Foto bij H53: Dreigen en pijn ~ Khana

Nadat ik de dojo was uitgelopen, was ik naar boven gegaan om mijn belangrijkste spullen te pakken. Basilisk had me vragend aangekeken, maar ik had alles ingepakt wat van noodzaak was. Mijn boog had ik ook mee, evenals mijn dolk. Ik kon het niet over mijn hart krijgen om Basilisk achter te laten, dus pakte ik hem ook op, deed een rugzak om met mijn belangrijkste spullen en ik ging naar beneden. Ik had er genoeg van: ik ging terug naar huis.

Ik stapte met mijn regenjas de gietende regen in en hield Basilisk onder mijn jas. Ik zette er stevig de pas in en niet veel later was ik in een verlaten deel van Tokyo. Niemand was zo dom om buiten te komen, dus ik liep alleen over straat. Opeens hoorde ik voetstappen achter me en ik begon nog sneller te wandelen, maar ook de voetstappen versnelden. Dit was niet goed, echt niet…

Ik draaide weer een straat in, maar die bleek doodlopend te zijn, wat ik niet had gezien door de gietende regen. Ik draaide me om en met mijn gewonde arm pakte ik de dolk vast, omdat ik met mijn goede arm Basilisk vast hield. Er was niemand te zien. Fronsend keek ik om me heen, maar er was echt niemand. Had ik het me zo hard verbeeld? Basilisk piepte en bewoog onrustig. Ik keek even naar hem onder mijn jas en zei: “Alles is in orde Basilisk, alles is in orde.” “Dat denk ik niet”, hoorde ik opeens van boven mij en ik keek voor zover het mogelijk was. Boven me vloog iemand met grote vleugels en ik kende zo maar één iemand: Yoko.

Yoko landde voor mij en keek me grijnzend aan. “Aardig staaltje elfs dat je kunt”, zei ze en ze kwam dichter. Ik stapte achteruit totdat de muur mij blokkeerde. “Helaas, die zin was enkel van toepassing op dat moment, nietwaar?” vervolgde ze smalend en ze ging vlak voor mij staan, haar gezicht voor de mijne. “Wat zei je ook al weer? Oh ja, ik versla je in geen tijd. Mooi geprobeerd”, zei ze lachend. Opeens voelde ik Basilisk grommen en bewegen en hij sprong op Yoko af. Ze gilde even van de verrassing, maar sloeg toen met haar vleugels en Basilisk vloog tegen de muur. “Basilisk!” riep ik bezorgd en wou naar hem toe gaan, maar Yoko greep me bij mijn gewonde arm en ik schreeuwde het uit, terwijl de dolk uit mijn hand op de grond viel. Ze trok me naar haar toe en grijnsde weer, harder in mijn arm knijpend. Tranen sprongen in mijn ogen van de pijn en ze zei: “Ik ken iemand die jou graag wilt terugzien…” Toen greep ze met haar andere hand naar mijn keel en sloot hem, om me zo te stikken. Ik hapte naar lucht, maar ze was deze keer te sterk. De regen viel op mijn gezicht en vertroebelde mijn zicht, samen met mijn tranen. Al snel dansten de zwarte vlekken voor mijn ogen en het laatste wat ik hoorde, was het gelach van Yoko. Toen zakte ik ineen op de grond.

Reacties (1)

  • Kaffaljidhmah

    Oh snap! Komaan Khana, overleef het! Maak Yoko de vliegende kip zonder kop af!

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen