat tegen, maar ik zag dat het nest nat werd. Khana deed snel haar jas uit en hield die boven het nest. “We moeten dit kleintje meenemen”, zei Khana bezorgd en ik knikte. De moeder of de vader moest allang terug zijn…

Voorzichtig maakten we het nest los van de takken en kwamen erachter dat dit gevaarlijk gemakkelijk ging. Toen gingen we de struiken uit en liepen de straat uit. Khana zag maar bleek bij de aanblik van de lijken en het bloed dat werd weggespoeld. We gingen verder, de auto van de politie achterlatend terwijl we vaag een oproep van de centrale hoorden.

Na een hele tijd door de gietende regen te hebben gelopen, kwamen we aan bij Miyuki’s huis. We gingen naar binnen en vonden een briefje van Miyuki dat ze even bij een vriendin was. Met het nest en de kleine Ho-o in haar handen, liep Khana naar de achtertuin en ging onder het afdakje zitten. Ze was door en door nat, maar ze leek enkel nog om de kleine Ho-o te geven. Ik kwam naast haar op mijn knieën zitten en zag dat ze twijfelend naar de kleine vogel keek. “Kunnen we dit kleintje wel aanraken? Wie weet wil de moeder of vader dan niets meer met hem te maken hebben”, zei ze en net toen ik wou antwoorden, schoot haar hoofd ophoog. “Khana?” vroeg ik en ze gebaarde dat ik stil moest zijn. Pas na enkele ogenblikken hoorde ik het ook: het was dat jammerend geluid van die ene Ho-o. Zou dat de moeder of de vader zijn?

Het jong begon te piepen en opeens verscheen voor ons de ouderlijke Ho-o. Haar veren waren wat doffer, dus ik gokte dat dit het vrouwtje moest zijn. Ze was nog wel steeds prachtig en ze kwam twijfelend dichterbij. De Ho-o strekte haar kop naar het jong en maakte een vreemd geluidje, waarop het jong antwoordde. Khana stak opeens haar handen in de lucht en zei iets vreemd, wat ik niet zo goed verstond omdat ze meer mompelde. De Ho-o reageerde er echter op en kwam zelfzekerder op ons af, of toch naar Khana. “Nick, kan je een handdoek of zo pakken?” vroeg Khana dan en ik fronste, maar stond toch op en liep terug naar binnen. Ik haalde een handdoek en gaf die aan Khana. “Dank je”, zei ze en daarna zei ze met enige twijfel in haar stem: “Ze heeft me wat verteld…” “Oh? Wat dan?” vroeg ik, nog niet echt doorhebbend wat ze net had gezegd. “Dit is de moeder van de kleine Ho-o, ze is op zoek naar haar partner, maar ze kan hem nergens vinden. Ik denk dat hij ge…” “Wacht, wat? Ze heeft je wat verteld?” onderbrak ik haar en ik zag haar grimassen. “Verdraaid, je hebt het gehoord”, hoorde ik haar mompelen en ik zei verbaasd: “Je kunt haar verstaan?! Hoe… wat… waarom…” Ik viel even stil en zei dan: “Khana, ik wil antwoorden, nu. Ik was blijkbaar niet de enige met een geheim, of niet?” “Je weet dat ik daar niet graag dieper op in ga…”, zei ze, maar ik keek haar nu wat boos aan. “Je houdt iets voor mij verborgen en jij weet mijn geheim ook al, dus waarom is dit niet wederzijds?”

“Omdat jij het mij ook niet verteld hebt, ik moest er zelf achterkomen!” zei ze nu boos en de Ho-o’s schrokken. “Ik heb daar een goede reden voor die ik niet mag vertellen!” riep ik boos en zei antwoordde verontwaardigd: “Voilà, jij hebt ook nog een geheim! Waarom moet ik de mijne dan vertellen?!” “Omdat…”, begon ik, maar toen hoorde ik gekuch. Ik draaide me meteen om en ook Khana keek geschrokken op.

Reacties (1)

  • Kaffaljidhmah

    En het is... *tromgeroffel* Miyuki!

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen