Foto bij - Raiden - Acklins -

Om stipt zes uur zit ik beneden aan tafel en zoals verwacht staat het eten al op tafel. Mijn broer, Adam, komt ook aangelopen en fatsoeneert zijn bruine haar nog even in zijn gewoonlijke strakke kapsel. “Vader, Raiden.” Groet hij mij en mijn vader voor hij ook aanschuift.
Avondeten bij de familie Acklins verloopt meestal in stilte. Mijn vader heeft nooit veel te vertellen gehad en sinds de scheiding met mijn moeder vlak na mijn geboorte is hij blijkbaar alleen maar meer in zichzelf getrokken.
Ik probeer mijn armen niet te laten trillen terwijl ik mijn bestek oppak. Vandaag was de training bijzonder afmattend. Naast een reeks inspannende kracht oefeningen heb ik veel aan mijn kracht gewerkt. De nieuwe oefeningen die ik gekregen heb waren gericht op het verleggen van mijn grenzen en het versterken van mijn toeslag. Al met al heeft deze dag veel energie gekost, energie die ik nodig bij moet vullen.
Een rinkelend geluid onderbreekt onze stilte en mijn vader haalt zijn telefoon uit zijn binnenzak.
“Reeves Acklins” Het gesprek aan de andere kant kan ik niet volgen, maar hoe meer tijd er verstrijkt, hoe bozer mijn vader eruit komt te zien en hoe kouder het in de kamer wordt. De kracht van mijn vader draait om kou heen en is er gevoelig voor zijn emoties.
“Het interesseert me niet hoe je het oplost” Sist mijn vader terwijl de temperatuur nog een paar graden daalt. “Je hebt wát gedaan?” snauwt hij en hij wacht even op een antwoord. “Ik ben er morgen om zeven uur, als het dan nog niet opgelost is ben jij de eerste die eruit vliegt.” Na dat gezegd te hebben hangt hij op en bergt zijn telefoon weer op.
Zonder iets te zeggen concentreren we ons weer op ons, nu koud geworden, eten.
“Kon je je haar niet doen voor het eten?”
Ik leg mijn bestek neer en richt mijn blik op mijn vader. Volgens andere mensen is mijn blik erg intimiderend en door de lichte, felle kleur van mijn ogen ook lichtelijk angstaanjagend. Maar op mijn familie heeft het geen effect meer.
“Ik kwam rechtstreeks van training af.” Is mijn weerwoord terwijl ik mijn hand door mijn verwarde gitzwarte haren haal die zo te voelen in pieken rechtop staan.
“Krijg ik binnenkort weer een rapport van je mentor over je voortgang? Ik had hem vanmorgen binnen moeten krijgen.” Nonchalant haal ik mijn schouders op. “Ik zal het morgen aan hem navragen.” Een knikje met zijn hoofd is al het antwoord dat ik krijg.
“Nog iets gehoord over dat Dondermaatje van je?” Is de vraag van mijn broer en nu is het mijn beurt om te knikken.
“Volgende week reizen we naar de hoofdstad waar we elkaar leren kennen en onze baan toegewezen krijgen.”
“Goed” Is al het antwoord dat ik aan deze tafel krijg op het nieuws waar ik al zolang ik kan herinneren op wacht.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen