Sorry voor het korte hoofdstuk, ik heb niet zo veel tijd en wou hem toch even updaten.

Meteen als het eten op tafel staat ga ik in de keuken zitten op een van de krukken die daar staat. Ik laat mijn hoofd op mijn handen rusten en sluit mijn ogen in de hoop dat de hoofdpijn weg ebt. Dan loop ik naar een klein kastje waar wat medicijnen in liggen en pak een paracetamol. Hopen dat dit werkt. Ik slik de paracetamol door met een slok water en ga terug zitten. "Wat heb jij?" hoor ik dan achter me. Ik kijk op en zie Archer. "Niks," wuif ik het weg. "Zo ziet het er anders niet uit," merkt hij op. "Wat hoofdpijn en een beetje misselijk, gewoon slecht geslapen," mompel ik. "De managers stuurden me hierheen en zeiden dat ik je moest overhalen om hier te blijven," zegt hij als hij naast me komt zitten. "Maar dat kan ik toch niet maken, dit is de eerste wedstrijd die ik mee ga als manager!" breng ik ertegenin. "Je bent ziek, daar kies jij toch niet voor," zegt Archer weer. "Toch wil ik mee!" zeg ik eigenwijs. "Dan spreken we dit af. Je gaat mee maar zodra het niet meer gaat ga je in de bus slapen, oké?" vraagt Archer. Ik knik en dan loopt Archer terug naar de eetzaal.

Na een tijdje begint de eetzaal leeg te lopen en begin ik ook naar de bus te lopen. Ik plof naast Archer neer op de stoel en kijk uit het raam. Ik wacht tot iedereen in is gestapt, terwijl ik naar verschillende dingen buiten kijk. Alhoewel ik deze dingen al heel vaak heb gezien zijn ze nu alsnog interessant. "Gaat het echt?" vraagt Archer plots. "Ja, en met jou?" vraag ik. "Hoezo mij?" Hij beantwoord mijn vraag niet eens. "Normaal maak jij je volgens mij niet zo'n zorgen, heb je echt geen koorts?" vraag ik als ik mijn hand tegen zijn voorhoofd aan duw. "Nope, toch geen koorts," stel ik vast. Archer kijkt me aan alsof ik gek ben geworden. Dan gaat de bus rijden. Na een tijdje voel ik opeens mijn ogen dicht vallen en val ik in slaap.

Ik word wakker in een lege bus, er ligt een deken over me heen maar verder is er niemand. Ik pak mijn telefoon uit mijn broekzak en kijk naar de tijd. Half een in de middag, dat betekent dat ze elk moment naar buiten kunnen komen. Ik zucht uit frustratie en ga rechtop zitten als de jongens inderdaad naar buiten komen, ze lijken enthousiast. Zodra ze de bus in komen kijk ik of ik Archer zie. Als hij naast me komt zitten brand ik meteen los. "Waarom heb je me niet gewekt? Hebben jullie gewonnen? Wat was de stand? Wat is er allemaal gebeurt?" vraag ik aan een stuk door. "Ik heb je niet gewekt omdat je ziek bent, we hebben gewonnen," beantwoordt hij mijn eerste twee vragen. Dan knuffel ik hem. "Hey... W-wat doe jij nou?!" roept hij dan. "Er is niemand, buiten Justin, die zich ooit zoveel zorgen om me heeft gemaakt," antwoordt ik. "De rest van het team zei dat ik je maar moest laten slapen," mompelt Archer. Ik laat hem los als Hurley zich van achter ons in het gesprek mengt. "Wij hebben niks gezegd, het was allemaal aan die gast," zegt hij wijzend naar Archer. Ik moet lachen als Archer Hurley terug op zijn stoel duwt. "Van wie was die deken?" vraag ik. "Die lag onder de stoel voor ons," antwoordt Archer. Ik vouw de deken dus maar op en leg hem terug. "Maar hoe voel je je nu?" vraagt Archer dan. "Iets beter, dank je," antwoord ik als ik naar hem glimlach. Hij glimlacht kort terug en kijkt dan uit het raam, het was de warmste glimlach die ik tot nu toe van hem heb gezien en ik wil hem vaker zien.

Reacties (1)

  • Luckey

    love is in the air!!

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen