Foto bij Scar 9

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
Iets klopt niet. Ze heeft een verleden. Ze heeft een verhaal. En ik weet zo ontzettend zeker dat “het voelde als het juiste om te doen” als reden om agent te worden, maar een halve waarheid is. Ik zou haar bij haar schouders willen pakken en de antwoorden uit haar willen schudden, maar dat doe ik niet, ook al blijft het de hele tijd in mijn achterhoofd jeuken.
Iets klopt niet. Ze is bang. En ik wil haar beschermen, omdat ik dat bij Blueberry niet gedaan heb, omdat ze dat verdient. Maar ik zou niet weten waar te beginnen.

Die avond moeten we een mogelijk grote drugshandelaar genaamd Kenneth O’Connel in de gaten houden en bewijs tegen hem verzamelen. Ik heb zoiets maar twee keer eerder gedaan, maar dat zeg ik niet, al weet ik niet waarom. Waarschijnlijk omdat ik de indruk wil wekken dat ik hier ervaring mee heb en dat ze zich geen zorgen hoeft te maken.
Thuis moesten we ons omkleden en in een andere auto buiten de kroeg waar hij die avond zou zijn wachten tot hij naar buiten komt. Daarna moeten we kijken of we iets van een hard bewijs kunnen verzamelen dat hij een crimineel is.
Heel lang zitten we in de aut te wachten, gehuld in de schaduwen van de avond. Paige ziet er gespannen uit. We praten af en toe wat over eigenlijk niets dat ertoe doet en ik blijf mezelf er maar aan te herinneren dat ik het niet kan maken om te vragen waar ze zo bang voor is, wat ze meegemaakt heeft.
Rond elf uur draai ik mij even naar haar toe en het maanlicht doet haar grijze ogen schitteren.
‘Probeer wat te slapen. De kans is klein dat hij zo vroeg al naar buiten komt. Ik maak je wel wakker als er iets gebeurt,’ zeg ik, maar ze schudt zachtjes haar hoofd.
‘Ik blijf wel gewoon wakker. Ga zelf maar proberen wat te rusten.'
‘Dan blijven we allebei wakker, want ik kan niet slapen in een auto. Nooit gekund ook,’ beweer ik koppig, maar ze draait zich stijfkoppig weg en kijkt weer uit het raam, haar blik stellig op de bar gevestigd.
'Als ik in slaap val, word ik ontslagen,' zegt ze, wat technisch gezien waar is, maar alleen als ik het Marco zou vertellen.
'Ik kan wel een geheimpje bewaren.'
Ze rolt met haar ogen en zegt opnieuw dat ze gewoon wakker zal blijven. En toch zakt ze na een half uur weg.

Het begint met een kleine schok van haar hand, een haperende ademhaling, een onopvallende beweging van haar knie, maar het wordt steeds heftiger. Ik zou op de kroeg moeten letten, maar ik kan me alleen maar zorgen maken over haar, over hoe ze onrustig woelt in haar slaap.
Ik heb altijd kunnen zien als iemand bang is. En zij is bang.
Ze haalt een aantal keer op een hele vreemde manier adem, naar lucht happend en het weer uitstotend, maar dan begint haar lijf te schokken. Plotseling slaakt ze ene kreet, gedempt door haar dichtgeritste jas. Ik vlieg half overeind, stoot bijna mijn hoofd aan de dak van de auto. Ze schreeuwt iets en eerst kan ik het niet verstaan, maar dan onderscheid ik iets in de trant van dat ze om hulp roept, iemand smeekt het niet te doen.
‘Paige?’ vraag ik ongerust, maar er komt geen reactie. Ze is nog steeds niet wakker.
Dit heb ik nog nooit gezien. Ze schreeuwt van nee, roept opnieuw om hulp. In paniek pak ik haar bovenarm vast, gekweld door de geluiden die ze maakt, door haar lijden.
‘Paige?! Word wakker!’ zeg ik hard, koortsachtig.
En dan vliegen haar ogen open. Als in een reflex grijpt ze naar de hendel van het portier en trekt die naar zich toe, waarna ze zich opzij duwt, alsof ze me niet herkent, alsof ze wil vluchten. Ze valt de auto uit en ik hoor in het donker haar gejaagde ademhaling. Sneller dan ik ooit gedaan heb stap ik zelf ook uit. Ze zit op haar handen en knieën, gebogen hoofd, zacht schokkend, heftig en snel ademhalend. Ze kokhalst, maar hoeft niet over te geven. Ik ren om de auto heen naar haar toe, val bij haar op mijn knieën neer. Ze zegt iets - en volgens mij is het ‘alsjeblieft niet’, maar dan kijkt ze me aan en lijkt me te herkennen.
‘Nathan,’ brengt ze ademloos uit en ik knik.
De tranen rollen over haar wangen en ze hijgt, beeft. Ik trek haar naar me toe en vouw mijn armen om haar heen, omdat ik echt niet zou weten wat ik anders zou moeten doen. Huiverend klampt ze zich aan me vast, haar trillende handen om mijn shirt gekruld. Ik heb het idee dat als ik haar nu overeind zou helpen, ze weer in elkaar zou storten op het moment dat ik haar loslaat.
‘Het spijt me. Het spijt me,’ snikt ze en ik verstevig mijn omhelzing. Ze voelt zo oververhit aan terwijl blijft zachtjes schokken.
‘Heg is niet erg. Het is nu goed,’ blijf ik haar vertellen terwijl ze langzaam aan kalmeert.
Wanneer ze weer enigszins gekalmeerd is, laat ik haar los en kijk haar onderzoekend aan.
‘Ga je me uitleggen wat je ooit overkomen is?’ vraag ik dan - de vraag die al dagenlang in mijn keel brandt.
Ik zie iets van paniek in haar ogen opflikkeren.
‘Nee,' stoot ze uit, hysterisch huilend en zo erg in paniek dat het pijn doet. ‘Nee, ik kan niet... ik.... als je het zou weten... nee... ik... alsjeblieft...'
‘Het is oké,’ onderbreek ik haar snel en ze laat opgelucht haar adem lopen. Het was wel duidelijk dat ik er maar beter niet naar had kunnen vragen.
‘Sorry,’ fluistert ze en ze staart met glazige blik voor zich uit. Ik vraag me af wat ze ziet. Haar handen beven nog steeds en er huist een verwilderde blik in haar ogen.
‘Het is niet erg.’
Maar ik weet zeker dat het wel erg is, dat ze een trauma heeft, dat ze hulp nodig heeft, dat ik haar wil helpen. Alleen weet ik niet hoe.
Na een tijdje staat ze op en gaat weer in de auto zitten, maar ze blijft nauwlettend om zich heen kijken. En ik blijf op mijn beurt nauwlettend naar haar kijken. Ze heeft zich verassend snel weer herpakt, wat in mijn ogen helemaal geen goed teken is. Het betekent dat dit haar vaker is overkomen. Veel vaker. Misschien heb ik haar wel minder dan een uur nadat zoiets is gebeurd gezien en heb ik het niet door gehad.
Dan, na misschien wel heen uur, opent de deur van de nachtclub. Het is hem. Kenneth O’Connel. Ik herken het van de foto. Paige ook.
Maar hij is niet alleen. Zijn hand omklemt ruw de bovenarm van een vrouw, eigenlijk nog een meisje, niet veel ouder dan achttien. En ze is zichtbaar niet uit vrije wil bij hem. Het is wel duidelijk dat ze te bang is om zich überhaupt te verzetten.
Paige ademt scherp in en ik zie haar hand naar haar pistool glijden. Waarschuwend kijk ik haar aan.
‘We moeten bewijzen verzamelen, foto's maken. Niet arresteren,’ herinner ik haar eraan, maar haar blik vertelt me dat ze andere plannen heeft.
‘Als Marco ons erop aanspreekt, mag je mij de schuld geven,’ zegt ze beslist, haar rechterhand al op de klink van het portier, in haar andere in pistool,’ Ik ga dat meisje niet ontvoerd laten worden.’

Reacties (3)

  • MissEL

    Oh God...

    1 jaar geleden
  • BethGoes

    Ik hoop maar dat het goed afloopt...

    1 jaar geleden
  • Luckey

    snel verder

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen